Maandelijks archief: juni 2013

28 juni. Koksbuis en priesterboord.

Lizzie gaat in de zomer van 2014 voor de World Servants organisatie met een groep van zes jongeren naar Equador om daar een school te bouwen. Een project dat veel geld kost en derhalve nog meer voorbereidingen om dat geld bij elkaar te krijgen. Hiervoor zijn er verschillende acties op touw gezet, van nieuwjaarsduiken tot 24 uur hongeren, van statiegeldflessen acties tot zoutverkoop in de winter. Maar omdat er elk seizoen wel iets bedacht moet worden, zou er ditmaal een “midzomerdiner” georganiseerd worden. Oorspronkelijk ook op 21 juni gepland, maar vanwege verschillende redenen werd dat een week later.

De pastoor van de RK Parochie te Gorredijk, ooit chefkok bij diverse sterrenrestaurants, zou dit diner verzorgen en ik had tijdens een van de World Servants vergaderingen aangeboden om te helpen. Door een onverwachte “bisdom-spoedbijeenkomst” moest de pastoor een uur voordat het diner zou beginnen al weg en dat maakte de situatie wat anders. Ik zou niet alleen meer assisteren.

Koken met een pastoor, verzin het maar. Heb ik ooit zo zout gegeten? Ik heb buffetten voor een compleet circus op een tweepits gasstel gekookt, menig nationaal en internationaal artiest van een maaltijd voorzien,  zelfs een nachtelijk souper voor Al Stewart bereid (eigenlijk was ik ook een sterrenkok.. maar dan kokende voor de sterren) Paul van Vliet roemde mijn aspergeschotel en ik heb zestienhonderd Russische hapjes voor een voltallig theaterpubliek handmatig geproduceerd,  maar een culinaire samenwerking met een pastoor hoorde nog niet bij mijn ervaringen. 

DSC_0005De pastoor had een zes gangen menu bedacht, waar ik hier en daar wat verfijningen in heb aangebracht. Helemaal, omdat we er een zomers thema aan wilden vastplakken, ondanks de wind, de regen en de veel te lage temperatuur.

De zomerse salade met spekjes werd door mij aangepast vanwege de vegetarische gasten. Dat resulteerde in de beroemde watermeloensalade met feta, olijven en munt. De pastoor creëerde de dressing en marineerde de uitjes.

20130628_191304_resized (2)Daarna volgde er een getomateerde bouillon met omeletreepjes. Hij had de bouillon al twee dagen van tevoren laten trekken. Hij maakte de omelet in de middag, zodat het goed kon stollen om later in flinterdunne reepjes gesneden te worden. Zelden proefde ik zo’n heerlijk eiergerecht! 

Als hoofdgerecht volgde een zomerse stoofschotel die werd gekruid met een bijzondere toewijding en liefde. En steranijs. De pastoor stal mijn hart door te mijmeren dat hij droomde van een oude pastorie. (ik zag het voor me, compleet met zwartwitte tegels in de gang, een voordeur met glas in lood raampjes en zijn wapperende soutane als hij zich snel van het ene vertrek naar het andere zou begeven.) Hij droomde ook van een AGA fornuis in de keuken van die oude pastorie. Een reus van een fornuis die de hele ruimte zou verwarmen en waarop hij bloedworst en eieren zou klaarmaken als hij op de zondagochtend vroeg op moest om de mis te leiden. Het aroma van de stoofschotel riep onwillekeurig deze mooie associaties op. Naast de stoof van de pastoor legde ik de Scandinavisch getinte, gekookte krielaardappeltjes met dille (ook goed samen met de rosé gebakken zalm) en als garnituur geroosterde bietjes en courgettes in combinatie met geglaceerde bospeentjes met kervel. Lichtvoetige, heldere smaken die de stoofschotel ondersteunden en eer betoonden.

Na het hoofdgerecht kwam een spoom. Hier had ik mijn voorbereidingen voor getroffen: ik had de dag ervoor een sorbet van verse rozemarijn gemaakt die in combinatie met een witte lambrusco een perfecte “Boisson Frappé” vormde. Een succesvolle improvisatie op een thema.. het was verrukkelijk licht, verfrissend en verrassend. Al zeg ik het zelf.

DSC_2945 (2)Het kaasplankje met roggebrood en appelstroop was een goede zet. Helemaal toen ik een palet aan eerlijke, Friese kazen kon vinden. Een milde, nootachtige Tijnjetaler, gevolgd door de bekende aromatische Riperkrite kaas, de licht pittige Bleu de Wolvega en als laatste de oude, rijpe en overheerlijke Texeler schapenkaas. Een mooier kaasassortiment kan je nauwelijks vinden.

