Maandelijks archief: november 2013

15 november. Socialisatie.

“Er komt een wagen met zand en later op de dag keert hij terug met stenen..” was het berichtje dat ik op mijn mobiele telefoon las. Omdat het vandaag kalm, droog weer is, besluiten we bijtijds in de ochtend een plek op het erf vrij te maken zodat het zand daar gestort kan worden.Zo dicht mogelijk bij de plaats delict, daar waar uiteindelijk alles bestraat moet gaan worden. De energie van gijs is weer wat terug gekomen en hij sjouwt opgewekt alle spullen die op de nominatie staan om afgevoerd te worden naar de stort. Mijn mooie terra cotta vaas, die door de storm in stukken is gevallen, oude stukken gaas, kapotte emmers, allerlei zaken vinden hun weg naar de aanhangwagen. Als we na een uurtje een groot stuk bouwplastic neerleggen, heeft Gijs veel gedaan. Ik maak op het veldje een nieuwe, grotere ren voor de pups. het is zulk zacht weer dat ze best een tijdje buiten kunnen spelen. Vanuit mijn ooghoek zie ik een vrachtwagen met een enorme hoeveelheid zand over de weg rijden. Ik kan me niet voorstellen dat het voor ons is, maar voor de zekerheid roep ik Gijs toch maar even. Die springt op zijn fiets en gaat het pad af, naar de weg. De chauffeur geeft aan dat hij wel degelijk voor ons komt. Maar wij weten dat hij onmogelijk het pad af, de bochtjes langs en het hek door kan. Er zit niets anders op dan de paddock van de ezels open te leggen, zodat de vrachtwagen in een rechte lijn het erf op kan rijden. 

Ik lok de ezels naar hun nachtstal onder luid protest:  als het zulk lekker weer is hoef je toch niet opgesloten te worden in een stal? Ondertussen haalt Gijs de afrastering los en rukt een paal uit de grond. De vrachtwagen kan eindelijk doorsteken, nadat er een aantal takken van de bomen langs het pad zijn afgebroken. De pups, die inmiddels buiten zijn, verblikken of verblozen nauwelijks als de enorme wagen met dito geweld vlak langs hen jaagt. Socialisatie nummer één van vandaag.

autootje1Het zand wordt voor onze slaapkamer gestort. Een enorme bult. “Maar…”geeft de chauffeur lakoniek aan; “er komt nog vijf kuub. En vanmiddag breng ik de pallets met stenen..”

bergje zand1Ik kijk naar het weerbericht en zie dat het droog en zonnig blijft, goed genoeg dus voor de pups om buiten te blijven en de vrachtwagen nog een paar keer heen en weer te zien gaan. De buren, die zelf een nestje New Foundlanderpups hebben, maken gretig gebruik van mijn idee om hun zeven weken jonge grut met een rennetje bij die van ons te zetten. Zo wennen ze aan een ander ras én aan de vrachtwagen.

neighbour2Het wordt een lange middag. De pups genieten van de buitenlucht en zijn nieuwsgierig naar hun zwarte, dubbel zo grote buren en wanneer in de namiddag het laatste transport de stenen komt brengen, worden ze nog eens geknuffeld door de collega’s van Gijs, die in een personenbusje erachter aan reden. Als het dan begint te schemeren zijn we zes pallets met stoeptegels, 17 kuub zand en negen vermoeide pups rijker. En een vermoeid baasje. Want Gijs is erg moe. Maar voldaan!

symfonie in geel

 

stenen1

 

14 november.. twee jaar terug in de tijd.

Twee jaar geleden haalden we hem op, onze Gerrit. Een prachtige Golden Retriever die eigenlijk niet binnen ons kader van “senioren-opvang” paste met zijn toen net vier jaren. Maar zijn eigenaresse, A., was zeer ernstig ziek toen ze me benaderde om Gerrit op te vangen en na een kort maar stevig beraad besloten Gijs, Lizzie en ik dat Gerrit meer dan welkom was. Hij zou een goede leeftijdsbrug slaan tussen onze oudere honden en de piepjonge teefjes. Bovendien was er een groep mensen die allemaal begaan waren met A. en haar Gerrit en met reguliere, maandelijkse donaties, waren we in staat om Gerrit bij ons een goed tehuis te geven.

