Categoriearchief: Seizoenen

19 Augustus. Drukte en stilte voor de storm..

De dagen rijgen zich aaneen tot weken en de weken zijn gevuld met de zorg voor 20 honden. Die zorg bestaat voornamelijk uit het handhaven van een strak schema waar ze zich het beste bij voelen. En ik ook. We zijn aan elkaar gewend, het zomer-roedel en ik. We kunnen het met zijn allen goed vinden. Het zijn lange dagen en dat stopt niet op een bepaalde tijd, maar zodra ik de lichten uit doe en “welterusten hondjes” roep om kwart over elf, half twaalf, wordt er ook niet meer geblaft of gemord… dan is voor hen de dag klaar. Ik trek me dan terug in mijn lichte, fijne slaapkamer, zet de radio aan, de deur naar de tuin open zodat Barra en Iona naar binnen kunnen  en vervolgens schenk ik mezelf een slaapmutsje in, een slokje van mijn heerlijke Schotse whisky. Ga nog een uurtje lezen. Ik heb deze zomer heel veel gelezen, van luchtige romans tot indrukwekkende novelles tot spannende thrillers. Het is sinds lang dat ik daar de tijd voor neem. Als ik ook eindelijk het licht uit doe, zie ik vanuit mijn bed de donkerblauwe nacht. Soms bespikkeld met twinkelende sterren.

whisky

Ik heb geen wekker nodig. Exact om half zes, oké, soms om kwart voor zes, word ik wakker en begint mijn “hondse” dag. Het zijn veel wandelingen in de ochtend, maar ook die rituelen kent het roedel. En elke keer als ik zeker twaalf honden heb afgestapt is mijn beloning een tevreden slapende groep en een beker koffie met een broodje. De uren daarna zijn voor van alles en nog wat. Hondjes die komen, hondjes die gaan, was,-en trimbeurten, ik ga af en toe een keer op de fiets naar de supermarkt of met de bus naar de stad, er is veel te doen en de dagen zijn vol.

groepje 12

 

Nadat alles in de avond gevoederd is en voor de tweede keer is afgestapt, hetzij met een wandeling, hetzij met een sprint,- en stoeipartij op het veld, maak ik voor mezelf iets te eten klaar en is het tijd om de radio af te stemmen op de Proms. Ik laat de honden in de achtertuin spelen, terwijl ik -ongeacht hoe koud of warm het is – in het zwembad ga. Daar doe ik mijn dagelijkse oefeningen, 100 x beenslagen voor heupen en knieën, 100 x armbewegingen om mijn schouders en bovenarmen los te krijgen en als ik daarna afgedroogd en warm ben, ga ik nog – in de pauze van de Proms, life vanuit de Royal Albert Hall –  een keer met een groepje honden lopen. Dan is het mooi geweest. Er wordt wat gespeeld, ik pak een hondje apart om een balspelletje mee te doen of op zoek te laten gaan naar een dummy en als ze allemaal de laatste plas hebben gedaan is het alweer kwart over elf en trek ik me in mijn eigen kamer terug. Het is goed zo. Veel hoef ik niet na te denken, tijdens deze honden vakantie dagen. Het voelt als een stilte voor de storm..

013

2 augustus.

Het zomert nog steeds flink door en dat maakt dat ik samen met de hondengroep een tropenrooster heb opgemaakt. We gaan er om zes uur uit en dan keert de rust tegen 10 uur weer terug. Met een kop koffie ga ik eerst de mailtjes beantwoorden die om een antwoord vragen, ik doe de reguliere bestellingen voor vlees en ander voer, noodzakelijke betalingen, ik kijk of er nog schrijfopdrachten zijn en zo ja, dan schrijf ik ze ook. Telefoontjes worden afgewerkt en dan is het de tijd waarop ik een of twee honden apart neem om te borstelen en eventueel te trimmen. Ook zijn er dagen dat er op dit tijdstip honden komen en honden gaan.

