Maandelijks archief: september 2014

13 september. Auld Lang Syne.

Lizzie gaat vandaag naar het afsluitende World Servants festival met haar Bolivia-reisgenoten. Maar eerst moeten Gijs en ik weer met Iona naar Steenwijk. We zijn binnen het uur terug, maar het trekt toch een flinke wissel op de energie van Gijs. Zo fijn als ik het vind dat hij dit stukje van Iona’s avontuur mee kan maken, zo naar vind ik het om te merken dat het veel van hem vergt. En als ik het verlossende telefoontje van vandaag krijg, is het duidelijk dat er nog niet helemaal een einde aan is gekomen: Iona is ook nu weer wel wat gestegen, maar nog niet genoeg om acute plannen te maken. Ik stuur een SMSje naar Schotland, krijg vrijwel onmiddellijk een berichtje terug. Ook daar heerst spanning die nu even is geweken. Vóór morgen hoeft er niets te gebeuren. Ik wilde eigenlijk naar papa toe, maar omdat Gijs niet echt lekker is en Lizzie weg, wil ik niet ook de rest van de dag op pad zijn. 

Daarom ga ik met de honden op het veld, languit liggen in het gras en kijken naar kleine dingen die vandaag sprookjesachtig groot zijn. Omdat ik even de realiteit niet wil zien.

DSC_5175

In de eikenboom waar de bramentakken doorheen slingeren….

DSC_5195

Bij de uitgebloeide Schotse distels die nu slechts wat pluizenbolletjes zijn….

DSC_5189

En in het gras, dat ruikt naar late zomer.

Aan het einde van een lome middag ga ik de dagelijkse dingen van de zaterdag oppakken. De honden hebben zondoorstoofde velletjes en ik ben nog wat rozig. Heb ik geslapen? DSC_5206

De kleuren van de oude schuur verdiepen zich in het middaglicht. Ik moet vlees voor de honden uit de vriezer halen, maar kijk toch nog even gefascineerd naar het schaduwlijnenspel op de schuurdeur…

DSC_5210

 

DSC_5209

We eten bijtijds een uitgebreide Salade Niçoise met stokbrood. Gijs heeft niet veel trek, maar dit vindt hij altijd wel lekker. Ik verzorg de dieren ook vroeg, want wil helemaal klaar zijn als één van mijn jaarlijkse hoogtepunten van start gaat. De “Last Night of the Proms..” die we op de televisie zullen kunnen zien, in tegenstelling met vorig jaar. Er kleven wat zware gedachten aan: het is het einde van weer een zomer, weer een periode. En natuurlijk rijst de bittere vraag op: “Kunnen we de volgende Proms weer samen beleven?”

Het is heerlijk. Er zijn enkele stukken waar Gijs niet zo van houdt, maar als het tweede gedeelte alle klassieke, laatste-Proms-avond-favorieten brengt, vindt hij het toch een feestje. Met twee gezichten, weliswaar.

Auld Lang Syne klinkt als laatste. Hymne van melancholie, van Oud en Nieuw en herinneringen en een “wee dram.” Het staat voor ons voor Iona, die Auld Lang Syne op haar stamboom heeft staan. 

Ik zing het mee en hoop dat de symboliek van vandaag de hoop van morgen met zich meevoert.

8 september. Overdracht.

In plaats van naar Maastricht af te reizen pak ik nu de trein die me naar Gouda brengt. Papa wordt met een ambulance over gebracht en het was dit keer niet nodig dat één van ons mee reisde. Zusje wacht hem op: zij woont tien minuten van de kliniek vandaan. Ondanks alle spanning die haar rit naar Maastricht gisteren heeft veroorzaakt, zijn we beiden hoopvol. Het is zomers en warm als ik van het station naar de kliniek loop. Eerst verkeerd, maar het is niet vervelend om langs de groene zoom van de stad te wandelen.

Gouda is vanaf mijn vierde tot mijn zeventiende mijn thuis geweest, mijn jeugd ligt daar. Ik ben er in mijn volwassen leven met kleine Laura nog een paar jaar terug gekeerd. Maar sinds mijn moeder overleden is en we haar huis hebben verkocht, nu acht jaar geleden, ben ik er eigenlijk niet meer geweest. Er zijn plekken in de stad, die ik koester maar het is niet een plaats waar ik me weer zou kunnen vestigen. Daarvoor houd ik er niet genoeg van. Bizar is wel, dat nu onze vader er is, wellicht als zijn laatste woonplaats. Na ruim dertig jaar. Op een steenworp afstand van waar mijn moeder haar laatste adem uitblies. Het voelt “rond.” En tegelijkertijd ook vreemd. 