Gijs en ik reden naar Gerrit’s verblijfplaats en troffen A. aan, die zo intens breekbaar en broos was, dat we wisten dat het haar laatste krachtsinspanning was om Gerrit over te dragen. We troffen een vrolijke, blije Golden aan, die op de bank naast het bed van zijn vrouwtje kroop en zich met de vingers, zo fragiel als vlindervleugels, liet strelen. We troffen een man aan die zijn vrouw ging verliezen en een jongen die afstand ging doen van zijn hond. Met een loodzwaar hart, diep onder de indruk en met een schat van een Gerrit reden we een uurtje later terug naar huis. Daar werd hij direct door onze Islay in de poot genomen. Er werd gespeeld en gedold, de lichte vacht van Gerrit kleurde binnen de korste keren grauw omdat hij de mesthoop als glijbaan ontdekte- die naderhand zou blijken – zijn grote liefde ná Islay zou worden. 

glijbaan4 glijbaan3.1 glijbaan3 glijbaan2.2 en klaarIk stuurde de volgende ochtend een mailtje naar A. om te vertellen dat Gerrit het prima deed bij ons en hij een rustige, gezonde nachtrust had gehad. Enkele uren later stierf ze. Ze heeft vermoedelijk nog wel meegekregen dat Gerrit “thuis” was.

Nu is het weer somber, grijs en koud. De dagen lijken op de korte, natte dagen van twee jaar geleden. De sterfdag van A., haar indrukwekkende begrafenis- waar we met een heel forum aan Golden Retriever vrienden bij waren- waar werd verteld over haar grote liefde Gerrit, waar ik zijn puppenhalsbandje in haar graf mee gaf… A. en Gerrit, een twee-eenheid. Alle beelden tekenen zich weer in mijn hoofd af. Helemaal nu ik mijn neus niet in Gerrit’s meestal niet schone vacht kan drukken. Nu ik niet mijn tranen aan zijn oren kan drogen en zijn grijnzende snuit boven de rugleuning van de stoel mis.

Lieve A. nog steeds leef je in mijn gedachten. Je moed, je kracht, je durf en je kunde om je liefde over te geven. Om verder te denken dan je eigen einde… voor Gerrit. Morgen zal het kaarsje branden en haal ik Gerrit terug. In mijn hoofd. Want hij is gelukkig, daar waar hij nu is. En dat is helaas niet bij mij……

DSC_0135

 

12 november. Over modder, westenwind en eikels…

Enkele jaren geleden schreef ik  de onderstaande column. We waren toen nog opgetogen door het onderwerp.