Tussen de middag lunch ik met een schaal yoghurt met veel fruit, de honden krijgen iets lekkers en daarna ga ik of boodschappen doen, of iets aan het huishouden, of allebei. Door de extreme droogte verliezen de bomen hun bladeren al en de honden hun vacht, wat ervoor zorgt dat ik niet alleen binnen moet stofzuigen, maar ook buiten moet vegen en bezemen.

De heerlijke uurtjes breken om zes uur aan als alle honden hun avondeten hebben gehad, de bakken schoongespoeld en ik me met een koel drankje in het zwembadje kan laten glijden. Verkwikt maak ik daarna iets te eten klaar; een frisse salade, een verse pizza met veel tomaat en basilicum, avocado, gevuld met koude kip, in ieder geval iets wat gemakkelijk is en vooral licht. Dat eet ik meestal in de tuin, een groot glas koud water met citroen of munt ernaast. Dan laat ik alle honden op het veld spelen, rommelen, snuffelen. De groep die in de ochtend niet heeft gewandeld, krijgt voor het naar bed gaan nog een uitje, maar het hoogtepunt voor hen lijkt toch wel dit avondspelletje. Meer nog dan de wandeling aan de riem langs het hete asfalt naar het veel te droge maisveld. Ze mogen nu niet zwemmen omdat de sloten bol staan van de algen, dus heel veel voegt het sloffende uurtje langs de velden niet toe.

Om acht uur ga ik ervoor zitten: de heerlijke Proms-concerten, rechtstreeks uit Londen op de radio. Ik neem er een boek bij, heel soms ook niet omdat de muziek te mooi is om erbij te lezen en zo nu en dan schenk ik een glaasje whisky in, wat nog een souvenir was van zowel de vakantie van H. en J. als van mezelf. Na het avondconcert ga ik met de honden wandelen die de avond-ronde moeten hebben. En dan, zo tegen half twaalf, vul ik voor de laatste keer van de dag alle waterbakken bij, geef ik alle honden nog iets lekkers voor de nacht en sluit ik voor het eerst sinds het ochtendkrieken de deuren. En open ik die van mijn slaapkamer. Als ik nog een paar letters gelezen heb, is er weer een zomerdag voorbij. Nog 29 dagen leef ik volgens dit rooster. Dan begint er een nieuwe episode, waarin ik mogelijk alleen mijn eigen roedel heb!

011

27 juli Hoogzomer.

Sinds ik terug ben uit het groene en heerlijke Schotland, zucht Nederland onder een hittegolf van tropische temperaturen. De dag na mijn thuiskomst is de eerste vakantie-gast al gebracht. Daardoor staan de dagen vanaf nu in het teken van de hitte en de vakantie-opvang. Er zijn maar twee taken belangrijk: de honden koel en rustig houden Het klasje bestaat nu uit een 17 tal en heb ik hen in twee groepen verdeeld in verband met loopsheden van Skye en haar moeder, die nog steeds hier logeert. De wandelingen zijn vrijwel onmogelijk want al vroeg in de ochtend loopt de temperatuur op. De vaartjes en vennetjes staan bol van de blauw-alg, dus de honden moeten zich behelpen met de diverse kleine badjes. Ik heb er nog twee bij gekocht en dat blijkt geen overbodige luxe met zo’n grote groep waterratten.

015

 

065

 

Omdat Lizzie maandag jarig was, heb ik met mijn beide dochters in Zwolle afgesproken om elkaar daar te treffen, voordat bij mij de grote drukte losbarst. Als ik op het station aankom zie ik ze al staan, twee knappe, volwassen vrouwen, zelfstandig en onafhankelijk. Wat prachtig dat e bij mij horen! We strijken neer op een terrasje van een Bodega, waar we een koel glas Sangria bestellen en een scala aan verrukkelijke kleine tapas gerechtjes, waar we eigenlijk alle drie erg van houden. Het is een heerlijke avond samen die – net als al het goede- veel te snel voorbij is. Als ik om half elf thuis ben weet ik dat ik hier voorlopig op moet teren: de komende maand zullen dit soort uitstapjes niet zo gemakkelijk meer zijn.

