Maandelijks archief: juli 2015

29 juli.. Ineens twee weken verder…

…… en een nestje van een week oud, dat knorrend en tevreden in de werpkist ligt. De week van 15 tot en met 21 juli is razendsnel voorbij gegaan. Laura heeft een paar dagen bij ons aan de verbetering van haar Masterthese gewerkt, zodat de week vol was van heerlijke familiare aangelegenheden. Ze heeft hard gewerkt, hele dagen geschreven en in de avond was ze vrij. Dan maakte ik een lekkere maaltijd, die we zelfs een paar keer buiten hebben kunnen eten, ze genoot van een glaasje wijn erbij en in de avond was het tijd om naar een serie of film te kijken ter ontspanning. Lizzie heeft haar vakantie optimaal benut door veel uit te slapen, maar ook met vriendinnen een avondje door te brengen. Op vrijdag is ze mee geweest naar Schiphol, om haar vriendinnetje E. weg te brengen, die ook dit jaar weer voor World Servants een werkproject meemaakt.

We hebben een Heerenveen een schattig nieuw Italiaans winkeltje ontdekt waar we met zijn drieën op een regenachtige middag een lekkere koffie met verrukkelijke “Dolci” genoten, ook weer zo’n plek die we in ons hart sluiten omdat het leuk en lekker en “ons” is. Lizzie en Laura haalden er op de zaterdag allerlei hapjes om het samen met brood en salade tot een feestmaal te maken.

Mijn verjaardag, maandag, werd door Lizzie ingeluid met ontbijt in het kraamkamertje. Ik sliep sinds een paar dagen met Iona in het kamertje, zodat ze kon gaan wennen aan de werpkist. Lizzie heeft zichzelf overtroffen: ze heeft zelfs beschuitjes met aardbeien voor me gemaakt, terwijl ze ervan gruwelt om de zomerkoninkjes alleen al te snijden. Ik krijg lieve cadeautjes en ze heeft slingers opgehangen. Wat een tegenstelling met de intrieste sfeer die er vorig jaar hing… het veroorzaakt een brok in mijn keel.

H. is op de koffie gekomen en brengt lavendel en nog meer verjaarsvrolijkheid mee. En als in de middag ook vriendinnetje L. koffie komt drinken en een mooi Golden Age schilderij mee neemt, dan heb ik een vorstelijke verjaardag gehad. Het regende echter weer flink en het bezoekje van L. werd afgebroken omdat we ineens beiden zagen dat Iona een andere blik in haar ogen kreeg en in zichzelf gekeerd raakte… iets zei me dat ik haar nu niet meer uit het oog wilde verliezen.

11731718_693758710729493_5874508032542051694_o

De dinsdag was de opmaat van de cocoonperiode die er altijd rondom een bevalling is. Dit keer geen Maigrets of andere detective-leesstof, want ik kan me helaas niet meer permitteren om 24 uur in het kamertje bij Iona te zijn zoals bij de eerdere nesten. De verzorging van de andere honden en het huishouden gaat niet vanzelf.

Omdat Iona’s onrust poot over poot toeneemt en ze een duidelijke temperatuursdaling heeft gehad, weet ik dat de bevalling in ieder geval tussen nu en 48 uur gaat plaats vinden. Ik bericht A. dat het lijkt door te zetten en we maken ons op voor een lange nacht.

006Die inderdaad komt en weer voorbij gaat. A. gaat onverrichterzake terug naar huis om nog een paar uur te slapen alvorens ze weer aan het werk moet, en ik ga een paar lange wandelingen maken met de grote honden, als Lizzie beneden is, zodat Iona niet alleen is. Tegen het middaguur ga ik met haar wandelen. Het is zonnig en Lizzie ligt te lezen in haar hangmat. Nadat ik terug ben met Iona, merk ik dat ze vruchtwater verliest en binnen een half uur zie ik ook de eerste perswee door haar lijfje trekken. Het duurt nog een tweetal uren voordat ze volledig ontsloten is, maar dan haal ik toch Lizzie naar het kleine kamertje om erbij te zijn als om half vier het eerste teefje springlevend ter wereld komt. Iona is vanaf het moment dat ze de pup ruikt volledig moeder. Ze likt de pup schoon, bijt de navelstreng door en werkt de placenta weg. De pup weet ook precies wat ze moet doen. Als ik haar gehemelte check om te voelen of die goed gesloten is, begint ze krachtig op mijn vinger te zuigen: ik leg haar bij Iona aan en tegelijkertijd rollen er nieuwe weeen door Iona’s lichaam. Binnen een half uur is het tweede pupje er. Ik heb inmiddels een berichtje van M. uit Schotland gekregen en kan haar blij maken met het bericht dat er nu een teefje en een reutje zijn… en Iona gaat snel, accuraat en zo fantastisch zelfverzekerd door dat tegen de tijd dat ik A. aan de telefoon heb er al vier pups zijn geboren.

033A stapt binnen op het moment dat Iona aan haar zesde pupje bezig is, dat wat pootjes in de aarde heeft omdat hij dwars ligt en de navelstreng om het halsje zit. Toch, ondanks dat ik Lizzie voorzichtig voorbereidde dat we het misschien zouden verliezen, is ook deze pup kerngezond en Iona lijkt oprecht blij met haar zestal. A. gaat even met de auto naar de supermarkt, omdat ik dringend een baltje hooi voor de ezels nodig heb en in die tussentijd ziet nummertje zeven het levenslicht. Om kwart over negen, vijf en een half uur na de eerste pup, heeft Iona een zevental dochters en twee zoontjes het leven geschonken.

023

A. gaat midden in de nacht terug naar huis. Ons gezamenlijke Schotlandavontuur is in negenvoud doorgezet!

23 juli staatie

Lizzie is donderdag jarig en tussen de vele naweeën van Iona door, het puppen verzorgen en de enorme berg was, vieren we toch samen het feit dat ze zeventien is en thuis. In de namiddag komen er een drietal vriendinnen van haar, onverwacht, en ik ben daar zo blij mee dat ik vraag of de meisjes blijven eten. De babyfoon die ik in november kocht om Gijs te kunnen horen als hij pijn had, installeer ik nu in de kraamkamer, zodat ik bij de Streekboer-uitgifte mijn bestelling kan halen. Ik braad een stuk rosbief voor Lizzie en als ik zeker weet dat Iona rustig met haar pupjes ligt te slapen, gaan we in de tuin eten. M. komt met twee dochters op verjaarsvisite en we genieten van elkaars gezelschap, een glas rosé en alle goeds. Als het donker is en het bezoek naar huis, de hondjes uit zijn geweest, de pupjes gewogen en de ezels op stal, will Lizzie nog een vuurpotje met marshmallows, maar de grote vuurton is -alhoewel snel aan- weer snel uit vanwege het hoge vochtgehalte van alle takken en twijgen. We steken wat kleine waxinelichtjes aan en roosteren daar onze kleverige snoepjes op.. en dan is er alweer een dag, een jaar voorbij.

Vrijdag krijg ik vanuit Schotland het meest verdrietige bericht dat denkbaar is. Jock, de fantastische vader van Iona’s nest, is er niet meer. Inwendige bloedingen na zijn miltoperatie van een maand geleden zijn hem fataal geworden en hij is in de armen van M. en S. ingeslapen. 

jock

Het werpt een schaduw over de hele dag en was het nestje van Iona al speciaal, nu is het nog precieuzer. Tegelijkertijd maak ik me zorgen om een van de teefjes, dat wat achter blijft in groei en gedrag. Dat is het nu allemaal samen met Lizzie moet doen, dat er geen Gijs is die even iets van me kan overnemen, met wie ik kan overleggen en die me tegen zich aan zou trekken nu ik het verdriet om Jock een weg moet laten vinden, dat kost me vandaag moeite. Het lijken wel kraamtranen: ik voel me van streek, moe en alleen. Heb al vroeg in de ochtend Islay voor de show van zaterdag getrimd en ze is door J. opgehaald, die haar te logeren heeft om haar morgen te kunnen showen.