Tot slot was het dessert mijn persoonlijke piece de résistance. Als variatie op de altijd goede Tiramisu had ik een Friese variant met frambozen gemaakt: de “Frisafrisu.” Een zalig huwelijk van geroosterd suikerbrood, frambozen met frambozenlikeur en mascarpone. Afgewerkt met geraspte witte chocolade. Wat een tongstrelend toetje, één waar echt trots op ben.

20130628_214805_resized (2)Het werd een heerlijke dag. Ook al begon die om half zeven, weer eens in de regen, met een kop koffie op het erf omdat Joep, de “ééndagslab” kwam (een labrador voor één dag…) en eindigde het om twee uur in de nacht, ik heb er van genoten. De samenwerking met de pastoor, de hartverwarmende inzet en hulp van de groep jongeren die dit benefietdiner op hebben gezet, de mooie smaken die ik mocht bewerken en het harde keukenwerk waar ik van hou, dat alles maakte dat ik werkelijk genoot. Even helemaal wat anders en tegelijkertijd zo ontzettend vertrouwd dat het bijna pijn doet.

Wat ik het fijnste vond van al deze mooie momenten? Dat was om half twaalf  ’s avonds, toen de gasten tevreden vertrokken. En het groepje “World Servants” liedjes aan het zingen was, met twee gitaren en heel erg veel plezier. Onder hen mijn Lizzie. Ik heb tot in mijn ruggenmerg genoten van de ogenblikken waarop ik haar even onbezorgd, ongeremd, ongecompliceerd en o zo puberblij hoorde schaterlachen. Haar hele gezicht stralend van lach en licht. Een vrolijke, gelukkige veertienjarige tussen haar vrienden. Wat was dat een hartverscheurend genot!

26 juni. Dag Doortje!

Vandaag staat in het teken van Doortje, een hondje dat acht weken geleden onder slechte omstandigheden bij ons kwam. Achterstallig onderhoud, zo kon je haar conditie het noemen en dan is het nog zacht uitgedrukt. Ze heette anders, een naam die niet bij haar paste. Binnen de eerste vijf minuten was ze al aan het vechten met ons eigen traumateefje Jane. Daardoor gaf ze precies de indruk die ik op voorhand vermoedde; een hoogst onzeker angstbijtertje. Met zulke ontstoken oren dat ze wel pijn moest hebben. Dan zijn kleine hondjes of kinderhandjes aan je kop ook heel onprettig en ga je van je af grauwen.

beau4-5In de eerste week is ze getransformeerd tot Doortje: gewassen, medicijnen voor de chronische huidontsteking, antibiotica en pretnison die ook haar zware schijndracht konden temperen. Heel langzaam werd ze wat ontspannen naar ons toe en alhoewel ze prima luisterde en erg mensgericht was, zat daar ook een bijna obsessieve “Ik- ben-toch- alsjeblieft-wel-lief” motivatie achter. Als je haar even streelde, kroop ze bij wijze van spreken in je. Echt een schoolvoorbeeld van een hond die ernstig aandacht te kort is gekomen. In mijn ogen is dat ook verwaarlozing; alleen kun je dat niet aantonen.

Voorzichtig hebben we haar bij andere honden geïntroduceerd, nadat ze door een spiegel van pijnstilling en medicatie zich duidelijk beter ging voelen. Eerst een week lang achter een hekje. Steeds als ze haar lip optrok naar de hond aan de andere kant van het hek, gingen we met een kalme, lage stem tegen haar praten, daarbij de andere hond aaiend. “Jullie zijn braaf, niets aan de hand..” We vermeden dan het prijzende “goed zo!” want het was natuurlijk niet goed te praten dat Door zo reageerde. Een paar keer viel ze uit. Dan was een kort , bits “nee” het enige. We hebben daar geen verdere aandacht aan willen besteden.

Door5De dag dat ze zonder enig probleem naast onze Gerrit een wandeling kon maken, was een bijzonder ogenblik. Gerrit is van nature heel rustig en kijkt niet op of om van gesnauw. Hij heeft een ijzeren vertrouwen in ons en zeker ook in zichzelf. Een reu die door zijn stabiliteit en vooral zijn kalme aard absoluut een hulp is in dit soort gevallen. Hadden we voorheen onze Duffy hiervoor ingezet, nu heeft Gerrit dat stokje waardig over genomen. En het hielp. Doortje stond kwispelend te wachten als ze merkte dat ik Gerrit ging halen voor een wandeling of een speelpartijtje.

Later kwam daar ook Islay bij. Zij is wat drukker van aard, maar zo’n open, onbevangen persoonlijkheid dat ze menig nieuwkomend, onzeker hondje binnen de kortste keren tot spelen heeft gekregen. Islay is heel goed daarin en trekt zich ook niets aan van gegrom en gelip. Doortje reageerde na verloop van dagen ook goed op Islay. En zo wisten we dat ze – met een nieuw verworven dosis zelfverzekerdheid – is staat was om gewoon te reageren op zowel reuen als teven. Mits die niet om haar heen gaan springen.