Ik zet het mensen-zwembad op in de enorme hitte, moet hier en daar een scheurtje plakken en als het dan eindelijk staat en gevuld is, helpt het me door de ergste warmte heen. Het is grappig om te zien hoe interessant sommige honden het vinden; als ik in het water dobber staan er drie, vier koppen boven de rand te kijken.

37846645_2099925173412021_4993819643983429632_n

 

Dag en nacht staat de oude ventilator van Gijs te draaien. Ik herinner me hoe nodig het voor hem was om dat zuchtje wind in zijn laatste zomer te vangen en nu heb ik het apparaat weer van stal gehaald, met een lichte weemoed schoongemaakt, aangezet en niet meer uit gedaan.

En toch vind ik de hitte niet echt vervelend. Ik pas een rustig rooster toe, hoef geen boodschappen te doen nadat ik een keer naar de supermarkt ben geweest, ik hou mezelf vooral koest, des te kalmer zijn de honden. Als ik een was draai is het binnen een half uur droog en dweilen heeft niet zoveel zin als er steeds honden rechtstreeks vanuit het badje de kamer in gaan. Per dag maak ik hooguit twee wandelingen, om zes uur in de ochtend en na tien uur in de avond. Ik neem dan vier honden mee zodat er per dag acht een wandeling krijgen, maar ik merk dat er een aantal zijn voor wie zelfs dat al teveel is. Dus laat ik ze in de tuin spelen en als de zon wat minder fel is, mogen ze op het vroegere ezelveldje. Dat kan nu, dank zij het harde werken van P. en C.

Het is een merkwaardige niet onaangename, cocon-achtige situatie. Er is binnen enkele dagen een patroon ontstaan en zowel de honden als ik varen er wel bij. We zijn erg op elkaar aangewezen maar tegelijkertijd ook op elkaar ingespeeld en alleen als er iets onverwachts op het erf is, lijkt de rust een tel verstoord. Zo moet het voorlopig maar blijven, dan nemen we de hitte op de koop toe!

4/5 juli. Zomer slaat toe.

Vandaag belooft het een hele warme dag te worden. ik ben al vroeg buiten met de honden, laat Iona haar korte wandeling doen en de andere meisjes de lange. Omdat ik toch vannacht weer weinig geslapen heb, kruip ik nog even een uurtje terug in bed. Het is tenslotte zaterdag en mijn eerste afspraak is pas om half 12.

Samen met Laura ben ik er om 9 uur weer uit en ontbijten we met beschuit met aardbeien. Dat is iets van ons samen, want Lizzie gruwelt van aardbeien. Laura gaat aan haar stageverslag verder werken en ik maak de tuin “kennismakings-klaar.” Zet snel het oude, kapotgewaaide tuintafeltje neer met een kleed erover en haal een paar stoelen van het veld.

Het is snikheet als de mensen met hun beide honden komen. De twee reuen komen hier een weekje logeren in augustus en als ze kennis hebben gemaakt met ons eigen roedel, drinken we een glas water en maken we de afspraken. Een van de honden heeft allerlei allergieën, dus die krijgt medicatie en speciaal voer. Ik beloof hen dat het goed komt en zwaai ze na een uurtje weer uit.

Dan wordt er een logeerhond gebracht: Buddy is hier voor de zesde keer en zal een maand blijven. We gaan in de voortuin zitten en praten wat bij. Wanneer we Buddy’s voer uit de auto willen halen en  er afscheid genomen gaat worden, staan de volgende mensen alweer op het erf: ditmaal is het de man die de hondenweegschaal voor de stichting komt brengen. We rijden het gevaarte met een steekwagentje het kantoor in en ook de chauffeur en zijn vriendin krijgen iets te drinken.

Als ze weg zijn is het half vier….Ik hoef niet veel meer. Laura, Lizzie en ik laten ons in het koele water van het zwembadje zakken. Iona ligt beschut onder de tuintafel nadat ik haar op de nieuwe weegschaal heb gewogen en zag dat ze maar liefst vier en een halve kilo is aangekomen sinds de echo twee weken geleden.