Het volgende weekend heeft zorgen met zich meegebracht om het kleine pupje en het verlies van Jock in Schotland is voelbaar tot in de werpkist in Oudehorne. Ik heb veel contact met M. en met haar vriendin F, die een puppeteefje van Iona gaat en het maakt me duidelijk dat de vriendschap die ontstaan is, verder gaat dan de Noordzee.

Omdat ik denk M. een beetje te begrijpen, bel ik met P. en S. in België. Het wordt een emotioneel gesprek, waarin ik hen vraag om een gunst. Ze willen er graag over nadenken en vanzelfsprekend moeten ze die tijd krijgen. Sommige beslissingen komen niet op een dag aan.

Zondag bellen ze terug: ze willigen mijn vraag in en dat ontroert me tot in mijn ruggengraat. Ik kan M. een pupje uit het laatste nest van haar lieveling Jock aanbieden. 

boys6days2

Maandag zijn R. en H. er met hun jarige dochter en hun bijna jarige zoon en ze nemen Laura mee. Het regent pijpenstelen, de honden zijn tot op hun huid nat, ik kan wel aan het dweilen blijven. Lizzie heeft een verjaardagstaart gemaakt en we lunchen met zijn allen.

031Het is zoals altijd warm en heerlijk dat ze er zijn. Ook nu weer is het gat dat Gijs heeft geslagen groot, maar we lachen er ons allemaal dapper doorheen. In gedachten is hij er toch. Tussen koffie en borrel krijg ik een emotioneel berichtje van M. uit Schotland. Ze gaat graag op mijn aanbod in. Een van de twee reutjes gaat “naar huis..”waar hij ontstaan is. De andere blijft hier. Opnieuw zijn Iona’s puppies een dimensie specialer voor me geworden.

En eer je het dan in de gaten hebt, is het nestje alweer een week oud, zijn ze dubbel zo zwaar en alhoewel het kleine pupje toch een zorgenkindje blijft, gaat het goed en wennen Iona en ik per dag meer aan onze nieuwe rollen. Ik kan meer bij de pups zijn tussen de gewone werkzaamheden door terwijl Iona juist meer afstand van ze durft te nemen. Het is zo intens mooi hoe dit allemaal weer gaat…. Gijs heeft gelijk gehad met zijn keuze. Het is goed zo en ik ga verder met veel meer dan een reutje.

27 juli 8

 

 

 

11/12/13/14 juli. Gaande en komende gasten…

Ondanks dat ik het deze zomer zo rustig mogelijk wilde houden, hebben we tijdens deze periode toch een aantal gast-hondjes. Zaterdag gaat er een en komt de volgende, maandag is er opnieuw een hondje bij. Ik kijk de agenda door en zie dat in de dagen dat Iona haar pups verwacht er toch nog vijf logeerhondjes zullen zijn. Gelukkig zijn het allemaal honden die hier vaker zijn geweest, zelfs een tweetal dat hier geboren is. Eigenlijk maak ik me er niet zo druk om: ik doe het op mijn manier en dat werkt. 

Een van die dingen die ik op mijn manier doe, is het aanschaffen van een tweedehands roestvrijstalen tafel. Dit wilde ik al minstens zes jaar en elke zomer weer als er een invasie van hondenvoerbakken op het aanrecht verscheen. Gijs heeft herhaaldelijk de tweedehands sites afgestruind, heeft accounts geopend op diverse veilingen maar we hebben nooit een RVS tafel kunnen bemachtigen, zelfs niet toen ik er een advertorial voor had geschreven. Om de eenvoudige reden dat de tafels steeds te duur waren en ik weigerde er meer voor te betalen dan ik in mijn hoofd had. Vaker gaf Gijs aan dat ik het toch maar moest doen als ik het zo graag wilde, maar ik had een prijs in mijn hoofd die ik niet wilde overschrijden omdat ik het belachelijk vond om een paar honderd euro neer te tellen voor een gebruikte tafel.

Ook in deze vakantie-opvang-periode ben ik de tweedehands sites weer gaan aandoen. En ook dit jaar zie ik er weer verschillende staan. Een lijkt erg onopvallend omdat de foto niet echt heel goed is. Er staat geen vraagprijs bij. Ik neem persoonlijk contact met de verkoper op en doe een bod waar hij meteen op ingaat. We sluiten een deal. Een uur later wordt er tien euro meer op geboden. Ik geef aan dat ik bereid ben dat er ook voor te betalen, als ik hem maar kan overnemen. Zelfs met de tien euro extra past het prima binnen het budget dat ik er al die jaren voor wilde uitgeven.

En nu vandaag is het zover. De grote, hoge roestvrijstalen werkbank wordt gebracht en ik weet even niet waar ik hem moet neerzetten. Ben er ontzettend blij mee, voel zoals alles en alles weer dat dubbele, want wat had Gijs me er graag een gegeven. Maar hij zou deze prijs ook zoveel liever hebben gehad.

DSCN5450

Ik besluit samen met Lizzie dat Jaco de papegaai moet verhuizen. We zetten de kooi plus inhoud naast de bank, zodat hij in feite een doorzonwoning heeft. De oude, aangevreten, leren bank verplaats ik ook, de houten kleibank gaat naar het kantoor en de bedbank van daar gaat de huiskamer in en zo schuiven we met allerlei meubels om de werkbank optimaal te kunnen gebruiken.  Weer iets wat ons verder van het leven met Gijs af doet drijven.

Lizzie viert vakantie door veel uit te slapen en nog meer te lezen en ik pak de grasmaaier om de tuin kort te wieken. In feite is dat de eerste keer sinds E. het nog voor me heeft gedaan en gras en onkruid hebben zich alweer door de hele tuin geslingerd. Ik moet het nu zelf kunnen en alhoewel het geen zomer meer is en blijft miezeren, ben ik toch na een flink stuk van de middag klaar. 

DSCN5493

 

DSCN5495

Het zweet staat op mijn rug en nadat ik de maaier heb ontdaan van aarde, modder en natte plukken gras en hem weer terug in de schuur heb gezet, laat ik me in de regen in het zwembad zakken. Een half uurtje dobber ik in de nattigheid en ben dan verkwikt genoeg om de maaltijd voor Lizzie en mij te gaan bereiden. Er is bijna weer een weekend voorbij, Iona gaat de achtste week van haar dracht in. 

Zoals we af en toe met een brok in onze keel terug denken aan de zomer van 2013, of die van vorig jaar, zo zullen we over een tijd terugkijken op de zomer van 2015, waarin we alles zonder Gijs zelf deden. Van honden-opvang, tot grasmaaien, tot het kopen van een werkbank… tot het geboren zien worden van zijn nestje…

10 juli. Kraamkamer.

