Maandelijks archief: oktober 2015

Derde week oktober, een evolutionaire week..

De zondag na mijn heftige tuimeling naar beneden, heb ik voornamelijk gebruikt om heel diep, heel hard na te denken. Ik heb ’s nachts wakker gelegen en ben een halve waak, halve slaap gedachte gaan ontwikkelen. Uitgaande van de brandbrief:-  per 1 juli verlies ik mijn huis, – en mijn emotionele reactie daarop: dan zet ik per 1 maart het huis zelf te koop… ben ik midden in de nacht opgestaan, heb mezelf een grote beker koffie gemaakt en ben dingen op papier gaan zetten.

041

En zondagochtend, toen Laura achter de laatste stuiptrekkingen van haar studie zat, ben ik het nachtelijke idee als in een koorts gaan uitwerken. Met maar een enkel leitmotif als een mantra achter mijn ogen… dit is haalbaar, dit is haalbaar. Dit kan ik, dit kan ik….. Ik leg Laura het idee voor. Ik ga al pratend met haar op zoek naar mogelijkheden. 

Maandag komt vriendinnetje H. koffie drinken en gaat Lizzie naar een klasgenootje om de laatste hand aan haar profiel werkstuk te leggen. Ik toets mijn idee ook aan H. die het “briljant” noemt. Na de koffie heb ik het er met meerderen over, ik leg mijn idee voor en krijg unaniem positieve reacties. 

046

Dinsdag neem ik de eerste stap voor mijn plan. Ik ga op zoek naar een uitvoerder en iemand die me kan helpen met de invulling. En vrij snel kan ik ook die delen afstrepen van mijn lijstje. Ik maak een aantekening in de agenda: 20 oktober, plan krijgt vorm. Op de achtergrond constateer ik dat vanaf vandaag mijn Skye ook loops mag worden. Dan kan ze gedekt worden en zullen de pups geboren worden als we weer terug zijn van de zwaar emotionele taak: Gijs zijn laatste wens vervullen. Even flitst de verdrietige gedachte door mijn hoofd… het laatste nest van mijn kennel, als alles gaat verlopen zoals het er naar uitziet en ik over een luttel negental maanden niet meer in een huis woon waar ik mijn honden kan houden. Maar ik verdring de gedachte, ben te hard bezig met de evolutie van mijn “aha erlebnis.” Dus mijn hoofd gaat verder met het opbouwen van overuren, aai Skye wat afwezig over haar koppie en stuur een van de logeerhonden weg. Hij is wat opdringerig. 

Ik besluit in een overmoedige bui de bank een mailtje te sturen bij wijze van een aanvulling op het eerder ingevulde baten,- en lasten formulier waaruit zij hebben opgemaakt dat ik per 1 juli niet meer aan mijn financiële verplichtingen kan voldoen. Ik zet kort en bondig mijn plan uiteen alsof het een bedrijfsplan is. Doe daar diverse berekeningen bij. Druk op verzenden en speel hoog spel. 

Dan mail ik allerlei gegevens naar het bedrijf wat wellicht uitvoerder van mijn plannen kan gaan worden, krijg een offerte terug. Terwijl ik op dat mailtje wacht, merk ik dat er een gedachte in de drukte van mijn idee bovendrijft en ik weet niet goed wat het is. Totdat ik de flard van de gedachte nog eens bedenk. “Hij is wat opdringerig…

Een stukje toiletpapier wijst de consequentie van die gedachtenzweem uit. Een druppeltje bloed. Skye doet het zoals altijd weer helemaal op haar manier. Ze heeft naar de kalender gekeken, ze mocht vanaf 20 oktober loops worden en dat is het nu en zij is het ook. Ik heb het in deze blog al eerder genoemd en citeer de zin opnieuw: “Wat een hond!”

Woensdag is een bijzondere en indrukwekkende dag, ondanks de zwarte sluier die hem somber maakt. Een jonge man, 27 jaar, aan het begin van zijn leven, is verongelukt op zijn geliefde eiland Bali. Een heel klein gegeven, een enorme impact op iedereen die van hem hield, die in zijn buurt verkeerde. Zijn ouders zijn familieleden van mij. En ondanks dat we elkaar, door omstandigheden buiten onszelf om, uit het oog zijn verloren, is dit wel een moment om er voor hen te zijn. Om familie te zijn.  Hun zoon was zo jong als Laura. Hun leven is vergruisd. Ik kan niet wegblijven.