Inwonend Assistent

Vandaag is de man er, die de lekkage gaat verhelpen. Ook nu is het weer een miezerige, dreinige, grijze, kille, dag. We hebben eerst een kennismaking op de agenda staan, met mensen die hun hond in de zomer bij ons in pension willen brengen. Wanneer ze in de druilheid van ons bestaan binnenstappen zie ik de fijngebouwde, zeer elegante vrouw even slikken als ze de talloze modderpoten op onze plavuizen ziet. De schattige pupjes verzachten een hele hoop, maar noch Gijs, noch ik lijken in staat om haar een ander beeld van onze kennel voor te schetsen dan wat ze nu ziet: veel grijsheid en modderhonden, vochtplekken op de muur en etensbakken op de vloer om de regendruppels op te vangen. Als de mensen na een dik uur weg gaan en ik me vertwijfeld afvraag of ze het wel aandurven om hun hond bij ons onder te brengen, stapt A. binnen. Hij komt net van de buren. Heeft daar vele klussen geklaard maar vanmiddag heeft hij er koffie gedronken en hun New Foundlander pups bekeken. Eerst hangt hij lekker ontspannen boven de ren van onze “kleine blondjes.” Vervolgens vraagt hij om een ladder en gaat in de regen de schade bekijken. Gijs pakt eerst de kleine trap, dan moet A. toch hoger en haalt hij de lange ladder erbij.  Het probleem is al heel snel duidelijk. Op de grens van het rieten dak en de dakpannen is een heel gat in de isolatie geslagen. Daardoor slaat met de westenwind het water naar binnen. Dat kan zich geen weg naar buiten meer banen en daardoor hebben de gipsplaten zich helemaal vol gezogen. Maar A. haalt een paar dakpannen weg en gaat met zijn hand het gat in. Ontdekt een holte. Ontdekt een opslagplaats van eikels en hazelnoten. “Dit is werk van een eekhoorn.” zegt hij op gedragen toon. Gijs en ik kijken elkaar aan. We realiseren ons ineens dat er geen eekhoorn in ons huis huist, maar dat we sinds enkele weken weer het bekende herfstgetrippel horen boven onze hoofden op bepaalde momenten van de avond. Het is onze INAS. 

Er wordt een plan gemaakt om tenminste de ravage die hij heeft veroorzaakt, te repareren. En dat is nogal wat. Maar we moeten ook een stelling nemen: laten we hem blijven, halen we de dierenbescherming erbij zoals het eigenlijk hoort of moeten we strakkere maatregelen gaan nemen? Ik ben er nog niet uit.

11 november..

Het is een grijzige dag, als domper op de helderheid van gisteren. Zo’n dag dat je niet op gang komt, dat alles tegen lijkt te zitten. Weer een afwijzing op een sollicitatie, waar ik écht heel erg veel zin in had en alles van het lijstje van de vereisten kon aanstrepen. Boos en moedeloos, dat zijn de kernwoorden wanneer ik zo’n nietszeggend briefje lees. Maar alle andere dingen moeten wel gewoon doorgaan: ik maak een afspraak met iemand die morgen de lekkage komt bekijken en zie dat het balboekje van de puppen deze week ook vol loopt. Een collega van Gijs stuurt me een berichtje dat er vrijdag zand en stenen worden geleverd om de tuin te bestraten en er moeten wat artikeltjes geschreven worden. Iemand attendeert me op de schrijfwedstrijd, door de Heerenveense Courant uitgeschreven. Drie jaar geleden won ik de eerste prijs, ik denk niet dat het handig is om nu weer mee te doen. Ik kom niet lekker in de benen en heb behalve een berg wasgoed ook een berg emails te verwerken. Manhaftig begin ik me door alles heen te bijten en besluit daarbij te luisteren naar Mozart’s klarinetconcert. 

Het allegro roept herinneringen op aan mijn prille jeugd. Vreemd genoeg aan de tijd van vóór ik danste, het eerste deel van mijn jeugd waarvan maar weinig beelden zijn over gebleven. Toch geeft het Allegro een sfeer weer van bescherming, warmte, rood fluweel, groene planten een leren stoel en sigarenrook. Eind jaren zestig. Er is iets innigs en dierbaars aan deze beelden en deze muziek. Ik kan zomaar sneller door mijn maandagse taken gaan, de klarinet geeft alles een lichtvoetigheid mee.

chicoAls ik dan later op de middag door de grauwe miezer ga met Chico, mijn ouwe, trouwe, Gouwe vriend, voor de eerste keer dit jaar diep weggedoken in mijn waxjas, neurie ik onwillekeurig het Adagio uit dit prachtige concert.  De muziek maakt dat alles niet zo erg is.  Geniale Mozart, wat een genot om het te kunnen horen.

9/10 november. Volle agenda.