12_10_12_stadhuis_gouda_by_herdervriend-d5ioylo

Tijdens de lange ambulancerit heeft Papa opnieuw hartklachten gehad en dat brengt onmiddellijk weer heftige zorgen met zich mee. Zusje en ik worden samen voor een intake-gesprek een kantoortje binnengeloodst en tot mijn verwondering is de indicatie en vraagstelling voor revalidatie uitsluitend gebaseerd op de milde bijverschijnselen van het herseninfarct. Wat er daarna allemaal met hem gebeurd is, heeft de intake-mevrouw niet op papier. Al pratend vullen zusje en ik van alles aan. Terug bij Papa zien we dat hij werkelijk uitgeput is. Hij lijkt piepklein in het grote bed en hij lijkt zich goed te realiseren dat zijn leven volkomen anders is geworden. Hij refereert naar Maastricht als: “dat is verleden tijd” en verbeelden we het ons, of heeft hij zelfs al enig idee dat zijn huis zijn huis niet meer is? Ik streel zijn magere hand en vertel hem dat we nu met zijn drieën verder gaan. We laten hem niet meer los.

Zusje beloofd hem vanavond nog op te zoeken. Hij sluit intens vermoeid zijn ogen en zijn hartslag is als een trillende vlindervleugelslag onder zijn pyjamajasje te zien.

Op het terras drinken we nog samen een kop koffie. En dromen wat: Stel, dat papa toch iets gaat opknappen, wat meer zin in een laatste stukje leven krijgt, dan kunnen we hem nog een beetje kwaliteit geven wat hij zo heeft moeten missen de afgelopen jaren.

Onze kinderen kunnen zo nu en dan even binnen lopen, we gaan zorgen dat hij wat fijne dingen om zich heen krijgt, dat hij misschien naar zijn geliefde muziek kan luisteren. Misschien kan hij een keer op een kort ritje mee naar zijn dierbare Rotterdam, langs de havens, langs al die lievelingsplekken. Ik probeerde hem al een reactie te ontlokken door hem te vertellen dat ik een CD van “Don Giovanni” voor hem mee zal nemen, de volgende keer. Wat hield hij daar vroeger van!

Ik luister naar de aria, die papa graag meezong, als we samen de reis van Gouda naar Parijs maakten, voor mijn balletlessen daar. Lange nachtelijke ritten met Mozart. Door die herinneringen komt er ineens een stroom van hoop vrij. Hoop op meer rust, betere tijden. Op een verlegging van onze focus die op allerlei verdrietige, moeilijke en akelige dingen gebaseerd is, deze dagen. Ik laat me verleiden tot een vorm van blijheid.

Het is zomer, Papa is weg uit Maastricht en in onze handen. Gijs voelt zich niet slecht. Iona gaat goed door haar loopsheid heen, ik verheug me op de komende dagen met haar.

Maar tijdens de treinreis terug worden de blijheid en die hoop door een telefoontje weer verijdeld.

5/6/7 september. Verduistering.

Na Iona is vandaag ook Islay loops geworden. De beide hondenmeisjes gaan vrijwel altijd gelijk op en dat maakt het wel gemakkelijker. Het is voor Islay weer de eerste keer na haar nestje van Maart en dat houdt in dat ze zich prima aan haar cyclus houdt; voor mij altijd wel een teken dat ze gezond zijn en dat het allemaal op de juiste manier “werkt.”

In de ochtend houd ik me bezig met de situatie van de ontfutselde handtekening; de verhuurder van het appartement in Maastricht heeft mijn mail gelezen en ze zullen tot nader order niet akkoord gaan met de opzegging als die één dezer dagen bij hen binnenkomt. Het zal ongetwijfeld een pittige reactie oproepen bij de kinderen van papa’s echtgenote, maar het zij zo. Hun actie riep ook bij ons een heftige reactie op en dat wikkelen zusje en ik, in ons idee, zo netjes mogelijk af.

Gijs en ik gaan samen met Iona naar de kliniek om haar progesteron af te nemen. Dat hadden we eigenlijk niet verwacht en dat maakt het toch prettig: Gijs gaat met dit stukje in het o zo spannende traject zelf mee. Niet dat het progesteron prikken nu zo spectaculair is, maar het is toch de beginfase van dit avontuur. 