R. en H. komen vandaag om me te helpen met het opzetten van de werpkist. Een emotioneel moment, want de laatste keer dat er bij ons een werpkist werd opgezet was in maart vorig jaar, toen Gijs het samen met Lizzie had gedaan als verrassing voor mij. En wat had hij het graag in het najaar opnieuw gedaan. De werpkist, waar veel hondjes in geboren zijn en die door Gijs wat was bijgewerkt zodat het helemaal van ons werd. (De kist hebben we van bevriende fokkers overgenomen voor ons eerste nestje.) Er zitten nog plakkertjes op met verwijzingen: voor/achter, links/rechts. Ondanks dat de werpkist bij vriendinnetje J. heeft gestaan, zijn Gijs zijn plakkers er niet afgehaald. Ik doe dat ook niet. Ze horen daar, de komende generaties puppies….

DSCN5413

Zoals altijd is het heerlijk om onze vrienden te spreken, samen met hen te zijn. Lachen om dingen, stil worden om andere dingen. Plannen voor een stukje later maken maar zeker ook ophalen van herinneringen die alleen zij met ons deelden. We drinken er koffie bij en nemen de tijd.

Dan gaan we het kamertje inrichten. We lunchen uitgebreid buiten en halen nog hooi en stro voor de ezels, genieten van een drankje in de zon en dan gaan ze terug naar huis. Lizzie en ik hebben niet echt veel trek in een uitgebreide avondmaaltijd. Het is vreemd stil, als R. en H. geweest zijn. We missen hen. Net als de eerste uren nadat Laura na een weekend weer naar huis is. Is ons “missen van dierbaren” zoveel anders geworden omdat we een stuk van ons leven verloren hebben? We zijn sneller ontheemd. En ligt weemoed en emotie aan de oppervlakte, als een dun laagje olie over een ogenschijnlijk rimpelloos meer.

Ik loop nog even het kamertje binnen. Hier ga ik een tijdje “wonen” met Iona. Ik zal mijn eigen nieuwe slaapkamer nog gaan missen! Ik hang het houten bijzettafeltje dat Gijs speciaal voor dit doel gemaakt heeft, aan de rand van de werpkist zodat ik er mijn bedlampje en wekker op kan zetten. Het prachtige canvas van Iona bij de ruïne van het Guisachan House hangt boven de kist. Ik haal de rode lamp uit de schuur, moet een beetje quasi mopperen op Gijs dat hij hem zo hoog heeft gehangen dat hij er wel bij kon en ik nu niet en knip de zorgvuldig “opgeboste” kabel los. Alle onderdelen van de kraamkamer ademen de verregaande zorgvuldigheid van Gijs uit. Opnieuw is de verbondenheid van vroeger dicht bij. Maar te ver weg om er genoeg troost uit te halen.

A. had in Schotland een foto gemaakt van een straatje in Wigtown, de boekenstad waar ik voor Gijs zijn moeder een souvenir had gekocht, zoals Gijs en ik dat samen hadden zullen doen. Ik voelde daar zo sterk de herinneringen aan die man die twintig jaar in mijn leven was, mijn betere helft, dat het leek alsof hij erbij was. Ik kijk nog een keer naar de foto en zie een vrij grote man met een pet op, een geruit hemd over zijn schouder geslagen en een broek met extra zakken… met een half oog is het Gijs, die door Wigtown loopt. Laura heeft het van de week ook opgemerkt, toen ik haar de foto liet zien. Het plaatje ontroert me. Bij nadere inspectie zie je heus wel dat de man op de foto een stuk kleiner is dan Gijs, dat hij zijn lange benen niet heeft, dat hij vermoedelijk ouder is…. maar voor mij is het een schim van Gijs in een omgeving waar hij gelukkig zou zijn geweest.

SONY DSC

Met die gedachte sluit ik het kraamkamertje voor vandaag en daarmee de dag die voor genoeg ontroering zorgde.

6/7 juli. Vragen lijsten.

Ik sta gelijk met Laura op en zwaai haar uit als ze nu wel naar de bus loopt. Het is droog, door het onweer en de hevige regen van vannacht een stuk koeler. Zo zelfs, dat ik huiver en even een trui van Gijs aantrek. In het begin van de middag komt er weer een logeetje en voor die tijd wil ik alle honden hebben uitgelaten en de eerste was in de machine hebben.

De telefoon gaat als ik met Skye, Gigha, Buddy en Islay de tuin in kom. Ik ben net te laat met opnemen en bel direct terug. Het is de verpleegkundige van het Centrum voor Jeugd en Gezin. Ze wil terug komen op de afgewezen aanvraag voor vergoeding van Lizzie’s EMDR. Ze heeft binnenkort een intern overleg en wil toch ons verhaal meenemen, of ze kan langskomen voor een gesprek en het invullen van formulieren. We kijken naar de agenda en dat wordt een langere termijn-afspraak. Ik wijs haar erop dat ik ook naar het kantoor kan komen en als ze aangeeft dat ze twee ochtenden in de week in het gezondheidscentrum werkt, kunnen we tot een veel snellere afspraak komen: ik ga er morgenochtend meteen heen. J. de collega van Gijs, komt morgen koffie drinken, maar dat hoeft niet afgezegd te worden. Ik ben zeker op tijd weer thuis.

Later op de dag klaart het weer wat op en breekt de zon weer door. Kyra, het hondje wat zo’n lange tijd bij ons logeerde, komt weer terug omdat haar baas toch opnieuw in het ziekenhuis wordt opgenomen. Als ik hem aan de telefoon heb, schrik ik van zijn ontzettende benauwdheid. Hij is nauwelijks te verstaan. Ik hoop van harte dat het geen longontsteking is, maar ik vrees het ergste.

Dinsdag slaapt Lizzie nog als ik al naar het Centrum voor Jeugd en Gezin ga. Een piepjonge vrouw schudt me de hand, ze zal nauwelijks ouder zijn dan Laura. Ze gaat me voor in een spreekkamer en legt uit waarom er geen vergoeding zou zijn, omdat zowel de huisarts als ik een verkeerde procedure hebben aangehouden. Ik leg haar uit dat we het hebben over 9 januari, nauwelijks een week na de nieuwe regeling van het Rijk, en dat noch de huisarts, noch de mensen die ik bij de Gemeente heb gevraagd, op de hoogte waren van de juiste gang van zaken. En dat er voor mij haast bij was omdat ik Lizzie niet verder wilde zien afglijden.

Dan komen we in een surrealistisch vraag-antwoord gesprek terecht. Het meisje tegenover me heeft een pakket formulieren die ingevuld moeten worden door haar, waarvan ze zegt: “dit had in januari als eerste moeten gebeuren, daarna zou een intake plats hebben gevonden en dan waren we gan zoeken naar de beste mani…” Ik krijg de meest merkwaardige vragen te beantwoorden: “Hoe hoog was de risicofactor dat er blijvende schade bij uw dochter zou ontstaan?” “Wat waren precies de problemen?” Wanneer zijn die begonnen?” “Wat was uw eigen inzet om uw dochter te helpen op een schaal van 1 tot 10?” “Waarom kwam u al op 9 januari met uw dochter bij de huisarts, terwijl de vader van uw dochter pas op 3 december overleed?” “Was u niet te voorbarig met de hulpvraag?” “Wat heeft u zelf voor actie ondernomen om uw dochter te helpen en bij te staan…? “