De weekenden zijn in deze periode vol met afspraken rondom de honden en vooral rondom de pups. Voor Lizzie en Gijs zijn dat de momenten dat ze zich wat terugtrekken. Maar ook omdat de normale dingen gewoon doorgaan. Zo is Lizzie vandaag betrokken bij een boekenmarkt ten bate van de World Servants reis naar Bolivia en moet Gijs haar brengen en halen. Ik heb vanaf tien uur een stagiare, die me helpt met het verzorgen van de pups en het verschonen van de ren, maar ook het bijtrimmen van de twee teefjes Iona en Islay, die morgen samen naar de Kastanjeshow van de  GRCN (Golden Retriever Club Nederland) gaan. Skye moet nog even gewassen worden en dan is het de tijd waarop ik alles in gereedheid breng voor het wekelijkse Open Huis. Koffie en thee, frisdrank en iets lekkers komt op tafel.

DSC_5662 (2)Noddy en Chico, de ouwe reuen, gaan met een kluifje apart in de slaapkamer waar het rustig is en ze hun broodnodige siësta kunnen houden. De andere honden gaan naar buiten, behalve Baloe die anders halstarrig drie uur lang blijft blaffen met het geluid van een zeehond. Ook Skye blijft vanzelfsprekend binnen zodat ze bij haar pups kan. 

Gijs is vrij vlot terug van de boekenmarkt en maakt wat parkeerplaatsen vrij. Want een puppenmiddag kan zomaar zeven auto’s opleveren en die moeten allemaal geparkeerd worden rondom ons erf. De stagiare wordt door haar moeder opgehaald, in de regen staan we nog even wat bij te praten en dan haal ik de stofzuiger en de dweil door de kamer. Als ik de dweil net uitknijp en de koffie in de thermosfles heb geschonken, stappen de eerste pupkopers al binnen. Ze hebben de kleintjes twee weken niet gezien en spreken hun verbazing uit over hoe groot ze alweer zijn geworden. 

DSC_6259 (2)Ondanks dat het druk is, zeker voor Gijs, is het altijd wel erg leuk. Ik zorg dat de pups tijdens de bezoekmiddag hun eten krijgen en er zijn vele handen die daarmee willen helpen. Kleine kindertjes aaien de kleine hondjes met kleine vingertjes door de spijlen van de ren. Vandaag zijn er maar een paar gezinnen en dat zorgt ervoor dat ik iedereen wel even wat gemakkelijker kan spreken.

Als om half vijf de laatste mensen weg gaan en Gijs alweer naar Gorredijk rijdt om Lizzie op te halen van haar boekenverkoop, arriveert de eigenaresse van Jelle, de vader van ons nest met haar partner.Ze komen Jelle’s nakomelingen bekijken en ik heb ondertussen al een pan soep gemaakt, die we met stokbrood en kruidenboter erbij eten. Lizzie heeft een vriendinnetje meegenomen die ook de pups wil knuffelen en verbaasd is dat we erwtensoep eten, die geen snert is. Nog verbaasder is ze, dat het lekker is. De beide meisjes hebben onverwachts een spontaan boekenfeestje en Gijs gaat opnieuw het vervoer regelen. Pas als hij terug is, worden de pups één voor één aan een grondige inspectie onderworpen. Ze worden dan als echte showhondjes neergezet op tafel, zodat de bouw goed bekeken kan worden. Ze zijn nog wel erg jong met hun vijf weken, maar we zijn verwonderd dat ze allemaal toch al stevig op hun pootjes staan en dat er wel wat te zien valt. Het algemene oordeel is éénduidig: het zijn mooie hondjes!

grijsxtraAls ons bezoek in het donker afscheid neemt en Gijs Lizzie gaat halen van haar feestje, ruim ik de afwas weg en geef ik de pups hun laatste voeding. Ik ben precies vijftien uur in touw geweest. Ik zet de voedseldroger uit waar ik de kippenlevertjes voor de showhondjes heb gedroogd, ik pak de tas in voor morgen en om één uur doen we de lichten uit.