In de middag komen Lizzie en Boomer, twee honden die zo vaak bij ons logeren, dat ze bijna een onderdeel van het roedel vormen. Het is stralend weer, warm en zonnig, dus ik houd ook nu weer “kantoor in tuin” zodat Gijs wat kan rusten. Als ik met de koffie en thee naar buiten ga, zie ik hem op de bank liggen met Jane bij hem. Een vertrouwd plaatje. Ondertussen kwettert Jaco, de papegaai, er lustig op los.

Boomer gaat in het meest kleine modderplasje met zijn grote lijf. En daarna in de aarde. Het is ongelooflijk hoe hij altijd smetteloos schoon de auto uit springt en nooit schoon het huis binnenkomt. Alsof vies worden het fijnste is wat hij hier kan doen. Deze hond doet er alles aan om zijn schoonheid te verduisteren.

boomer

Zaterdagochtend vroeg bemerk ik iets vreemds. Dat er een deel van het huis geen stroom heeft. Ik kan geen licht aan doen en in de gang is het onheilspellend duister.  Met het zaklampje van mijn telefoon kijk ik in de donkere meterkast. Het blijkt dat er een aardlekschakelaar uit ligt. Ik zet het goed en ga op zoek naar het probleem. Het is de koelkast, die kortsluiting veroorzaakt. ik zet hem uit en laat het vriesvakje ontdooien, misschien heeft het daar mee te maken.

Later zie ik dat ook Skye loops is. Eerder dan ik verwachtte, ze gaat eigenlijk nu pas uit haar vacht. Maar drie teefjes tegelijk is nog gemakkelijker, dan zullen Gigha en Jane later samen op gaan. Ik wissel de inschrijving voor de show van 21 september, omdat Islay dan net in haar hoogtijdagen zit en ik dat voor haar niet prettig vind om dan te moeten showen, na bijna een jaar.  Gigha gaat dus mee. Drie Hogmanay-hondjes, dat is ook wel leuk.

Ik krijg de inventarislijst van mijn vader via de mail, en een boedelverdeling zoals hij zich dat in 2010 bij het opstellen van zijn testament voorstelde. Op die lijst stat een adres van mensen aan wie hij de papegaai wilde nalaten. Ik besluit hen te bellen om te vertellen dat het dier nu bij ons zit; dat lijkt me wel zo correct. De man vertelt dat hij kortgeleden heeft aangegeven dat ze niet meer in staat zijn om zich aan die afspraak te houden omdat ze inmiddels een paar katten in huis hebben genomen. Des te beter is het dat de vogel hier is. Eén stukje is goed geregeld.

Als de koelkast helemaal droog en schoon is, zet ik hem weer aan. Het rikt vreemd en even later is opnieuw de “stop doorgeslagen..” Gijs ligt op bed te dutten, als ik hem mopperig mededeel dat er dringend een ander koelkastje moet komen. Via Marktplaats vind ik een klein model, zonder vriesvak, in een dorp verderop. Ik bel onmiddellijk met de adverteerder, ga er geen gedachten en woorden aan vuil maken, ga ook niet verder zoeken naar nóg beter, nóg voordeliger. Het moet er komen en snel. Morgenochtend.

Zondag in de loop van de ochtend gaat de telefoon. Het is zusje, helemaal van streek. Ze is in Maastricht en wilde in het appartement nog wat boekjes en kleding en kleine dingetjes voor papa halen, die morgen wordt overgebracht naar een kliniek in Gouda. Tot haar grote verwondering zag ze, toen ze het huis in kwam, dat er aan alle kanten spullen weg gehaald waren en ook dat er aan alle kanten mensen lagen te slapen. De kinderen van papa’s vrouw. De deur van zijn kantoortje was er half uit gehaald en de boekenkast, met daarin zijn kostbare kunstboeken, was leeg. Ook de miniatuurtreinen die hij op zijn kamer had staan, waren weg. Ze durfde niet verder te kijken omdat ze geen slapende honden wilde wakker maken, maar een totale verbijstering en woede maakte zich van haar meester. Haar zoon, die mee was, wil direct de politie bellen. Ik probeer het wat te sussen op afstand; misschien zijn ze het huis aan het ontruimen en hebben ze papa’s spullen ergens in de kelder opgeslagen. Of even opzij gezet zodat ze gemakkelijker spullen van hun moeder konden weghalen. Terwijl ik al deze opties aandraag, is het gevoel in mijn onderbuik heel wat andere dingen aan het opperen. Maar voordat we iets kunnen doen moeten we heel zeker weten dat er dingen daadwerkelijk weg zijn. We hebben de inventarislijst, waar duidelijk staat aangegeven wat van Papa is en als dat weg is en de kinderen het niet kunnen overhandigen, dan is het inderdaad verduistering. Maar eerst moeten we hen de kans geven het uit te leggen. 