DSC_1942Dan komt het moment dat een hond er aan toe is om een eigen leven te gaan leiden, en Doortje was hierop geen uitzondering. Ze zou niet in staat zijn om zich te handhaven in de grote groep, onze jongste zou veel te onbehouwen zijn en dat zou alleen maar onrust oproepen. Maar om Doortje week in week uit afgezonderd te houden, juist nu ze zich zo sterk begon te ontwikkelen, was ook geen optie. Dus er werd hard gezocht naar iemand die haar een ideale plek zou willen geven met onherroepelijke liefde.

Die iemand kwam. Met een schat aan ervaring met (oudere) Golden retrievers, met veel moed en doorzettingsvermogen en vooral het vermogen om Doortje lief te hebben met al haar merkwaardigheden en littekend uit een zielloos verleden.

Ze is opgehaald, vandaag. Weer een hondje dat achterin een auto voor het laatst naar me kijkt. Weer even slikken, een beetje een traan op mijn wang. Weer terug lopen en even het idee hebben dat het stil is, ondanks het feit dat er achter het hek een volledig tienkoppig roedel op me staat te wachten.

Dag Doortje, het ga je goed! Laat zien dat je het kan, ik wil je hier niet meer terug hoeven zien!

Door6


25 juni. Vooruitzichten achter glas.

Zo somber als ik gisteren naar de komende periode keek, zo hard word ik vandaag op de feiten gedrukt van een hoopvolle herfst. Het is veel te koud voor de tijd van het jaar, veel te guur, maar ik ga toch even met één van de honden, Islay, op het veldje spelen. Even wat aandacht voor haar alleen. Ik laat haar van alles zoeken: een dummy, een balletje, een stuk gedroogde kippenlever, een knuffelbeest. Keurig brengt ze alles terug, in de juiste volgorde. Ze heeft er plezier in en is razendsnel.

DSC_5898De pluche eend verstop ik in de kuil die Chico heeft gegraven onder de zwarte bessenstruik. Ik zie hoe Islay erin kruipt en dan valt mijn oog op de enorme hoeveelheid groene bessen, die al langzaam gaan kleuren. Ik laat mijn handen over de struik gaan, zie hoe vol ze zit. Dat wordt een grote oogst. Ik zal heel veel potten cassisconfiture moeten gaan maken. Eën van de lekkerste jams die ik ken. En likeur, mijn eigen crême de cassis, voor in de winter. Heerlijk. Ik verheug me nu al op die zoete klus.

DSC_2831 (2)De frambozenstruiken hebben de hele voortuin overgenomen. Ze hangen helemaal vol met aanstaande vruchtjes. Ik had het al eerder gezien: dat wordt een enorme partij frambozenjam, frambozensaus en vooruit maar, ook frambozenlikeur dan. Dat vooruitzicht is nu al om mijn vingers bij af te likken.

Maar dit jaar ziet het er naar uit dat ook de bramen volop zullen rijpen. In de afgelopen drie jaar hebben we niet zoveel braambloesem gehad, ze heeft ons hele veld van een natuurlijke afrastering voorzien. Bramenjam, bramensap, bramengebak, het gaat er allemaal van komen als het de komende weken warm gaat worden.

DSC_2826 (2)En de vlierbomen zijn ook in geen jaren zo vol van bloesem geweest. Dit weekend zal Gijs zich een stuk lekkerder voelen. Ik zal bakken vol vlierbloesem plukken om er heerlijke, knapperige, zoete tempura van te maken. En vlierbloesemsiroop, geurig, goudgeel voor over het ijs in de zomer.Maar er blijft genoeg bloesem over om het te laten rijpen tot vlierbessen. En die gaan deze herfst in de jenever, in de gelei en in de thee. 

DSC_2832 (2)Zoals het er nu uitziet, zal er zoveel fruit zijn dat het veel te veel is voor ons kleine gezin. Dat worden goede verkoopmogelijkheden. Ik kan alvast glaswerk en flessen gaan sparen, dat zal geen overbodige luxe zijn!

22/23 juni. Meisjesweekend.