Gijs brengt vriendinnetje J. mij en de twee hondjes naar Assen. We zijn ruim op tijd en installeren ons. Doordat we een half uur voordat de show begint al klaar zijn met het opzetten van de ren, heb ik de gelegenheid om met Iona wat te oefenen in een lege ring. Dat is prettig; zodoende “voelen” we de vloer even, heeft zij weer het ritueeltje te pakken en komt er een soort rust over me heen. J. zal vandaag Islay voorbrengen. Het is de eerste keer sinds anderhalf jaar dat Islay weer mee is naar een show en dat is zeker voor haar, als gevoelig hondje, weer even wennen. Maar de kalmte die J. tentoonspreidt komt goed op Islay over.

Het is gezellig langs de ringen. Er zijn vrij veel bekenden, lieve mensen die zomaar even komen kijken en met wie het goed toeven is. Als ik met Iona aan de beurt ben, merk ik dat ze – alhoewel altijd even vrolijk en kwispelstaartend – ditmaal zelfverzekerd door de ring loopt en geen enkel moment twijfelt. Ondanks dat ze dit maal niet in de prijzen valt, ben ik erg blij met hoe ze zichzelf presenteerde. De keurmeester geeft een lovend kommentaar en dat alleen al is de moeite van het showen waard.

ionaJ. moet direct na ons met Islay de ring in. Voor mijn ogen ontrolt zich een team. Islay staat goed en loopt blij te dansen, volkomen vertrouwend op J. Even schrikt ze van iets dat naast de ring omvalt, maar ze herstelt zich snel en kijkt naar J. voor steun. Met haar vrolijke koppie en haar stevige staartzwaai en zeker ook haar gangwerk doet ze niet onder voor de meer geroutineerdere showhondjes. Van de negen in haar klasse worden er drie met een handdruk de ring uitgestuurd. Vervolgens loopt de keurmeester richting J. maar slaat haar over. Nummer vier wordt voor de aanwezigheid bedankt. Ook de exposant die achteraan stond zie ik weggaan. Dat kan alleen maar betekenen dat J. met Islay tenminste de vierde plaats krijgt. Maar ze wordt naar een andere positie binnen de opstelling gezet en ik herinnerde me ineens de euforie die ik een paar maanden geleden in Rotterdam voelde toen mij dat overkwam. Dat kan alleen maar betekenen dat J. met Islay de derde plaats heeft! Inderdaad staat het koppeltje enkele tellen later achter het bordje 3. J. stralend en ik natuurlijk weer opnieuw een traantje wegpinkend. Ik blijf emotioneel incontinent. Dat blijft maar doorgaan in deze tijd van mijn leven.

IMG_1647 (2)Moe maar zeer tevreden zitten we een paar uur later opnieuw aan de soep met brood. Dit weekend was welbesteed en het allerprettigste is, dat Gijs zich niet heel slecht voelde en het gezellig vond. Daarmee gaan we de nieuwe week weer in!

 

8 november. Pups zijn vijf weken oud.

Vijf weken alweer.

DSC_6031 (2)Ze rennen door de ren, ze slopen alles wat ze voor de pootjes komt, ze eten samen ruim een kilo vlees per dag, ze hebben de meest lieve snoetjes, ze stinken soms een beetje naar zure melk, ze zijn zo zacht en donzig dat het knuffelbeestjes lijken, ze vallen op hun moeder aan als een school piranha’s, ze vallen zomaar tijdens het stoeien in slaap, ze vallen elkaar aan met grote-honden-gegrom, ze vallen op door hun mooie, lichtgouden velletjes en we zijn helemaal voor hen gevallen.

DSC_6060 (2)Dat ze over drie weken alweer uit ons dagelijks bestaan zijn en we hen allemaal hebben toevertrouwd aan andere mensen, dáár moet ik nog niet aan denken. Lizzie kruipt er dagelijks nog bij, laat over zich lopen en fungeert als klimpaal. Gijs helpt minstens twee keer per dag mee om het stel van hun maaltijd te voorzien. Skye speelt met haar pups. De oude Chico is niet bij de ren weg te slaan.