DSCN4895

Het is heerlijk om zo met zijn drieën wat rond het bad te poedelen. De hangmat is een extra luxe ernaast. Ik bereid de maaltijd met allerlei ingrediënten van de “streekboer,” verse geroosterde bietjes met geitenkaas, een stukje mals vlees waar vooral Lizzie zich volop tegoed aan doet, op deze manier kunnen we de zomer wel door. Tijdens zonsondergang zitten Laura en ik opnieuw in het water, met een glas rosé. Het is bizar dat het leven goed is en tegelijkertijd ook niet helemaal. Maar het zwembad idee was een goed idee!

DSCN4893

Zondag zomert het opnieuw. Laura en ik herhalen ons ontbijtritueel en gaan beiden aan het werk. Tegen de tijd dat Lizzie beneden is, is Laura al een eind op weg en de rest van de dag wisselt ze het schrijven aan haar stage-verslag af met het kijken naar een aflevering van een serie met haar zusje. Ondanks dat het ook vandaag erg warm is, zitten we helaas toch veel binnen, omdat er af en toe flinke regenbuien overtrekken. Vanwege de hitte gaan we in de middag nog in het zwembad, maar als we al dobberend in het verkoelende water een paar sterke bliksemschichten over de velden zien trekken, is het korte zomertje van dit weekend definitief voorbij. Laura wil de bus van kwart over vijf hebben, dus ik zorg dat we vroeg eten: avocado-salade met gerookte zalm, lekker stokbrood en nog wat hapjes die over waren van gisteren.

Het onweer ligt nu letterlijk boven ons. Als ik in de keuken sta, knalt er iets in de kamer alsof er een lamp springt. Ik zie een flits en hoor een scherp geluid en dan davert het buiten alsof er een inslag is in een boom op het erf. Alle lampen branden nog dus het was niet binnen maar ik loop toch naar boven om te zien of daar geen probleem is.

Tijdens het eten ontspint zich onverwacht een gesprek over Gijs zijn laatste maanden bij ons. De zomer die vorig jaar geen zomer was voor Gijs vanwege de afschuwelijke, ziekmakende chemo, de luttele keren dat hij zich iets beter voelde en hij schrok van zijn eigen achteruitgang….

Laura heeft enorm de behoefte om de, soms absurde, gebeurtenissen van die periode chronologisch te herinneren: de laatste weken van augustus, waarin mijn vader met een hersen,- en hartinfarct in Maastricht werd opgenomen en ik daar was maar thuis wilde zijn toen Gijs met een longontsteking ziek werd en Lizzie alleen met hem was: de keren dat ik terug reisde en strandde omdat er treindiensten ontregeld waren, wekelijks, door “aanrijdingen met een persoon…” We gaan door tot de laatste uren van Gijs zijn leven en moeten er opnieuw om huilen. Realiseren ons hardop dat alleen wij samen met H. weten hoe het werkelijk was en we die ellende wel hebben kunnen vertellen aan lieve mensen om ons heen maar de zwaarte en de pijn is eenvoudigweg nooit te delen omdat de stank van hevig lijden niet te delen is.

Buiten huilt de wereld net zo hard met ons mee. Laura schenkt zichzelf een glas wijn in. Ze blijft hier. Het regent en onweert te hard om naar de bus te lopen en ze kan nu niet weg na ons gesprek. Morgenochtend is vroeg genoeg, besluit ze. We kruipen met elkaar op de bank en zetten Grey’s Anatomy aan. Na twee afleveringen is het buiten droog, zijn onze hoofden weer schoon en gaan de meisjes nog even in het koude water.

DSCN4661

3 juli. Ach…

…. wat is het toch ver weg, die zeven maanden. Lizzie is vroeg naar school en zal met haar vriendinnen vanmiddag thuiskomen. Ik bak een cake, want ze willen een paar uur samen doorbrengen, alvast voor haar verjaardag, om dan vervolgens allemaal de vakantie in te gaan. De eerste logeerhond van deze zomer wordt gebracht. Het is om elf uur al 26 graden in huis en ik moet vanmiddag met mijn liefste buren naar een notaris, om een contract met de gemeente te ondertekenen over de rioleringsschade. Het contract is in drievoud. Ik heb geen partner die het mee moet ondertekenen.