Op dat moment breek ik. “Mijn man was na een gruwelijk ziekbed overleden. Ik heb zoveel mogelijk geprobeerd mijn dochter bij te staan maar had zelf ook een gevoelig verlies geleden…” Het meisje stopt even met haar vragen, voelt zich duidelijk ongemakkelijk en vult iets in bij de kolom van haar laatste vraag. Ze biedt me een glas water aan en herneemt zich, vraagt de volgende vraag: “hoe merkte u dat uw dochter problemen kreeg?” Ik verwijs haar naar de verwijzing van de huisarts. ” Ze sliep niet meer, kon niet naar school, wilde niet echt eten en ik wilde niet dat het te ver zou gaan…”  Volgende vraag, “Wat zou er gebeuren als het wel te ver zou gaan, zoals u dacht?” Ik slik. “Ik weet het niet. Niemand weet dat. Maar ik wilde er ook niet op wachten om erachter te komen dat er iets zou gebeuren…” Weer een invulvraag: “Hoe zou u de situatie kunnen omschrijven met een cijfer van licht problematisch tot gevaarlijk…” Ik word ineens ontzettend moe. Lizzie voldoet niet aan deze standaard vragen, de situatie voldoet er niet aan en ik duidelijk ook niet. Het meisje laat een stilte vallen en vult weer een kolom in met haar kinderlijke handschrift. Dan komen we aan wat meer algemene vragen: ” Heeft Lizzie ooit te maken gehad met justitie? Is ze verslaafd geweest? Zijn er als kind problemen geweest? Hoe was haar jeugd voor zover ik dat kan vertellen als moeder? Slikt ze medicijnen, gaat ze met invloedrijke vrienden om? Hoe is haar zelfbeeld?” Ik merk dat ik bij vrijwel alles nee schudt. We komen in een volgende categorie van het formulier. ” Hoe zie ik de toekomst van Lizzie, heeft ze baat bij de behandelingen, gaat ze vooruit, moet ze een vervolgtherapie?” Ik leg uit dat haar behandelingen zijn afgerond, met succes. “Hoe ziet u dat succes?” Ik leg uit dat Lizzie nu in de rouw is, een gewoon rouwproces en dat de traumatische ervaringen op een goede manier te verwerken zijn. Dat behoeft natuurlijk enige uitleg. ” Hoe moet ik dat zien?” vraagt het meisje. Ik geef aan dat Lizzie ondanks de zware start van het schooljaar en de nog zwaarder start van dit kalenderjaar, ze toch met ruime voldoendes over is. Het meisje schrijft het op. ” Naar welke klas gaat ze?” vraagt ze met haar pen boven een lege kolom. “Ze gaat naar de zesde..” zeg ik. ” VMBO?” wil het meisje invullen. ” Nee, ze gaat naar de zesde klas van het gymnasium..” vul ik aan. Ze legt haar pen neer en kijkt me aan. “Gymnasium?” echoot ze. Ik knik. “Dus ze is superintelligent?” zegt ze en het woord “super” komt er wel heel meisjesachtig uit. Ze haalt VMBO door en vult GYMN in.

De laatste ronde vragen is bijna een lachtertje. Wat mijn financiële situatie is. Nee, geen werkloosheidsuitkering, nee, geen bijstand. ANW totdat Lizzie achttien wordt. Een heel klein stukje pensioen. En dan de sluitende vragen: mijn opleiding…. HBO. Arbeidsverleden… 33 jaar …

Het meisje is duidelijk van haar stuk gebracht. Dit is niet een situatie waarbij een kind ontspoorde door de gezinsproblemen waar ze meestal mee te maken heeft. Dit is een situatie die ze niet kent. Terwijl het toch ook raakvlakken heeft: een eenoudergezin, werkeloosheid.

Nadat ze me nogmaals moet uitleggen dat de volgorde van het behandelplan niet de juiste was en ze hoopt dat ik me dat bewust ben voor een volgende keer, krijg ik weer de koele kinderhand in de mijne gedrukt. ” ik ga mijn best voor u doen..” zegt ze. En ze wenst me sterkte.

Ik ben blij om even later met J. aan de koffie te zitten. Een ‘eigen” gezicht. Een theaterman. Iemand die de situatie wel begrijpt en zeker begrijpt dat een intelligent kind dat het gymnasium doorloopt, ook problemen kan hebben. Omdat ze zo verschrikkelijk veel hield van de man die haar vader was.

 DSCN4515

4/5 juli. Zomer slaat toe.

Vandaag belooft het een hele warme dag te worden. ik ben al vroeg buiten met de honden, laat Iona haar korte wandeling doen en de andere meisjes de lange. Omdat ik toch vannacht weer weinig geslapen heb, kruip ik nog even een uurtje terug in bed. Het is tenslotte zaterdag en mijn eerste afspraak is pas om half 12.

Samen met Laura ben ik er om 9 uur weer uit en ontbijten we met beschuit met aardbeien. Dat is iets van ons samen, want Lizzie gruwelt van aardbeien. Laura gaat aan haar stageverslag verder werken en ik maak de tuin “kennismakings-klaar.” Zet snel het oude, kapotgewaaide tuintafeltje neer met een kleed erover en haal een paar stoelen van het veld.

Het is snikheet als de mensen met hun beide honden komen. De twee reuen komen hier een weekje logeren in augustus en als ze kennis hebben gemaakt met ons eigen roedel, drinken we een glas water en maken we de afspraken. Een van de honden heeft allerlei allergieën, dus die krijgt medicatie en speciaal voer. Ik beloof hen dat het goed komt en zwaai ze na een uurtje weer uit.

Dan wordt er een logeerhond gebracht: Buddy is hier voor de zesde keer en zal een maand blijven. We gaan in de voortuin zitten en praten wat bij. Wanneer we Buddy’s voer uit de auto willen halen en  er afscheid genomen gaat worden, staan de volgende mensen alweer op het erf: ditmaal is het de man die de hondenweegschaal voor de stichting komt brengen. We rijden het gevaarte met een steekwagentje het kantoor in en ook de chauffeur en zijn vriendin krijgen iets te drinken.

Als ze weg zijn is het half vier….Ik hoef niet veel meer. Laura, Lizzie en ik laten ons in het koele water van het zwembadje zakken. Iona ligt beschut onder de tuintafel nadat ik haar op de nieuwe weegschaal heb gewogen en zag dat ze maar liefst vier en een halve kilo is aangekomen sinds de echo twee weken geleden.

DSCN4895

Het is heerlijk om zo met zijn drieën wat rond het bad te poedelen. De hangmat is een extra luxe ernaast. Ik bereid de maaltijd met allerlei ingrediënten van de “streekboer,” verse geroosterde bietjes met geitenkaas, een stukje mals vlees waar vooral Lizzie zich volop tegoed aan doet, op deze manier kunnen we de zomer wel door. Tijdens zonsondergang zitten Laura en ik opnieuw in het water, met een glas rosé. Het is bizar dat het leven goed is en tegelijkertijd ook niet helemaal. Maar het zwembad idee was een goed idee!

DSCN4893

Zondag zomert het opnieuw. Laura en ik herhalen ons ontbijtritueel en gaan beiden aan het werk. Tegen de tijd dat Lizzie beneden is, is Laura al een eind op weg en de rest van de dag wisselt ze het schrijven aan haar stage-verslag af met het kijken naar een aflevering van een serie met haar zusje. Ondanks dat het ook vandaag erg warm is, zitten we helaas toch veel binnen, omdat er af en toe flinke regenbuien overtrekken. Vanwege de hitte gaan we in de middag nog in het zwembad, maar als we al dobberend in het verkoelende water een paar sterke bliksemschichten over de velden zien trekken, is het korte zomertje van dit weekend definitief voorbij. Laura wil de bus van kwart over vijf hebben, dus ik zorg dat we vroeg eten: avocado-salade met gerookte zalm, lekker stokbrood en nog wat hapjes die over waren van gisteren.