DSC_6177 (2)

Ze vormen een heldere penseelstreek in deze donkere tijd, ons prachtige C-nest. Nog een paar weken puppenvreugde, nog even vasthouden en koesteren.

DSC_6335 (2)

 

 

 

7 november. Ontmanteling.

Gijs en ik gaan naar Heerenveen en sinds een tijdje rijden we weer door “de Knipe,” een langgerekt dorp op de weg er naar toe. Het valt me op hoeveel huizen daar te koop staan; alsof het halve dorp aan het verhuizen is. Eén van de huizen ken ik door en door: ik heb er ruim twee jaar wekelijks een aantal uur gewerkt en heb de verhalen over de geschiedenis van het dorp, de straat, het huis zelf mogen aanhoren. Het bordje “te koop” is al veranderd en vanaf de straat gezien zijn de kamers leeg. Ik stel me voor hoe de lichte vlekken op het behang de sporen achter laten van de schilderijen, veelal door het artistieke kind van de familie geschilderd. Alles in het interieur ademde historie uit. De historie van een gezin. 

3Een man die er zijn tweede vrouw trouwde nadat hij op veel te jonge leeftijd weduwnaar was geworden. Ooit vertelde hij mij daarover, terwijl we samen thee dronken. Ik  zag een trek van smart over zijn vriendelijke, doorleefde gezicht glijden toen hij me de horror van die éne, fatale nacht schetste. 

De historie van “De Boom,” vertelde hij me ook. “De Boom” naast het huis, die hij vijftig jaar geleden als klein struikje plantte. Hij had het gekocht voor zijn jonge vrouw, die hen net hun eerste zoon geschonken had. “De Boom” was een uitheems exemplaar, de eerste van dit soort die in De Knipe in een tuin werd gezet. Hij groeide op tot een bezienswaardigheid, deze Araucaria Araucana of slange-den. Ruim tien jaar later werd de boom vaker aangeplant, maar in de tijd dat deze “Apeboom” zijn entree in De Knipe maakte, was het nog een bijzonderheid.

De man vertelde me erover. Altijd zo vol liefde. hij wees me op de eekhoorns, die erin speelden en zich onbespied waanden. Een eksternest had een vaste plaats tussen de scherpe stekels. De kring van kleine narcisjes om de voet in het vroege voorjaar zag ik. De roos die zich tot ongeveer een tweetal meters hoog om de stam had geslingerd geurde in de zomer. Hoe vaak zag ik niet de breekbare gestalte van de man onder de boom. Dan zette ik mijn fiets tegen de zijkant van het huis en liep eerst naar hem toe. Hij wees me dan op de eerste groene loot of een vroege bloem van de roos, hij schoffelde voorzichtig het onkruid tussen de tenen van zijn boom weg. 

Op een middag vertelde hij me trots dat er iemand van de Gemeente op bezoek was geweest om de historie van de Apeboom te horen en er werden foto’s van gemaakt. Enkele maanden later werden deze afgedrukt in een boekje over beschermwaardige bomen van Heerenveen. De zo gekoesterde exoot werd op waarde geschat.

Untitled 1

Tot mijn ontzetting is het kaal naast het huis. De drie en vijftig jaar oude Araucaria Araucana, helemaal vanuit Chili naar De Knipe gekomen, is gereduceerd tot een kort stronkje en een handvol geelwit zaagsel. De beschermwaardige boom, nummer 308 op de lijst met een aangetekende dendrologische waarde, is niet meer. De nieuwe eigenaren van het oude pandje hebben vermoedelijk geen enkele notie van wat ze vernietigd hebben. 

koopwoning-meyerweg-66_original-1-4426286Als we doorrijden voel ik het van binnen huilen. Om de man. Om zijn boom. Om de vergankelijkheid van iets dat zo’n belangrijk onderdeel van een leven was.