Omdat Lizzie nieuw ondergoed nodig heeft en Laura het weekend thuis is, gaan we met zijn drieën “de stad” in. Heerenveen is niet groot, maar het heeft de winkels die we nodig hebben en één van de meest verrukkelijke horecagroothandels die we kennen. Daarheen gaan is feest voor ons alledrie. Omdat er een catering op het weekmenu staat, besluit ik om met beide dochters alvast wat voorproefjes te gaan doen en zullen we ons winkelrondje afsluiten met een bezoekje aan deze Hanos. Dat is werkelijk een luilekkerland voor keuken,- en kookgekken als wij en na de noodzakelijke inkopen op de markt en in de andere winkels in de stad, lopen de beide meisjes likkebaardend door de groothandel. Hier een stukje kaas proevend, daar een plakje brood of een toastje met iets culinair bijzonders erop. Laura stuit op een kookboek, dat als een naslagwerk geschreven is. Even draalt ze, maar als we uitrekenen wat hetzelfde boek zou kosten als ze het via internet zou bestellen, vindt het werkje toch zijn weg in het winkelwagentje.  Gebroederlijk naast een blik amarenenkersen en likeur die ik later in de week nodig heb.

DSC_2833 (2)De rest van de zaterdag is nog maar kort. Als we eenmaal thuis zijn, staat alles in het teken van de dag erna, waarop we weer een hondenshow zullen aandoen. Daarom moeten er nog een aantal honden gewassen worden, de logeerkamer moet klaar gemaakt worden omdat een vriendin mee gaat met haar hondje, het zusje van onze jongste. We eten vroeg, zodat we ook vroeg klaar zijn met alles. Laura wacht de meest belangrijke taak; zij zal ons morgen rijden, maar liefst twee en een half uur, naar Brabant. Lizzie heeft aangekondigd ook mee te gaan, dus de auto moet ingericht worden op vier vrouwen in verschillende leeftijdsklassen. En drie teven. Eigenlijk zou er veel chocolade mee moeten.

Als op zondag de wekker om half zes gaat, zie ik dat Gijs weer wakker is. Hij slaapt onrustig, de chemo doet zijn werk maar al te grondig. Ik ruk me met moeite los uit het warme bed en ga de boterhammen voor onderweg smeren. Een half uur later kijk ik neer op de slapende gezichten van mijn beide dochters. Ik voel me ontzettend wreed om hen wakker te maken, maar als ik dat toch heb gedaan, vult de vroege ochtend zich licht met hun heldere stemmen. Ook logeervriendinnetje is al wakker. Gijs slaapt als we tegen kwart voor zeven het erf af rijden. Ik ben niet zo wreed dat ik hem wakker maak om hem gedag te zeggen.

De reis verloopt uitstekend, de stemming zit er goed in. Laura rijdt trefzeker, er wordt met de radio meegezongen. Lizzie heeft het hele rantsoen van broodjes al binnen het eerste uur naar binnen gewerkt. Er wordt gestopt bij een tankstation dat nog niet eens open is maar waar de toiletten wel al zijn gereinigd. Ruim twee uur later loodst vriendinnetje ons in het dorp feilloos naar de plaats van bestemming. Het begint te regenen als we het veld oplopen. De beide fokkers, waar Gijs en ik vorige week mee optrokken, nodigen ons uit in hun knalroze tentje, zodat we gezellig beschermd worden tegen teveel nattigheid.

“The show must go on,” ook tijdens een hoosbui. Vriendinnetje staat met haar hond werkelijk tot op de laatste haar nat te zijn, terwijl de keurmeester op een afstand in de partytent haar oordeel velt. Maar dat oordeel is goed en dat kan ook niet anders. Vriendin heeft hard getraind met haar lieveling om zelfs in een stortbui het beste pootje voor te zetten. Ik ben trots op hen. Maar ook op mijn eigen jongste hond. Waar ze vorige week nog ongedurig was, laat ze het nu allemaal goed gebeuren. Ze staat er mooi bij en ik heb niets te klagen.  Iona daarentegen, laat me goed zien dat ze er geen zin in heeft als ik door omstandigheden onrustig ben. Ze haalt haar kop uit het lijntje en wil niet lopen. Pas als ik een aantal pogingen blijf wagen, herneemt ze zich. Dan gaat het beter. 

IMG_6391 (2)Als ze even later netjes voor de keurmeester staat, aait die haar en lacht naar me: “This is showing as well… we all get days our dogs are a little bit naughty…” Toch weet ze de kwaliteiten van Iona goed te omschrijven en als ze een foto van haar maakt, knikt ze naar me: “She is lovely when she is in the right mood!” Achteraf denk ik… “don’t we all..”

IMG_6381 (2)Uren later zitten we moe, maar tevreden mee te zingen in de auto. Laura brengt ons veilig terug, alweer tijdens dikke regenbuien. De drie honden liggen tegen elkaar te slapen na alle indrukken en thuis lijkt alles rustig. Maar dan merk ik: het lijkt te rustig. Gijs is echt ziek. Hij gaat uitgeput naar bed en is te misselijk om aan eten te denken. Zo vrolijk als de meisjes in de auto waren, zo stil zijn ze nu als ze zien hoe akelig Gijs er uit ziet en hij zich voelt. De avond valt snel en rauw op ons dak.