Het onweer ligt nu letterlijk boven ons. Als ik in de keuken sta, knalt er iets in de kamer alsof er een lamp springt. Ik zie een flits en hoor een scherp geluid en dan davert het buiten alsof er een inslag is in een boom op het erf. Alle lampen branden nog dus het was niet binnen maar ik loop toch naar boven om te zien of daar geen probleem is.

Tijdens het eten ontspint zich onverwacht een gesprek over Gijs zijn laatste maanden bij ons. De zomer die vorig jaar geen zomer was voor Gijs vanwege de afschuwelijke, ziekmakende chemo, de luttele keren dat hij zich iets beter voelde en hij schrok van zijn eigen achteruitgang….

Laura heeft enorm de behoefte om de, soms absurde, gebeurtenissen van die periode chronologisch te herinneren: de laatste weken van augustus, waarin mijn vader met een hersen,- en hartinfarct in Maastricht werd opgenomen en ik daar was maar thuis wilde zijn toen Gijs met een longontsteking ziek werd en Lizzie alleen met hem was: de keren dat ik terug reisde en strandde omdat er treindiensten ontregeld waren, wekelijks, door “aanrijdingen met een persoon…” We gaan door tot de laatste uren van Gijs zijn leven en moeten er opnieuw om huilen. Realiseren ons hardop dat alleen wij samen met H. weten hoe het werkelijk was en we die ellende wel hebben kunnen vertellen aan lieve mensen om ons heen maar de zwaarte en de pijn is eenvoudigweg nooit te delen omdat de stank van hevig lijden niet te delen is.

Buiten huilt de wereld net zo hard met ons mee. Laura schenkt zichzelf een glas wijn in. Ze blijft hier. Het regent en onweert te hard om naar de bus te lopen en ze kan nu niet weg na ons gesprek. Morgenochtend is vroeg genoeg, besluit ze. We kruipen met elkaar op de bank en zetten Grey’s Anatomy aan. Na twee afleveringen is het buiten droog, zijn onze hoofden weer schoon en gaan de meisjes nog even in het koude water.

DSCN4661

3 juli. Ach…

…. wat is het toch ver weg, die zeven maanden. Lizzie is vroeg naar school en zal met haar vriendinnen vanmiddag thuiskomen. Ik bak een cake, want ze willen een paar uur samen doorbrengen, alvast voor haar verjaardag, om dan vervolgens allemaal de vakantie in te gaan. De eerste logeerhond van deze zomer wordt gebracht. Het is om elf uur al 26 graden in huis en ik moet vanmiddag met mijn liefste buren naar een notaris, om een contract met de gemeente te ondertekenen over de rioleringsschade. Het contract is in drievoud. Ik heb geen partner die het mee moet ondertekenen.

Laura komt vanavond naar huis. Ze moet dit weekend werken aan haar stageverslag maar kan dat ook hier doen. Als ik mijn mail bekijk, besluit ik in een opwelling een zwembadje te kopen voor in de tuin naast de hangmat: ze zijn nu in de aanbieding en ik realiseer me dat het wellicht de laatste zomer zal zijn dat we hier met zijn drieën veel tijd zullen doorbrengen. Lizzie zal volgend jaar achttien worden en naar Zambia gaan en vanaf dan is het maar de vraag of ik het financieel kan bolwerken om hier te blijven wonen. Bovendien zal ze steeds meer haar eigen weg gaan. De overpeinzing van een paar dagen eerder slaat opnieuw toe en de melancholieke stemming die daar aan plakte, wordt versterkt door deze onherroepelijke gedachten. Het verdriet en de spijt dat Gijs zijn laatste twee zomers uit zoveel slechte dagen met ziek en pijn bestonden, maakt mijn bui er niet lichter op. Ik ga in gedachten terug naar een jaar geleden: Lizzie aan de vooravond van haar grote reis en – laten we reëel zijn- Gijs in feite ook. Wat was hij wekenlang beroerd, akelig en zo ziek. Wat zijn die paar dagen dat het minder was, er maar weinig geweest. De herinnering aan zijn dodelijk vermagerde lijf met de overvolle, zieke buik, de holle ogen en zijn kale koppie krijg ik zelfs met het spoelen van tranen niet weg. Ik probeer de brok in mijn keel eruit te slikken. ik probeer de angst om hier niet meer te kunnen wonen, ook eruit te slikken. 

272

Lizzie komt met een prachtig rapport thuis. Ik wist dat ze zoveel voldoendes had dat ze zonder enige zorg over zou gaan, maar dat er zevens en achten op de cijferlijst zouden staan, had ik niet verwacht. ik knuffel mijn stoere meisje, dat het wat ongemakkelijk vindt, omdat haar vriendinnen er bij zijn. Ze gaan zwemmen in de rivier, met een pak frisdrank en de versgebakken cake mee. 

Bij de notaris wordt alles accuraat afgehandeld. Buren en ik krijgen over een paar weken, maanden, een geldbedragje terug, ter compensatie. Dat is natuurlijk nooit weg, helemaal niet nu ik de belastingteruggave met de schuld van ons oude huis ga verrekenen en ik dus over 2014 niets over ga houden.

De paar tientjes voor het zwembad geef ik echter grif uit, een half uur later. En als Laura de tuin binnen stapt, zijn Lizzie en ik net bezig het op te zetten. Na het eten, dat bestaat uit artisjokken, bacon en stokbrood met kruidenkaas van de boeren, kunnen we er in. 

300

Laura verwoordt deze nieuwe situatie mooi: dit hadden we nooit gedaan als het niet nodig was om goede dingen samen te doen. Wij hebben door de afgelopen zomers geleerd dat een zomer geen zomer is als er verdriet en ziekte heerst. Daarom dat 35 graden warmte ons niet deert. We doen alles in een lagere versnelling en gaan in ons zwembad zitten met een glas rosé. Want wij kunnen dat. 

289

29/30 juni en de eerste Julidagen.

Door de verdrietige situatie van zondag, ben ik maandag niet helemaal mezelf en heb ik de hele tijd het idee dat ik in een kringetje denk. Lizzie heeft maandag en dinsdag eigenlijk al vrij maar wil toch nog wat bezig zijn met haar profielwerkstuk. Ze moet al haar boeken bij elkaar zoeken en heeft dinsdagavond afgesproken om met haar vriendinnetje de World Servants-reis door te nemen.

Ik heb een gesprek met de boekhouder van de Stichting, die me een overzicht geeft van de baten en lasten van het afgelopen kwartaal. Het is tenslotte bijna Juli. Ik vertel hem dat de medicatie van de oude Balou weer onder de loep genomen moet worden: men verwacht erg heet tot heel erg heet weer de komende week en om hem er zo goed mogelijk doorheen te helpen, wil ik zeker weten of de medicijnen die hij krijgt, nog sterk genoeg werken. En ik had een telefoontje van een dame, die voor de oude Toos zorgt. Toos kan slecht tegen de warmte en haar koelen met handdoeken is geen optie omdat ze erg gevoelig is voor hotspots. Ik overleg met F. die aangeeft dat ik voor de stichting wel een aantal koelmatten kan bestellen, die dan in bruikleen genomen kunnen worden. En ik kan een tweedehands hondenweegschaal en een chipreader op de kop tikken.

$_85

Dat is heel prettig, want daarmee kan ik een paar dingen zelf doen, die anders bij een dierenarts gebeuren. En de oude Balou kan ik qua gewicht goed in de gaten houden om zijn medicatie zo goed mogelijk ingesteld te houden. Mocht blijken dat we er voor de stichting toch te weinig gebruik van maken, kan het desnoods altijd weer verkocht worden. Ik ben blij met zijn oplossing. Voor het wegen van een hond hoef ik nu niet meer met de bus naar een dierenwinkel of kliniek. En ik kan zelf de chip aflezen als er weer eens een onbekend hondje wordt binnengebracht.