Zusje gaat nauwelijks gerustgesteld naar het ziekenhuis om Papa te bezoeken en Gijs en ik gaan de koelkast ophalen. De knoop in mijn maag, die door dit gebeuren ontstaan is, lost in de loop van de dag niet op.

Omdat we een afsluitende vergadering van de World Servants groep hebben, bakken Lizzie en ik empanada’s, zoals ze dat in Bolivia geleerd heeft. We nemen een grote schaal met de hapjes mee. We zitten in de tuin, allevier de reizigers zijn er en het wordt een ontzettend gezellige beëindiging van iets waar Lizzie twee jaar mee bezig is geweest. Ondanks dat het zo nu en dan wel tijd kostte en het vooral in het begin soms stress opleverde als Lizzie weer niet aan genoeg sponsors kwam, zal ik het toch missen. Maar Lizzie is vastbesloten nog een keer te gaan; dus dan zal er opnieuw actie gevoerd moeten worden. We memoreren de leuke momenten en bedenken tips voor de volgende groep. Het is in alle opzichten een goede tijd geweest.

10408774_804999136200524_4838395607731297062_n

3/4 september.

Vandaag komen er twee hondjes logeren; Sam, die hier al heel vaak geweest is en Happy, “pupje” uit ons dierendagnestje van vorig jaar. Skye krijgt dus opnieuw een dochter in huis. Ook deze ochtend is het mistig en dat maakt dat ik me lui voel en niet makkelijk in de benen kom: de vroege wandeling is in een wattige, grijze wereld eigenlijk heel bekrompen en klein. Veel grijzen en groenen en dat beetje goud van de hondjes wordt door de nevel gereduceerd tot een ondefinieerbaar grauw. 

1aug1

Gijs is bijtijds wakker en beneden. Dat is een wereld van verschil met de vorige kuren. Hij voelt zich niet slecht. Wel moe natuurlijk, maar hij heeft een goed eetlust en is niet ziek. Ook deze keer weer zijn we blij met de dexamethason, die nu dubbel zo langzaam wordt afgebouwd. Dat werkt! Het is mooi om te horen hoe de papegaai op Gijs aan het reageren is met geluidjes, ik zou Papa graag willen laten weten hoezeer de vogel bij ons is gaan passen en hoe dol we op hem zijn geworden.

Ook vanmorgen heb ik met en voor zusje een paar lange telefoontjes te plegen; er zijn zoveel lastige dingen rondom Papa’s situatie waar we bovenop moeten zitten en dat maakt dat we af en toe flink tegen elkaar mopperen… dit is niet een goede tijd.

Kleine Happy en grote Sam zijn een genot in het roedel. We genieten alle drie ervan om een “pupje” op bezoek te hebben. Reden te meer om ons te kunnen gaan verheugen op een nieuw nestje….Happy is beeldig en vooral erg lief, het is een feest om de fokker van zo’n hondje te zijn! 

happykop

In de avond ga ik met Iona de velden in voor wat apporteerwerk. Dat hebben we allebei nodig.

4sept4

Ik had deze vierde september eigenlijk naar mijn vader willen gaan, maar in overleg met zusje blijf ik thuis en gaat zij die kant op. In alle vroegte ga ik met de honden naar buiten, pak ook deze ochtend in de prille morgenzon even een half uurtje extra met Iona.  Om mijn hoofd al schoon te maken, nog voor dat de dag werkelijk begonnen is. Dat ik die tijd nodig heb gehad, blijkt wel. Want een uur later is het weer één grote rommel. Tot onze enorme verontwaardiging en grote woede hebben de kinderen van Papa’s vrouw hem toch een handtekening laten zetten onder het formulier van de huuropzegging, terwijl de man niet eens goed wist waar hij voor tekende. Briesend van kwaadheid bel ik met de verhuurder, die me vriendelijk verzoekt een en ander op papier te zetten. Per mail. 