Het meisjesweekend is voorbij.  

20 juni. Onweer en de hondsroos “strikes again.”

Gijs gaat zwemmen. Nog lekker een keer tegen zijn grenzen aan sporten, het zal weer even duren eer hij de volgende keer in het zwembad ligt. Daarna gaat hij naar een watersportwerf om een bootje te bekijken dat mogelijk een optie is. Ik ga er met een paar honden op uit, nadat ik enkele artikelen over o.a. lampen en t-shirts heb geschreven. Omdat het vreemd klam warm is, draagt de aromatische, lieve geur van de pastelkleurige rozenhagen ver. De hondsroosjes bloeien welig, dit jaar! Halverwege de wandeling zie ik dat er donkere wolken boven de plek trekken waar ons huis ligt. Hoe symbolisch. Er dreigt een fiks onweer los te barsten. Maar als ik een uur later thuis ben, is er  het nog steeds dreigend. De atmosfeer is drukkend. 

Door het schrijven over goedkope t-shirts, waarvan er een van € 146,50  (jawel, een goedkóóp t-shirt) toch wel de meest bijzondere is, ben ik geinspireerd om een shirt te gaan zoeken dat ik jaren geleden voor het laatst droeg maar waarvan ik weet dat ik het nooit heb weggedaan. Ik kom het tegen in een hutkoffer, waarin kledingstukken zijn gedaan in de tijd dat we naar hier verhuisden. Bovenop de stapel kleding kom ik een stukje zeep tegen, op onze laatste vakantie in Frankrijk. Bedoeld om als souvenir weg te geven, maar uiteindelijk als geurelement in een hutkoffer beland. En ja hoor….. zeep van de hondsroos. Grappig, zoals dat thema me deze dagen blijft achtervolgen.

DSC_2773 (2)Later op de middag komt de postbode met een klein pakje. Ik heb een prijs gewonnen uit de webshop van een hondenschool. Het is een zachtzoet roze showlijntje met glimmende kraaltjes eraan. Een lijntje wat ik misschien zelf zo niet bedacht had. Ik bekijk het artikel vluchtig en wil het in de kast met hondenbenodigdheden leggen, als mijn oog valt op twee van de kralen…. Rosa Canina. Toeval of niet? Misschien moet ik dit lijntje zondag toch maar meenemen.

DSC_2769 (2)Als Gijs thuis is van zijn omzwervingen, barst het onweer in volle hevigheid los. De ezels beginnen te balken, de opvanghond blaft want die snapt dat geluid niet en we moeten de lampen aansteken omdat het donker is in huis. Het schijnt morgen het begin van de zomer te zijn. 

Pas tegen half negen wordt het droog en klaart het wat op. Gijs en Lizzie gaan Laura van het station halen, zij komt dit weekend weer om morgen op en neer naar het ziekenhuis te rijden en om er gewoon fijn te zijn. Ik maak wat Vietnamese loempiaatjes klaar, want vaak heeft Laura nog wel trek naar haar lange treinreis en als we daar met zijn vieren wat van hebben gegeten, gaat Lizzie naar bed en Gijs wat op internet speuren. Het is nog licht, ook al is het bijna elf uur. Door de warmte van de dag en het fikse onweer hangt er een hele dikke mist over de velden. Het is sprookjesachtig mooi en Laura en ik besluiten om een lange wandeling te maken met een drietal honden.

Een verstilde, kleine, wazige omgeving waarin de hondenlijven scherp aftekenen. Ze plonzen lekker in het vennetje en genieten intens, zodat Laura en ik ook intens genieten. Eindelijk is dan toch het donker gevallen als we tegen twaalf uur terug naar huis lopen. We hebben samen alles uit het laatste uur van de dag gehaald. Genoeg moed verzameld om de eerste zomerdag met opgeheven hoofd en natte hondenlucht tegemoet te gaan!

DSC_2783 (2)

 

 

18 juni. Rosa Canina in vele gedaanten.

De braamstruiken hebben het raam aan de voorkant van het huis zodanig overwoekerd, dat het lijkt alsof we een groene vitrage aan de buitenkant van het glas hebben hangen. Tijd om met harde hand korte metten met deze stekelige blaag te maken. Gewapend met een takkenschaar, handschoenen, laarzen en andere snoeischaren ga ik aan de gang en realiseer me dat de prins van Doornroosje echt heel veel werk moet hebben gehad. Als er één enkel raam al overwoekerd raakt in een half jaar, dan kan ik me goed voorstellen dat het kasteel van de Schone Slaapster na 100 jaar niet meer terug te vinden was. Het Rozenadagio van Tjaikovski’s Sleeping Beauty neuriënd, baan ik me een weg door de polsdikke doornstammen en de meters lange braamlianen. Langzaam komt het raam in zicht. Aan de andere kant van het venster blaffen de honden, ze snappen er niets van dat ze ineens de lucht weer zien terwijl ze op de bank liggenDSC_2738 (2)