Ik krijg van Lizzie op dinsdagavond een berichtje dat ze door de ouders van een van de vriendinnen wordt thuisgebracht: tegen twee uur. ik hoef niet op te blijven. Ik bedenk me dat we steeds meer onze eigen planning maken en dat het een natuurlijk proces is: maar ik vind het af en toe moeilijk om me dat te realiseren. Het kan me ook melancholiek stemmen. Twee mensen in een groot huis als dit, die hun eigen weg gaan.  Ik duw de sombere gedachten weg, onder het mom van: dat hoort bij opgroeiende kinderen. Om ver na middernacht nog een berichtje van Lizzie: ze blijft toch bij haar vriendinnetje slapen en komt dan in de ochtend naar huis om haar boeken te halen en naar school te gaan. Ik bericht terug dat het prima is, ga naar beneden om de lichten uit te doen, die ik voor haar had laten branden en ga dan zelf ook slapen.

In het dorp is door een aantal jonge mensen een mooi initiatief ontstaan. Ze hebben een samenwerkingsverband met een aantal boeren en tuinders in de nabije omgeving gesloten en men kan nu online een assortiment aan producten bestellen die een keer per week in een “pop-up” winkel afgehaald kunnen worden. Ik heb de aangeboden producten bekeken en een aantal dingen besteld: rosbief van een biologische veehouderij, wat groenten en fruit van de grote moestuin in het dorp, kaas van een boer een paar dorpen verderop, verse eieren van “Boer Bart” en zelfs spelt-hazelnootkoeken. 

DSCN3904

Hert initiatief wordt provinciaal toegejuicht en heeft een subsidie gekregen. Lizzie en ik gaan donderdag naar de opening toe en kunnen dan de eerste bestelling ophalen. Ik reken snel uit: zo vaak eten Lizzie en ik geen vlees meer en de kilo’s kaas die we elke week kochten, zijn gereduceerd tot een pondje, hooguit. Als ik die van de boeren betrek, ben ik nauwelijks duurder uit en kunnen we een goed stuk vlees eten. Weer zo’n verandering in het dagelijks leven dat ons verder van vroeger doet afstaan. Die ontwikkelingen gaan in een angstaanjagend tempo. Zoals alles.

Halverwege de week is het inderdaad erg warm geworden, de gemiddelde temperatuur is 33 graden. Ik merk dat vooral de oude Balou het zwaar heeft, maar ook Iona met haar hard groeiende buikje. Ik haal de koelmatten die ik zelf heb tevoorschijn en geef de honden die er het meestal last van hebben een band om in de hoop dat het hun helpt.

11666091_894503943954156_4469871733015295857_n

De dagindeling is binnen twee etmalen ook anders: ik ben om zes uur in de ochtend al aan het lopen met mijn “wandelgroepje,” Skye, Islay en Gigha, neem Iona apart mee want ze heeft een beduidend lager tempo, nu in haar zesde week, en ik hou de honden in huis met de deuren dicht, overdag. Ik vul hun badje met water en zo zullen we het de komende dagen moeten doormaken.

Omdat het bijna vakantie is, bestel ik voor Lizzie een hangmat, alvast voor haar verjaardag. Dat leek haar zo heerlijk en als die binnen is, hangen we hem samen op. Met een boek, koptelefoon en een groot glas limonade verschanst ze zich onder de bomen. 

11141168_894621567275727_5254271997007117896_n

In de late avond ga ik er ook even in liggen. Het is vreemd dat het goed voelt, zo met de volle maan boven mijn hoofd, de hondjes in de koele huiskamer en de stilte van de nacht om me heen.

11707606_893628687375015_3923158189086779543_n

27/28 juni. Bewogen weekend.

Ik wil bij Gigha de laatste hand leggen aan haar halslijn en oortjes omdat we morgen samen naar de Zomershow gaan. Ze was al gewassen en vandaag staan de puntjes op de I op het programma. Daarnaast verheug ik me op de vroege avond: dan komen er drie vrienden met wie ik de diverse soorten whisky uit Schotland ga proeven. Een viertal kleine flesjes nodigen uit tot het maken van bijbehorende hapjes, die ook een Schots tintje moeten hebben.

DSCN3921

Terwijl ik mijn boodschappenlijstje bekijk en de trimtafel buiten wil zetten tussen de lichte buien door, gaat de telefoon. Een alarmerend berichtje van een dierenkliniek in het zuiden van het land. Er is  een Golden Retriever teefje van ongeveer 10 jaar met de dierenambulance binnen gebracht, het arme dier is hoogstwaarschijnlijk vannacht op een akelige manier mishandeld. Er is een melding bij de politie gedaan. Het adres bij de chipregistratie klopt niet meer. Omdat men wil voorkomen dat ze terug in de handen van haar vijanden valt, is er besloten om haar in beslag te nemen. Na verzorging van haar wonden wil de assistente van de kliniek haar naar mij brengen, zodat ze bij ons kan bijkomen. Of dat goed is? Via via hebben ze van ons gehoord en nadat ik doorvraag weet ik, dat het via iemand is die een paar jaar terug een herplaatshondje van ons wilde, maar uiteindelijk zelf een hondje uit een asiel heeft gehaald. Het is goed dat de stichting tot in het Zuiden bekend is en vanzelfsprekend stem ik toe.  We spreken af dat ik gebeld wordt, zodra de dierenarts een goed beeld van de verwondingen van het teefje heeft gekregen.

Ik maak een begin aan Gigha’s oortjes, als opnieuw de telefoon gaat. Het is de kliniek weer. Het hondje is er erg aan toe maar ze hebben haar aan een infuus gelegd met onder andere pijnstilling, en antibiotica, en ze zal waarschijnlijk aan het begin van de avond naar me toe gebracht kunnen worden. Als de assistente me verteld wat de aard van haar verwondingen is, word ik misselijk bij de gedachte. Een ongekende woede welt in me op naar haar belagers en ik ben ineens heel blij dat Gijs dit niet weet want hij zou ongetwijfeld meteen in de auto springen en gaan proberen er achter te komen wie dit op zijn geweten heeft. Hij zou niet voor zichzelf in staan en hoe toevallig ik gisteren ook over zijn opvliegendheid in die zin heb nagedacht, ik zou hem in dit geval geen strobreed in de weg hebben gelegd en helemaal achter hem hebben gestaan. Maar dat is achteraf… zaak is nu vooruit kijken.

Ik geef aan dat het hondje hier welkom is en dat ik er alles aan zal doen om haar zo goed mogelijk te verzorgen. Na het telefoontje neem ik contact op met mijn eigen dierenarts om te informeren of ze dienst hebben dit weekend en bereid zijn zo nodig naar hier te komen. Ook ruim ik de trimtafel op. Ik ga morgen niet naar de show. Ik kan onmogelijk een hele dag weg, het teefje zal om de paar uur verzorging nodig hebben en omdat ze hoogstwaarschijnlijk angstig zal zijn, wil ik daar alle tijd en rust voor nemen en zeker niet overlaten aan Lizzie. Dit is een te grote verantwoording.