Als ik na die vervelende, noodzakelijke zaken de ezels buiten zet, vind ik een klavertje vier.

lucky 4

Iona is vandaag heel licht aan het doorvloeien. Ik weet niet helemaal zeker of ze nu sinds vorige week haar loopsheid in stand gehouden heeft, of dat ze vandaag opnieuw begonnen is. Ik bel met de dierenarts die de komende periode haar progesteron-waardes in kaart gaat brengen.  Als we uitgaan van  haar loopsheid van vorige week, dan is een progesteronbepaling één dezer dagen geen overbodige luxe. We maken een afspraak. Dingen gaan snel.

4septstand2

 

1/2 september.Woedende gevoelens.

De hele dag blijft het intens vermoeide, verdrietige gezichtje van Papa me voor de ogen zweven. Bij alles wat ik doe dreint een zwaar gevoel mee, hetzelfde zware gevoel wat me al langer in de greep heeft. Dat Gijs zich relatief goed voelt, is iets wat ik met een bepaalde klinische blik constateer: ik kan blijkbaar niet het één prettig vinden en het andere loslaten. Ik ben moe van mijn eigen “gezwalk” tussen alle emoties en vooral het voortdurende “op scherp staan,” “alert moeten zijn” maakt dat ik in de middag bijna in slaap val als ik even op de bank zit met een hondje naast me. Want overmorgen zullen we weer naar Maastricht gaan omdat Papa dan wel zal worden vervoerd naar een andere plek. En daar wachten zusje en ik nu op.

Er komt geen telefoontje uit Maastricht. Papa schijnt nog steeds stabiel te zijn. Maar een nieuwe plek is er niet te regelen. Het zijn slechts de andere telefoontjes die me ongerust en scherp maken: de kinderen van papa’s vrouw gaan door met hun plannen om de huur van het appartement op te zeggen en de transfer-consulente houdt voet bij stuk: papa kan niet overgebracht worden als er geen huishuur meer is. Zusje en ik voelen ons steeds een stap achter de feiten aan lopen en dat is meer dan frustrerend. De feiten liggen voor ons anders: we willen alleen maar een kwaliteit van bestaan voor onze papa. Een respectvolle wijze van doorgaan. En die lijkt hem afgenomen te worden.

De papegaai is een bron van plezier. Gijs praat voortdurend met hem en de grijze vogel respondeert, Lizzie komt thuis van school en wordt gefêteerd op een vrolijk fluitconcert en de honden zijn inmiddels aan Jaco gewend. Soms lachen we luidop om zijn gekke fratsen en geluiden. Hij gaat niet meer weg, is in die paar dagen een belangrijk onderdeel van onze huidige omstandigheden geworden.

De ochtend is fris, heiig en herfstig. Het is goed te lopen met de honden; zelfs nu het nat is van de dauw. Tegen het middaguur breekt de zon door en is het warm, zomers. Heerlijk weer om met de honden weer wat te doen. Maar ook in de mist is het goed toeven.

1aug2

Gijs is nog steeds op zijn best van alle kuren en als ik niet per halve dag spannende ontwikkelingen rondom mijn vader zou hebben, zou het misschien wel een goede rust zijn. Wat is spanning loslaten toch lastig. Ik merk dat Lizzie ook veel achter de rug heeft. Als ze van school komt is ze zo moe, dat ze haar huiswerk maakt, maar er voor haar doen een vroege avond van maakt. Ook al praat ze niet veel, alles wat de afgelopen weken is gebeurd, trekt toch ook een wissel op haar weerstand. En school is veel werk, nu. 

Papa wordt morgen niet overgebracht. De aangekondigde huuropzegging geeft veel onrust en zorgt ervoor dat er een nieuw plan moet worden gemaakt. Hij zal opnieuw bij de revalidatie-kliniek in Gouda worden aangemeld. want men weet dat daar per direct een plaats beschikbaar is. Dat hij niet werkelijk kan revalideren, lijkt een ondergeschikt feit. Daaraan gaat iedereen voorbij, zelfs zijn artsen. Hij houdt een bed bezet en dat moet leeg. Ik walg van de hele gang van zaken en de minne wijze waarop een zieke man van zijn leeftijd wordt behandeld. Maar hij is niet eens een bijzonder geval, de akelige werkelijkheid is dat het tegenwoordig vaak zo gaat in de gezondheidszorg en ouderenzorg. Plaatsvervangende schaamte neemt een loopje met me. En woede. Want ik zou zo graag voor,- en bij juist deze doelgroep willen werken, maar ik ben letterlijk “te oud.” en dus, net als mijn vader in zijn eenzame ziekenhuisbed, te duur. Wat een rottige rommel.plaatje