Ik worstel met de gemene doorntakken en ontdek dan ineens een klein, rozigwit roosje. Ik herken haar onmiddelijk. Nee, het is niet Doornroosje, alhoewel je dat in deze situatie zeker zou denken. Het is een kleine, wilde hondsroos, een aandoenlijk, heerlijk geurend inheems klimmertje. Als ik de braamstruik verder kap en tenslotte een heel stuk tuin extra terug vind, zie ik een lange twijg waar meerdere hondsroosjes aan bloeien. Het bloempje heeft altijd tot mijn verbeelding gesproken en weet me steeds opnieuw te ontroeren. Als kind genoot ik al van de hoge hagen hondsroosjes die het pad van huis naar school omzoomden. Zo’n heerlijk parfum, zulke lieflijke, roze tinten, zo echt zomer en onschuld… en in de herfst plukte ik manden vol bottels zodat mijn moeder er rozebotteljam van kon maken.

En dan is er ook het voor mij mooie symbolische van dit roosje. Rosa Canina, hondsroos. In Frankrijk wordt ze de Eglantier genoemd, maar ook de Rosier des chiens. In Engeland heet ze simpelweg dog rose. En dat allemaal omdat het roosje in de antieke geneeskunde gebruikt werd om hondsdolheid tegen te gaan. Ik hou ontzettend veel van honden en bijna even zoveel van rozen dus de hondsroos is mijn lieveling. Ik ben echt opgetogen van het feit dat er zich in onze overwoekerde Doornroosjestuin een eigen Rosa Canina heeft gevestigd. De zachtroze blaadjes zijn al een beetje uitgebleekt door de zon, maar de geur is werkelijk de allerfijnste.

DSC_2736 (2)Ooit kreeg ik van mijn moeder een prachtig boek met de prenten van de Belgische schilder en botanicus Pierre-Joseph Redouté en dan met name zijn tekeningen van rozen. Zowel mijn ouders als Gijs en ik, hebben jarenlang boven ons bed een tweetal rozenprenten van Redouté gehad. Ze spraken tot de verbeelding en ik mocht graag kijken naar de fijnzinnige gedetailleerdheid van de tekeningen en de werkelijke, zuivere, pasteltinten.

36307Ik heb zijn Rosa Canina in het boek opgezocht en vergeleken met de hondsroosjes uit onze eigen tuin. Ze zijn identiek. De ene getekend in 1826 en de andere tot bloei gekomen in 2013.

100_0800Maar ik heb nog een duimnagelgroot hondsroosje. Ooit op een veiling gekocht. Een speld van goud met een klein diamantje in het midden en zacht roze emaille dat de roos zijn kleur geeft. Heel fijntjes en tot in de kleinste details versierd. In Engeland, in de Victoriaanse tijd ontworpen om een das van een edelman te sieren. Nu draag ik het al jaren bij speciale gelegenheden op de revers van mijn jasje. Mijn eigen lieveling: de Rosa Canina!

DSC_2758En al deze mijmeringen ontstaan zomaar terwijl ik een hartnekkige, prikkende braamstruik te lijf ga en een teer bloemetje tegen kom.

DSC_2761

17 juni. Koken in Toscane.

Een van de leuke dingen van het schrijven van artikeltjes is, dat je soms een extra interessante opdracht kunt aannemen. Doorgaans schrijf ik over winterjassen, goedkope spiegels, allerlei modemerken en schoenfabrikanten, maar zo nu en dan komen er wat andere opdrachten tussendoor. En als je maar snel vist en goed hengelt, kun je er een binnen halen. In het kader van Gijs zijn zoektocht naar “Hét Bootje” heb ik een opdracht voor een botenwebsite aangenomen. Ik moest schrijven over de voordelen van een online boten aanbod. Ik hoefde alleen maar naar mijn echtgenoot te kijken om te zien wat er de voordelen van zijn, en dan zijn 350 woorden snel weggetikt.

Vandaag was er een losse opdracht tussen de lampen outlet en goedkope teenslippers. “Koken op vakantie in Toscane.” Onmiddelijk zag ik daar mogelijkheden in. Tijd is geld in deze vorm van schrijven, hoe langer je er over doet des te minder je ermee zal verdienen. Tegenover 350 woorden staat een luttel bedrag van €5, 60 en wanneer je daar twee uur over doet is het aardig onderbetaald. Maar hier had ik zin in. Lekker op internet naar kookcursussen in Toscane zoeken, charmante vakantieboerderijen googelen en zeker niet in de laatste plaats mijn eigen prachtige boeken over de Toscaanse keuken weer eens koesterend bekijken.