Mijn gasten arriveren als het inmiddels niet meer regent en ik de tafel buiten in de tuin heb gezet. De flesjes whisky staan klaar, met water om de dorst te lessen en de mond te spoelen. Ze hebben hun twee reuen en twee teefjes bij zich en het is voor alle honden, ook die van mij, een dolle pret om in de tuin te kunnen spelen. Dat maakt het feestje compleet. Wat is het toch een vreemde wereld dat hier de honden op handen gedragen worden, dat we van ze houden, met ze spelen, dat Iona’s buikje groeit, dat ze zo belangrijk voor ons zijn en dat er drie uur verderop een hondje aan het infuus ligt omdat ze op een afschuwelijke manier de speelbal is geworden van mensen die echte beesten zijn… 

We staan even stil bij deze bizarre situatie, maar dan probeer ik het toch van me af te zetten. hondje heeft er niets aan als ik nu bij de pakken neerzit. Als ik een fijne avond heb kan ik er daarna zoveel beter voor haar zijn. houd ik mezelf maar voor.

Ik heb zo veel mogelijk van het etentje voorbereid en ben eigenlijk best tevreden met het resultaat van het proeverijtje. 

Een lichte, droge Glenkinchie uit de Lowlands, vlakbij Edinburgh, begeleidt een boekweitblini met gerookte zalm en een tweetal krabrolletjes.

DSCN3920

Daarna proeven we van de Dalwhinnie, die ik bij de distilleerderij in de Highlands heb gekocht. Deze gemakkelijke whisky met een lange afdronk is heerlijk bij een variatie op het Schotse “Cock-a-leekie,” dat oorspronkelijk een kippensoep met prei en gedroogde pruimen is, maar bij mij een stoofpotje met dezelfde ingrediënten onder een hoedje van bladerdeeg. 

DSCN3909

De Dalwhinnie doet het ook goed bij de groene asperges, zeer Brits ingepakt in knapperige bacon, samen met een puntje “steak-pie.”

DSCN3903

 We nemen een slokje van The Balvenie, een whisky die beduidend kruidiger is en van de Speyside komt. Deze proeven we bij drie soorten harde kaas, waaronder een stukje geitenkaas, met wat zoet vijgen,- en amandelbrood.

DSCN3917

Daarna komt de rokerige, goudgele Bowmore Islay aan de beurt en dat is eigenlijk mijn favoriet. Hij komt ook van het eiland Islay en ik heb hem anderhalf jaar geleden gedronken toen Gijs en ik hem van een lieve vriendin kregen.

Deze whisky past heerlijk bij het ultieme Schotse zomerdessert: Cranachan, dat bestaat uit room (of in dit geval roomyoghurt) met geroosterde havermout, een heel klein drupje whisky voor de smaak, natuurlijk, heidehoning en verse frambozen. Goed gekoeld is het een heerlijk toetje en ik ben vast van plan om het veel vaker te gaan maken. En om het als ijs in te vriezen lijkt me ook niet verkeerd!

DSCN3900

We besluiten de proeverij met het stuk walnootfudge en de Millionair’s shortbread die ik meebracht. Het laatste bestaat uit een bodem van shortbread, de Schotse droge boterkoek, daaroverheen een laagje karamel en een dikke laag chocolade daar weer over. Deze sterke zoetheid is prima te combineren met de rokerige Islay. Kortom, een heerlijke avond. In gedachten zoals steeds, Gijs, die hier zo van genoten zou hebben.

DSCN3935

Ik krijg tussen de laatste gangen een berichtje van de dierenarts zelf. Het hondje, ze hebben haar Asta genoemd, blijft nog de hele nacht aan het infuus liggen. Haar wonden zijn nog te heftig om haar op een andere vorm van pijnstilling te zetten. Bovendien wil hij graag een echo maken om te zien of er inwendig problemen zijn. Asta heeft wel uit zichzelf wat gegeten. Hij belt me om 12 uur nog even op, omdat hij dan voor de nacht naar haar gaat kijken. In de nacht zal zijn assistente, die haar ook wilde brengen, nog een keer het infuus vervangen zodat hij zelf morgen om acht uur weer bij Asta kan zijn. Ik bericht terug dat ik heel blij ben dat ze er zo zorgvuldig mee omgaan en dat ik natuurlijk hoop dat het goed komt. Haar mandje staat bij wijze van spreken klaar.

Zondagochtend krijg ik al vroeg telefoon van de dierenarts.  Hij heeft inmiddels aangifte gedaan van zware mishandeling en hij heeft begrepen dat de plaatselijke politie het geval hoog opneemt. Ondertussen heeft Asta veel bloed bij de ontlasting verloren en omdat haar verwondingen zo zwaar zijn kan hij niet goed een echo maken. Hij wil het toch proberen als zijn assistente er is en laat me weten wat zijn bevindingen zijn.

ik loop heen en weer te ijsberen rond de telefoon nadat ik mijn eigen troepje honden heb verzorgd. Voortdurend met een brok in mijn keel, ik snap het niet. Wil het ook niet snappen.

Om half elf belt hij weer. Hij heeft voorzichtig een echo gemaakt en heeft gezien dat er veel vocht in de buikholte zit. Omdat de wonden te verspreidt zijn, wil hij geen punctie doen of het bloed is. Asta kan inmiddels haar temperatuur niet meer goed houden en samen besluiten we om haar haar rust te gunnen. Naar hier komen zou zwaar voor haar zijn, maar het om de paar uur verzorgen van haar wonden zou voor haar nog veel belastender zijn en dan hebben we het alleen nog maar over de buitenkant.

Om elf uur sluit Asta haar ogen. Een lief wezen is op een wrede wijze aan haar einde gekomen. Ik blijf er de hele dag ziek van.

In de middag ga ik met J. in de regen een stuk wandelen in Heerenveen, met Islay en J”s eigen hondje. Om wat anders te doen dan anders, maar ik ontkom niet aan het bittere gevoel dat me deze zondag de hele dag parten blijft spelen.

(Noot: de daders zijn inmiddels gevonden op 2 juli en zullen bestraft worden. In mijn ogen nooit genoeg.)

22 tot en met 26 juni. Ontwikkelingswerk.

Lizzie is aan de laatste loodjes van haar schooljaar bezig, die als altijd wat zwaar wegen. Ze moet samen met een klasgenoot aan haar profielwerkstuk werken, dat over ontwikkelingssamenwerking gaat en dus precies in haar straatje past. Ze is er elke dag meer dan de gemiddelde schooluren meer bezig. Al heeft ze voor dit onderwerp een grote interesse en kan ze er veel over vertellen, toch is het hard werken om er een samenhangend geheel van te maken en vooral om haar ideeën op de juiste  manier te onderbouwen. Het doet me sterk denken aan de thesepresentatie van Laura en ik realiseer me dat ook dat een werkstuk is waar ze zich helemaal voor heeft moeten verdiepen in een materie die haar interessant genoeg leek om er meer dan een jaar aan te werken.

Zowel Laura als Lizzie hebben – in mijn ogen- een gezonde kijk op de wereld. Ze gaan moeilijkheden niet uit de weg, sluiten hun ogen niet voor andermans leed of zelfs het leed in een groter wereldverband. Geen van twee gaat achterover zitten en de problemen van een zijlijn bekijken, ze zijn beiden geëngageerd maar doen er ook zoveel mogelijk aan om het te verlichten. Waarbij ze hun eigen beperkingen niet uit de weg gaan en zich op een gezonde wijze realiseren dat ze pas dan kunnen helpen als ze zelf in een goed vel zitten.