6 november. Van de regen in de…

Gijs heeft opnieuw slecht geslapen en is onrustig, als ik in alle vroegte de echtelijke sponde verlaat om Lizzie te wekken. Het is nog donker buiten en er is geen hond die wakker wordt van mijn vroege gescharrel. Zelfs de kleintjes in de ren slapen nog, sommigen op een kluitje, anderen tegen een beer of met de kop in de inmiddels lege waterbak.

DSC_6069 (2)Skye rekt zich eens langzaam uit en draait zich om in de mand. Ze is eigenlijk niet van plan om de pups wakker te maken om te voeden. Ik kan me haar ochtendvermoeidheid wel voorstellen. Lizzie vraagt of ik een kop koffie wil maken bij de ochtendboterham. In een klein, donker wereldje doen we de dingen die moeten: broodtrommel vullen, boeken inpakken, ja en dan gaat Skye toch maar in de ren, want de pups zijn inmiddels wel opgestaan. Ik ruim de afwasmachine in en laat de honden uit, maar omdat het regent zijn ze opvallend lui allemaal. Behalver de twee jonkies, Iona en Gigha, is er niemand die echt zin heeft om buiten te gaan lopen. Natuurlijk moet ik Jane en Noddy ertoe dwingen om dan tenminste even mee te gaan voor een plas. Zij hebben werkelijk een ochtendhumeur. De ezels snuiven in de stal en laten geen onvertogen gebalk horen, ook voor hen is dit geen goed moment om naar buiten te gaan. Of, zoals we het dan noemen: het is geen “ezeltjesweer.” Nat geregend en huiverend in mijn joggingbroek ben ik weer binnen als Lizzie al lang op de fiets gestapt is. De pups hebben gespeeld en sukkelen langzaam in de rustmodus. Ik kruip nog even een uurtje terug in het warme bed, zet de wekker want Gijs moet zijn ontbijt om half tien vanwege de strakke tijd van de medicijnen.

Als ik vijf kwartier later de kamer weer in kom liggen de honden nog steeds allemaal te slapen of te soezen. Alleen Chico, onze senior van bijna 13, is wakker. En als ik een boterham voor Gijs smeer staat Skye ernaast. Zij krijgt ook een boterham. Mét pindakaas, goed voor het zog. Ze loopt achter me aan mee de slaapkamer in. Het nieuwe ochtendritueel: Gijs drinkt langzaam zijn koffie op en eet zijn broodje, terwijl Skye naast hem op het bed zit en wacht totdat ze de korstjes krijgt. Ik besluit de ezels een arm vol hooi in de stal te geven, met deze regen gaan ze echt niet met plezier naar buiten. De lekkage bij de tuindeuren, ontstaan in de storm van vorige week, heeft zich vannacht verder door gevreten en het lekt nu ook boven de printer. Ik verschuif alles en zet er een hondenetensbak onder. Er zit een scheur in de muur. Vandaag moet ik een “mannetje” bellen, want dit is niet meer te keren. Voordat ik aan een artikel ga schrijven over nep-bont kijk ik even in de slaapkamer om het hoekje. Ik merk dat Gijs opnieuw in slaap is gevallen. Zal ik hem laten liggen, of toch maar wakker maken? Hij heeft zijn pillen ingenomen dus ik besluit om hem te laten liggen. Hij heeft het nodig, de nacht was kort door zijn onvrijwillige waakzaamheid.

Ik doe de computer aan en als hij helemaal is opgestart ga ik naar de binnengekomen email. Ik open het berichtje van iemand van personeelszaken van het bedrijf waar ik bijna een maand geleden met goede hoop solliciteerde. En lees dat ik, ondanks dat ik aan alle eisen ruimschoots voldoe, opnieuw niet aansluit bij het “gewenste functieprofiel.”

De moed zinkt me met dezelfde snelheid in de schoenen als de druppels water zich door het plafond een weg banen… drup… drup… Maar dan bedenk ik me de woorden van mijn moeder: “Als de deur dicht valt, gaat er een raam open…”Ik hoop dat ze over de wolken heen gelijk krijgt.

DSC_9515 (2)