Laura komt vanavond naar huis. Ze moet dit weekend werken aan haar stageverslag maar kan dat ook hier doen. Als ik mijn mail bekijk, besluit ik in een opwelling een zwembadje te kopen voor in de tuin naast de hangmat: ze zijn nu in de aanbieding en ik realiseer me dat het wellicht de laatste zomer zal zijn dat we hier met zijn drieën veel tijd zullen doorbrengen. Lizzie zal volgend jaar achttien worden en naar Zambia gaan en vanaf dan is het maar de vraag of ik het financieel kan bolwerken om hier te blijven wonen. Bovendien zal ze steeds meer haar eigen weg gaan. De overpeinzing van een paar dagen eerder slaat opnieuw toe en de melancholieke stemming die daar aan plakte, wordt versterkt door deze onherroepelijke gedachten. Het verdriet en de spijt dat Gijs zijn laatste twee zomers uit zoveel slechte dagen met ziek en pijn bestonden, maakt mijn bui er niet lichter op. Ik ga in gedachten terug naar een jaar geleden: Lizzie aan de vooravond van haar grote reis en – laten we reëel zijn- Gijs in feite ook. Wat was hij wekenlang beroerd, akelig en zo ziek. Wat zijn die paar dagen dat het minder was, er maar weinig geweest. De herinnering aan zijn dodelijk vermagerde lijf met de overvolle, zieke buik, de holle ogen en zijn kale koppie krijg ik zelfs met het spoelen van tranen niet weg. Ik probeer de brok in mijn keel eruit te slikken. ik probeer de angst om hier niet meer te kunnen wonen, ook eruit te slikken. 

272

Lizzie komt met een prachtig rapport thuis. Ik wist dat ze zoveel voldoendes had dat ze zonder enige zorg over zou gaan, maar dat er zevens en achten op de cijferlijst zouden staan, had ik niet verwacht. ik knuffel mijn stoere meisje, dat het wat ongemakkelijk vindt, omdat haar vriendinnen er bij zijn. Ze gaan zwemmen in de rivier, met een pak frisdrank en de versgebakken cake mee. 

Bij de notaris wordt alles accuraat afgehandeld. Buren en ik krijgen over een paar weken, maanden, een geldbedragje terug, ter compensatie. Dat is natuurlijk nooit weg, helemaal niet nu ik de belastingteruggave met de schuld van ons oude huis ga verrekenen en ik dus over 2014 niets over ga houden.

De paar tientjes voor het zwembad geef ik echter grif uit, een half uur later. En als Laura de tuin binnen stapt, zijn Lizzie en ik net bezig het op te zetten. Na het eten, dat bestaat uit artisjokken, bacon en stokbrood met kruidenkaas van de boeren, kunnen we er in. 

300

Laura verwoordt deze nieuwe situatie mooi: dit hadden we nooit gedaan als het niet nodig was om goede dingen samen te doen. Wij hebben door de afgelopen zomers geleerd dat een zomer geen zomer is als er verdriet en ziekte heerst. Daarom dat 35 graden warmte ons niet deert. We doen alles in een lagere versnelling en gaan in ons zwembad zitten met een glas rosé. Want wij kunnen dat. 

289

12 augustus. Onweer en schittering.


Toen Lizzie erg klein was, somde ze een keert de seizoenen op als volgt: “Je hebt wind, regen, storm en Kerstmis…” En: een ander gevleugeld gezegde uit haar grote spreukjesboek was: “Mama, de ramen huilen…”

Vandaag lijkt het er inderdaad op. Er was vannacht een heftig onweer dat lang aanhield. Ik ben een keer uit bed geweest omdat ik meende dat er een hond zat te jammeren, maar behalve de laatst binnen gekomen logé die wat heen en weer liep te hijgen, was alles diep in slaap. Zelfs onze kleine Jane. De ouderdom is goed voor haar, ze wordt doof en krijgt het gelukkig allemaal niet meer zo mee. De wilde paniek, waardoor ze  vroeger hele stukken uit de bank en de stoelen beet, is verleden tijd.