Laura zet zich volledig in voor kinderen met een verstandelijke beperking en werkt hard om structuur aan te brengen in de verwarring van hun dagelijkse bestaan. Dat doet ze al ruim twee jaar naast haar pittige studie. Over enkele weken is ze afgestudeerd als ontwikkelingspsycholoog en van daar uit gaat ze verder met haar voor zichzelf gestelde doelen. Laura heeft het qua leren niet gemakkelijk gehad maar ze is een doorbijter en heeft dat wat ze wilde bereiken altijd bereikt: via een omweg. Ze heeft zich door tegenslag niet uit het veld laten slaan maar is gewoon de andere kant op gegaan, heeft er langer de tijd voor genomen om uiteindelijk daar te komen waar ze oorspronkelijk wilde zijn.

Dat haar these een lichte onvoldoende heeft, is ondanks de prima presentatie een grote teleurstelling. Ze is verdrietig en opstandig als ze me er over belt. Maar een dag later heeft ze zichzelf alweer hersteld en is het weer Laura op haar best. Ze begrijpt de kritiek op haar werkstuk en beter nog, ze begrijpt waardoor het minder goede ervan is ontstaan. Omdat ze in oktober, november, december en januari veel tijd heeft besteedde aan het samenzijn met ons rondom het overlijden van Gijs, heeft ze haar these niet scherp genoeg onder de loep genomen en zijn er foutjes ingeslopen. Ze krijgt nu nog enkele weken om het na te kijken en te verbeteren en ze neemt die tijd ook. Immers: de tijd die ze met Gijs en ons doorbracht komt nooit meer terug en was belangrijk. De tijd die ze nu in de zomer kwijt is aan het corrigeren van haar werk staat niet in verhouding met die vier maanden.

Lizzie heeft een natuurlijke aanleg om te leren. De meest moeilijke vakken gaan haar over het algemeen gemakkelijk af en als ze niet vanaf haar veertiende een zwaar verdriet hoefde te beleven, dan was ze met hoge cijfers eenvoudig haar gymnasium doorgefietst. Het feit dat ze dit jaar met allemaal voldoendes toch over gaat en daarnaast vanwege een 8 voor Engels uiteindelijk toch haar uitnodiging voor deelname aan het Cambridge-Engels kreeg, terwijl haar vader is overleden en ze met een stevig trauma een flinke therapie heeft ondergaan, laat zien dat ook zij meer dan gemiddeld hard werkt voor de doelen die ze zichzelf stelt. En, net als haar grote zus, daarin glansrijk slaagt.

Na haar bijzondere ervaring in Bolivia vorig jaar, is ze nu vastbesloten om in 2016, na haar examens, opnieuw met World Servants mee te gaan naar een ontwikkelingsproject. Haar keuze was gevallen op het bouwen van woonruimtes voor studenten die in een kolonie voor leprapatiënten leven op een eiland bij voormalig Birma, Myanmar. Het geld wat ze uit Gijs zijn nabestaandenpensioen genereerd, wil ze hiervoor inzetten en haar stralende gezicht deze week, toen ze zich definitief inschreef, sprak boekdelen.

Maar het zou allemaal te gemakkelijk gaan. Ook Lizzie moet omwegen bewandelen om doelen te bereiken. De reis naar Myanmar wordt afgewezen omdat er al een te grote groep meisjes naar toe gaat en men een evenredige verdeling wil hebben voor dat project. Het is een zwaar project, want niet alleen het fysieke bouwen is natuurlijk een heftig iets maar zeker om tussen de leprapatiënten te werken, zal niet gemakkelijk zijn. Omdat ze haar inschrijfgeld al voldaan heeft, wordt er gezocht naar een alternatief project waar ze haar schouders onder wil zetten. Dat is er. In Zambia. Lizzie zal 18 jaar worden als ze in Zambia mee werkt aan het bouwen van een kliniek op het platteland. 

Gijs zou heel erg trots zijn op beide meisjes. Ik weet dat we omarmd zouden staan op het moment waarop hij zijn trots zou uitspreken: “Het zijn onze kinderen, die dit presteren. Wat zijn ze toch mooi!” Hij kon daar echt gelukkig om zijn en dat zijn momenten die ik sterk koester… en die ik ontzettend mis. Gijs had niets met ontwikkelingswerk en kon soms zelfs wat narrig reageren als Laura haar zienswijze op een krachtige manier verdedigde, maar ondertussen stond hij volledig achter elke stap die ze maakte, wat me wel eens gekscherend de zin ontlokte dat hij er zelf – indirect – dus ook alles aan deed om de wereld beter te maken.

DSCN0422

Gijs wilde de wereld dicht bij huis beter maken. Hij koesterde zijn zwaluwbaby’s, hij kon op zijn hurken naar een klein molletje kijken of een eendje de weg over helpen steken. De marter die zijn drumstel als thuis inrichtte, werd niet door hem verjaagd. Sterker nog, hij hielp het rovertje zelfs aan extra stoffering van het hol. De koolmeesjes die zich nestelden in een oud potkacheltje werden met rust gelaten: Gijs maaide het gras erom heen niet om ze niet te laten schrikken. Pas toen de kleintjes uitgevlogen waren, werd dat deel van het gazon weer onderhouden.

1794771_886032911467926_464269941706494552_n

 

Als tegenhanger van die innige zachtheid in zijn karakter kon hij woedend worden als er iemand het waagde om de kinderen of mij verdriet of pijn te doen. Hij kon exploderen van nijd als iemand een dier benadeelde of als hem of zijn geliefden onrecht werd aangedaan.

Ik zie hem nog staan te trillen van kwaadheid bij de dierenkliniek, waar een loslopende labrador onze -toen drachtige – Islay tot twee maal toe wilde grijpen. Hij ging bijna met de eigenaar op de vuist, die even fel reageerde op Gijs zijn boosheid. Deze man was ervan overtuigd dat Islay het heel goed zelf met zijn labrador kon oplossen, maar Gijs accepteerde dat niet en sommeerde de man zijn hond aan te lijnen. ik probeerde het te sussen, maar dat was bij Gijs alleen maar olie op het vuur. Uiteindelijk ben ik met Islay naar buiten gelopen, nadat ik aan de baliemedewerker vroeg of hij me kon roepen als we bij de arts terecht konden. 

“Je zult eens achter me staan in zo’n situatie..” gooide Gijs zijn woede over mij heen, op de terugweg in de auto. Ik probeerde uit te leggen dat we nog vaker bij de dierenarts zouden zijn en ik het niet prettig vond als er een vechtpartij zou ontstaan. Dat was voor Gijs geen reden om rustig te worden. “Dus jij laat je drachtige teef gewoon aan stukken bijten omdat je vaker bij de dierenarts zal komen?” was zijn boze, enigszins irreële reactie. We kwamen er tijdens de autorit naar huis niet uit en vervielen in een boos zwijgen. Dat we, zoals altijd, later weer afzoenden. Want ja, we waren daar nou eenmaal verschillend in: Gijs te opvliegend en ik te lankmoedig. Dat zo’n verschil van mening en inzicht af en toe tot een reden voor afzoenen leidde, was een uiterst aangename bijkomstigheid. 

En zelfs dat mis ik. Die momenten waarop we het niet eens met elkaar waren omdat we zo verschillend waren. In ons huwelijk hebben we ons ontwikkeld tot een echtpaar dat elkaars overtuigingen niet altijd deelde, maar elkaar er wel om respecteerden. Misschien heeft die ontwikkeling ons gemaakt tot de ouders die we voor de meisjes waren. En heeft Gijs zo, onbewust, ondanks zijn starre beelden daarover, toch uitgedragen dat iedereen een individu is die het waard is om te zijn. 

DSCN3366