DSC_2762 (2)Tien jaar geleden was ik een groot liefhebber van de Amerikaanse schrijfster Frances Mayes die een vervallen huis in Toscane kocht en daarover haar eerste boek schreef van wat een indrukwekkende serie zou worden. Een huis in Toscane kreeg  een aantal vervolgen en ik verslond ze. Niet alleen omdat ze zo watertandend heerlijk schreef over haar prachtige huis, maar ook omdat ze de hoofdstukken lardeerde met fijne recepten van de regionale Toscaanse keuken, daarbij de seizoenen nauwlettend volgend.

DSC_2764 (2)Even weer eens haar boek ter  hand nemen en inspiratie opdoen voor een eenvoudig artikeltje over koken in Toscane. Het bijzondere hiervan was, dat ik in alle rust tussen de slapende honden kon genieten, eigenlijk even weg was van onze eigen boerderij. Gijs was naar het zwembad en ging bootjes kijken, ik moest lezen over Toscane. Wat een opvallende taakverdeling! Door de recepten te bekijken, in mijn boeken te bladeren, verschillende reisorganisaties te bekijken die workshops aanbieden, was ik eigenlijk een heel klein beetje in Toscane en rook ik de kruidige geur van de tijm en oregano die door de zon worden gedroogd.

Niet alleen bracht het me de inspiratie om het artikel te schrijven, maar ook om vanavond weer eens onze lievelingssalade te maken, de altijd zonnige, meditterane en o zo overheerlijke watermeloensalade met rode ui, zwarte olijven, zoute feta en handenvol geurige munt. Stokbrood erbij met knoflookboter en kaas en een glas koele, witte wijn en kijk!  We hebben een beetje Toscane onder de rook van Heerenveen!

DSC_2579 (2)

14 juni. Gevaarlijke schoonheid.

Een ongeluk zit in een klein hoekje, geeft het spreekwoord aan. Op een boerderij is dat zeker van toepassing en daarom moeten we regelmatig allerlei zaken nalopen. Na een periode van flinke wind zoals de afgelopen paar herfstachtige lentedagen, komen soms venijnig scherpe stukken steen bloot te liggen in de paddock van de ezels, afgerukte takken die voor valpartijen kunnen zorgen, afrasteringen waar randen verbogen raken, struikelgevaarlijke kuilen, kortom, aan alle kanten loert het gevaar voor ezels, honden en mensen.

DSC_2731 (2)

Jaren geleden heb ik eens in Frankrijk een prachtig geel bloemetje nagetekend. Een zonnig madelief-achtig bloeiertje. Ik vond het beeldig en zag het veel in bermen langs de weg staan. 

Toen ik enkele maanden daarna een cursus “omgaan met ezels” volgde door de bekende paarden,- en ezelfluisteraar Ben Hart kwam ik er tot mijn grote teleurstelling achter dat het frêle, lieflijke bloempje een giftige moordenaar is voor alle graseters. Zolang het Jacobskruiskruid  bloeit zullen ze het instinctief niet eten, maar in gedroogde vorm, wanneer het in hooi terecht komt, proeven en ruiken de dieren het niet. Als ze van deze plant binnen krijgen, kunnen ze erg ziek worden door een acute leverontsteking. Met soms dramatische gevolgen, 

kruiskruidReden om deze beeldige sluipmoordenaar te mijden en te bestrijden maar vooral om hooi dat van een voor ons onbekende leverancier komt, helemaal uit te pluizen. In gedroogde vorm is het kreng zo mogelijk nog gemener omdat je het nauwelijks ziet.

Vandaag zie ik tot mijn grote schrik, als vanuit het niets, op ons erf naast de mesthoop een polletje overbekende schattige bloemetjes. Het eerst wat me te doen staat is het onkruid met kluit en al uitsteken en verbranden. Geen ezel of hond mag hiermee in aanraking komen.  Zo mooi maar toch zo gemeen.

DSC_2713 (2)

 

13 juni. Een korte dag.

Ik sta vroeg op omdat er een hond in de dagopvang komt en al om zeven uur wordt gebracht. Als ik mijn ogen open doe en de wekker uitzet voel ik het al: een hoofddeksel van pijn. Om het niet te laten voortduren grijp ik, na een gedwongen boterham, naar een pijnstiller in de hoop dat ik op tijd ben. Gijs gaat voor het eerst sinds drie weken weer een dagje naar zijn werk. Hij zal later op de avond pas thuis komen, omdat hij ook een bootje gaat bezichtigen wat hij graag zou willen hebben. Samen met Laura zorg ik ervoor dat hij het vaartuigje vanavond nog zal kunnen reserveren als het allemaal doorgaat.