In de ochtend staan overal grote plassen; op ons “Place du Theatre,” op het erf, op het veld, in de paddock. En er komt nog veel meer regen en wind aan. Als ons logeetje Bikkel wordt opgehaald, lijkt het even droog. Zijn baasjes zijn van pupkopers tot lieve kennissen uitgegroeid en  ik vind het fijn om hen te zien en om samen koffie te drinken. Maar Gijs voelt zich, alhoewel ook vandaag zeker niet slecht, toch niet goed genoeg om erbij te komen zitten. Om de rust van de honden voor hem te bewaren blijf ik met mijn gasten buiten… totdat er een helse regenbui losbarst. We schuilen bij de ezels en als het wat minder wordt, gaan ze snel in de auto, op weg naar huis. Ik heb visioenen van een heerlijk geurende plantenkas, waar ik kantoor kan houden, de mensen kan ontvangen, kan werken. Zelfs in de regen. 

regenplas

Nee, Gijs is niet heel beroerd. Het valt ons alleszins mee. Toch is er wel iets van een lichte verandering maar ik kan mijn vinger er niet op leggen. Neemt de chemo de werking van de dexamethason over? Of komt het door het afbouwen van het medicijn? Is het zijn humeur? Gaat het zo snel? 

Hij eet veel en met smaak, daar ligt het allemaal niet aan. En het is zeker allemaal nog rustig. Ik probeer niet teveel naar morgen te kijken maar het maar zo aan te zien als dat het is. 

Lizzie neemt ook haar rust, deze dagen. Ze staat laat op, ze leest veel, ze gaat vroeg naar bed. Volgende week om deze tijd is ze alweer naar school: de vakantie om. Bolivia en Parijs achter de rug. Nieuwe lessen, nieuw rooster, nieuw levensdeel.

Later op de dag is het droog. Er moeten weer bramen worden geplukt. Ik neem de oude Chico mee, die voor me uit loopt, op een sukkeldrafje, staartzwaaiend. hij kijkt me verlangend aan: hij wil duidelijk iets doen. ik gooi de dummy, die hij enthousiast, weliswaar minder snel, maar toch genietend binnenhaalt.

DSC_4171bew

Hij mag dat. Zo vaak als hij wil.

DSC_4185bew

Het gaat in een heel rustig tempo maar wat is hij blij.

chico1

Ik laat hem niet teveel doen en thuis krijgt hij een pijnstiller. Hij slaapt voor de rest van de avond tevreden en diep.

Voor het eerst deze zomer doen we in de avond de deuren dicht, vanwege kilte en vocht. We luisteren naar de Proms: Walton en De Zwaan van Sibelius. Lizzie kondigt aan dat ze in bad gaat, maar besluit toch liever op haar kamer te lezen en naar muziek te luisteren die anders is dan de eerste symfonie van Walton.

 Na het concert ga ik pas naar buiten om de ezeltjes op stal te zetten. Het is helder, de maan die vol was, twee dagen geleden, schittert nog steeds groots. Er zijn wat wolken, maar toch is de hemel op sommige plekken open. Ik zie een ster wegflitsen. Aan de horizon flitst het ook: opnieuw is er onweer. Maar het gerommel blijft uit, het weerlicht slechts.

DSC_4114

Zoals ik vroeger met mijn geliefde hond Lewis deed toen we hier nog maar pas woonden, zo ga ik nu met Iona het veld op. Het waait. Ik drink een glas rosé die ik van vakantievierende hondenbaasjes kreeg, die ze voor me meenamen uit de Provence.  Ga zitten op een stoel. Laat alles op me inwerken. We storen een vleermuis die langs ons heen zwenkt. Iona is rondom me aan het scharrelen.  Ze is prachtig in het maanlicht, nat van de dauw en de regen.

DSC_4111

Achter me het blauwe tegenlicht van de maan. Voor me is de fluwelig donkere lucht, die steeds op onverwachte momenten door zilveren bliksemschichten doorklieft wordt. En boven me valt opnieuw een ster, met een duizelingwekkende snelheid baant het zich een briljante weg door het donker. Een kleine vuurbal met een gouden staart. 

Eer ik mijn glas leeg heb, is er nog een meteoor langs de hemel weggespat. Het bliksemen is nu op meerdere plekken aan de horizon. Ik fluit Iona. We gaan naar binnen. Wat was het schitterend. In de regen.

25 februari. Het valt niet samen.

Ons vakantiebesluit indachtig, ga ik me vandaag bezig houden met het zoeken naar de meest aantrekkelijke reis. We moeten rekening houden met het feit dat zowel Lizzie als Laura vrij moeten vragen van hun school, studie en werk, dat vriendinnetje J. ook kan oppassen op de levende have, dus er moeten liever geen logeerhonden zijn, niet in het hoogseizoen dus, en het moet voor Gijs te doen zijn. Met de auto naar Bretagne rijden, om daar met de ferry over te gaan, is geen optie. Dat zal betekenen dat we moeten vliegen. En daarvoor zal ik zelf eerst een gang naar de huisarts maken want mijn vliegangst heeft een grote vlucht genomen nadat we in het voorjaar van 2005 naar Griekenland vlogen en we in een storm terecht kwamen.

Ik slikte toen bètablokkers vanwege hartritmestoornissen en werd zo benauwd in het vliegtuig, dat het me de zorgeloosheid kostte die ik daarvoor wel had, als ik met een vliegtuig moest reizen. Hield ik mezelf de laatste jaren voor om nooit meer te gaan vliegen, nu besef ik maar al te goed dat het “zeg nooit nooit” hier van toepassing is. Willen we een week met zijn vieren weg, dan moet ik mijn angst zodanig onder controle krijgen en gaan.  Het kabelbaantje in Koblenz heb ik toch ook getrotseerd!

DSC_7524

Bij de post liggen maar liefst vier brieven van de belastingdienst. Even ben ik euforisch, de grove fout van onze eerdere adviseur heb ik zelf weten recht te zetten en de brief waarin staat dat we wel degelijk een fijn bedrag terug krijgen, lijkt een gouden glans te hebben. Nog enthousiaster ga ik verder met mijn vakantieplannen. Het valt allemaal samen.

Maar dan loop ik tegen een muur van frustratie aan. Want de reis, zoals voor ons het beste zou uitkomen, moet in een keer betaald worden, omdat er weinig plaatsen zijn. De vliegtickets kunnen met een druk op de knop afgerekend worden, haast is geboden want, de vlucht van een paar uur eerder is al helemaal vol. Ik wik en weeg en reken uit dat het onmogelijk is om nu, in deze dagen, dat allemaal te betalen. Ondanks de brief van de aardige Inspecteur der directe belastingen. Want hij gaat pas over tot betaling, wanneer het voor hen zo uitkomt en dat is niet onderhevig aan mijn nood om nu een vakantie te boeken.

Het maakt dat ik de rest van de dag in mezelf mopperig ben. Ik laat de reis voor wat het is; over een paar dagen maar weer verder.

11 februari. Winterzin.

Het regent. Het waait. De honden zijn onrustig en ik geef ze geen ongelijk. Doordat de bewolking laag hangt is het ook vandaag weer grijs. Gijs komt zijn bed niet echt lekker uit, maar omdat hij naar de fysiotherapeut moet, is er toch een stok achter de deur. Ik zet de ezels nog maar niet buiten… ze hebben een hekel aan nattigheid en alhoewel het eigenlijk veel te “warm” is, merk ik aan hen dat ze het niet prettig vinden. In hun paddock waaien de voeremmers tot tegen de afrastering en ook in de tuin liggen overal takken en rommel.