In de middag staat er een kennismaking voor een vakantie-opvang-hondje gepland. Niet bepaald een dag om met een barstende hoofdpijn door te brengen, maar zoiets kun je niet sturen.

Ik beweeg me op de automatische piloot want de hoofdpijn gaat zich gedurende de dag tot een migraine ontwikkelen, compleet met misselijkheid en kleurige vlekken in mijn hoofd. De pijnstillers doen niets.

Als het zomerhondje met zijn baas op bezoek is geweest en later op de middag de opvanghond is opgehaald, sleep ik me door de uren die komen. Lizzie besluit dat het genoeg is en stuurt me naar bed. Gijs en zij eten vanavond iets van de snackbar, het is de laatste dag dat Gijs zijn medicatie heeft van deze periode en dat mag ook best gevierd worden met een kaassouflé en friet.

Ik val om half acht in een diepe, droomloze slaap en wordt tegen half tien wakker. Ondanks dat ik het gevoel heb dat ik moet spugen, heb ik toch flink dorst. Ik kruip het bed uit om wat te drinken. Voor de slaapkamerdeur liggen acht honden in het smalle gangetje gepropt… iets is vreemd voor hen. Ze snappen er helemaal niets van dat ik er niet ben maar toch ook weer wel, dus gaan ze achter de deur liggen waken. Aandoenlijk maar onhandig.

Na een paar slokken ga ik terug naar bed, rillend van de kou en de hoofdpijn. De dag is kort… opnieuw val ik in slaap om pas de volgende ochtend om kwart over zes met een stampende hoofdpijn weer op te staan. Maar: een nieuwe dag, een nieuwe kans op opklaringen!

100_2422

 

 

12 juni. Een stokje en een prins.

Als ex balletdanseres ben ik natuurlijk groot geworden met de bekende balletmuziek van Peter Iljitsj Tsjaikovski. Russisch, soms melodramatisch, romantisch en vooral heel melodieus. Heerlijk voor elk moment van de dag in de balletstudio of op het toneel. Zijn Zwanenmeer, Notekraker en Schone Slaapsters zijn de klassiekers waarop een balletdanseres leert lopen en de rest van zijn concertante oeuvre… daar leer je op te dansen.

nationale ballet grand jeteWat ik in de begintijd van mijn muzikale voorkeuren nog niet zo goed kende, waren de opera’s van Tsjaikovski. Maar in de tijd dat ik al bij het Nationale Ballet danste en er een nauwe samenwerking met de toenmalige Nederlandse Opera Stichting was, leerde ik één van de opera’s van Tsjaikovski van binnen en buiten kennen: Pique Dame, of in het nederlands: “Schoppenvrouw.” Destijds  verzorgde  Rudi van Dantzig de choreografie voor de balletdelen en danste ik er met veel plezier enkele rollen in. Toen dezelfde productie enkele seizoenen later in reprise ging en ik al niet meer op volle kracht mocht dansen, werd ik de assistente van Rudi en studeerde ik samen met een andere, jonge regie-assistente de hele opera in, tijdens de periode dat de drukbezette regisseur nog in Engeland was. Elke beweging van elk koorlid of solist kende ik op mijn duimpje en vanzelfsprekend ook elke noot van de muziek. Waar ik toen de euvele moed vandaan haalde weet ik niet goed meer, maar ik herinner me nog wel dat ik een aanvaring had met de dirigent, de grote Edo de Waart , omdat ik de snelheid van zijn tempi bekritiseerde. “Mijn” koorleden en danseressen konden daar niet mee overweg. Christian Badea, de dirigent die de productie in 1982 leidde, was veel soepeler geweest in het aanpassen van de snelheden. Mijn gepassioneerde verzet ten overstaande van een heel koor en orkest ontlokte meneer de Waard een boze bui. Hij bood me kwaad zijn baton aan met de gevleugelde uitspraak: “Ga je gang, als je het zo goed weet. neem het stokje maar over..” 

Ik heb het stokje nog steeds als een kostbaar relikwie. Van uit de tijd dat doorzettingsvermogen een van mijn sterkste talenten was.

Onverwacht kwam ik op internet de aria tegen van “Prins Jeletski” uit “Pique Dame.” Vadertje Tsjaikovski op zijn best, zo romantisch en lyrisch dat ik het graag hier wil plaatsen. Op het moment dat deze aria ingezet werd, spoedde ik me altijd naar het toneel toe om ervan te genieten. De charismatische tenor op dit filmpje maakt het plaatje compleet, maar het donkere zijtoneel waarop ik ademloos naar deze aria stond te luisteren, meestal in de aanwezigheid van een toen dierbare vriend, dat beeld koester ik, samen met de baton van Edo de Waart, tussen mijn inmiddels wat stoffige, maar o zo dierbare theatrale herinneringen.