Ondanks dat ik een hekel aan kou heb en voor mij de winters niet lang hoeven duren, verlang zelfs ik nu naar een paar echte winterdagen.

DSC_0055 (2)

Zodat die dikke bromvlieg die ik alweer in huis heb gesignaleerd, toch aan zijn einde komt. En dat ander ongedierte nog even vervriest.  En gewoon, omdat winter winter mag zijn. 

DSC_0170 (2)

Terwijl Gijs op de sportschool zijn oefeningen doet onder begeleiding van de fysiotherapeut, ben ik op zoek naar een document in de computer. Is het toeval, dat ik na mijn ochtend mijmeringen, op  foto’s van de  winter van 2009 stuit?

DSC_0067 (3)

Ik bekijk ze en voel de schoonheid van de kou. Als er nog een staartje winter zo zal zijn, dan heb ik daar geen probleem mee. Als het dan maar wel zo mooi is. Even.

DSC_0073.1 (3)

1-1-2014. “Spring time.”

Ik maak de meisjes bijtijds wakker met de flauwe woorden: “Goedemorgen.. It’s spring time!” Ze zullen allebei aan de Nieuwjaarsduik deelnemen, die opgezet is voor de reis naar Bolivia van de World Servants. En dus de vaart in Bolsward in springen. Lizzie heeft een bepaald bedrag aan sponsorgeld bij elkaar moeten krijgen om te springen en dat heeft ze op een vernuftige wijze gedaan: Door een oproep te doen aan nota bene mijn kennissen en vrienden om mij níét te laten meedoen aan de duik. En het is haar gelukt. Ik hebmNooit beseft dat er zoveel mensen zijn die niet willen dat ik mij op 1 januari met blote benen, een beschilderd gezicht en een Indiaanse hoofdtooi het koude water in begeef. Terwijl ik toch echt wel voor hetere vuren heb gestaan! Maar, zoals Lizzie aangeeft: “het is niet goed voor je reuma…” en met die morele chantage heeft ze haar volledige bedrag bij elkaar gekregen. We ontbijten met poffertjes en latte macciato, die Laura met een scheutje hazelnootsiroop op smaak brengt om Lizzie haar Koblenzer lievelingsdrankje te doen herinneren.

We zijn ruim op tijd bij de plek waar de groep World Servant-gangers te water zullen gaan. We begroeten alle ouders van Lizzie’s vriendinnen en wensen iedereen een heel mooi 2014 en de meisjes gaan zich omkleden om even later huiverend in een T-shirt hun gezichten te laten schminken. 

Er heerst een gezellige sfeer. Er staat een houtkachel, een tent waarin het in ieder geval windvrij is, er is muziek, warme koffie, thee en chocolademelk, er is erwtensoep verkrijgbaar en broodjes warme worst en er moet zoals altijd gewacht worden tot de bus van 10 over 1 langs is gekomen alvorens het startsein kan worden gegeven.

DSC_7616

Het is voorbij eer we het in de gaten hebben. De meisjes komen nat en koud het water uit en slaan de handdoeken om die ik bij de kachel warm heb laten worden. Gijs maakt foto’s, eet een kommetje soep en dan gaan we naar huis. Want Laura wil nog even douchen voordat we haar naar de trein brengen. 

DSC_7627

De heerlijke week samen is voorbij gevlogen. We nemen op een koud, winderig perron afscheid van Laura en ik wil haar eigenlijk niet los laten. Ik hoor hoe Gijs haar bedankt voor de heerlijke Kersttijd. Lizzie trekt wit weg als de trein van ons weg rijdt en heeft de hoofdpijn die ik gisteren had. 

We zijn alle drie aangedaan en hebben geen trek in een hele maaltijd. Er zijn genoeg restjes over van gisteren. We moeten weer wennen aan onze drie-eenheid. En aan een nieuw jaar. Maar we brengen de avond door met de bekende ziekenhuisserie, waarvan Laura een paar nieuwe DVD’s had meegenomen.


 The End of a Perfect Week.