Samen met zusjelief reis ik het laatste uur verder. Ik merk dat elke uitvaart je eigen uitvaart is, als ik slik bij muziek of beelden, dan slik ik om mijn eigen verloren liefde, mijn eigen muziek en beelden. Mijn eigen herinneringen. Ondanks dat ik met een van mijn knappe neven heb staan praten en de aanwezigheid van zusje naast me voel, er een paar honderd mensen in de ruimte zijn waarin ik me bevind, is daar ook de ijzige stilte van Gijs in zijn kist.

DSC_0165

Na de ceremonie gaan zuslief en ik naar de zaal waar de bloemen zijn, de handen gegeven worden en de ouders hun zoon weten. Ook hier is het druk. De neef die de ceremonie leidde, staat met iemand te praten, maar strekt dan zijn arm naar me uit: “Och, ik heb jou niet eens gecondoleerd…” zegt hij lief als hij me in een omhelzing trekt. Ik sla mijn armen om hem heen en begin te huilen. Maak vlekken op zijn overhemd. Gijs mocht deze neef en zijn vrouw zo graag, ook al hadden ze elkaar maar een handjevol malen ontmoet. Dan maak ik me los. Er zijn meer mensen die hem willen bedanken voor zijn mooie voorgang. Huilen in de armen van een lieve man is niet voor mij.

Nicht, die zusje geholpen heeft met het installeren van onze vader in zijn huisje vorig jaar, omdat ik schitterde door afwezigheid vanwege mijn doodzieke man, staat te praten en we lopen door de drukte die kant op. Dan zie ik met wie ze staat te praten en opnieuw bevind ik me in een omhelzing, die ik naar hartenlust terug geef. Lief nichtje, dat me de afgelopen twee jaar zo trouw via het Sociale Medium bezocht, ik heb haar zeker veertig jaar niet in levende lijve gezien. En hier staan we dan en knuffelen elkaar.

De pijnlijke, prangende vraag van vorige week: “wie ben ik?” wordt tijdens de uitvaartplechtigheid van een mooie, dierbare jongen op een warme manier beantwoord. Ik ben een familielid van deze mooie, dierbare mensen. Het voelt als een warm bad.

Met mijn mooie, dierbare zusje ga ik later weer naar de trein. Thuis komt er een logeerhond en maak ik snel wat te eten klaar voor Lizzie en mij. De honden dansen om me heen. Zij zijn ook mijn familie.

Donderdag komt H. met haar dochter uit Amersfoort. Het is heerlijk haar weer te zien, haar lieve stem te horen, haar aanwezigheid weer te voelen. De enige personen die ons vorig jaar als gezin in de doodsstrijd dagelijks hebben kunnen bijstaan, waren R. en H. en hier zit ze nu en we praten en we lachen en we zijn weer “gewoon” samen. 

Ik vertel haar van mijn verloren zelf en van het verloren huis en de verloren toekomst. en ik vertel haar van mijn plannen. Van het totale gebrek aan twijfel. Van het vertrouwen in welslagen. Van het zeker weten. Ik zeg het hardop: “Het is haalbaar, ik kan dit…” H. denkt mee, huilt mee, lacht mee en vertrouwt mee. Maar vreest ook mee. Lizzie en ik zwaaien hen uit in de vroege avond. Zoals altijd maken zij een sombere dag mooier. Altijd.

13okt5

Ondertussen is Skye echt loops en kan ik ’s avonds de dekreu-eigenaar bellen om afspraken te maken. We gaan het avontuur weer aan. 2016 begint met nieuw leven, Hogmanay ten poten uit. Gijs had hier ernstig van genoten.

Vrijdagmiddag komen er twee vriendinnetjes om me te helpen Skye goed op de foto te zetten. Want de website moet aangepast gaan worden. Kleine Barra verdient een eigen pagina, Skye en Gambler’s “verloving” wil ik aankondigen, genoeg om met wat hulp een en ander te gaan regelen. Mijn plannen zijn nu zover dat ik aan de invulling moet gaan werken en dat ga ik doen als Lizzie maandag weer naar school is. Ik ga het als werk zien. Want dat gaat het worden. Ik ben een Zelfstandige Zonder Personeel en ga vanaf 26 oktober het plan ten uitvoer brengen.

Vlak voordat ik de vriendinnetjes van de bus wil halen, – fijn voor de pups, een spannende wandeling- popt er een mailtje mijn inbox binnen. Een berichtje van mijn contactpersoon bij de bank. Of ik met spoed contact wil opnemen. Ik kijk naar de tijd, ja, ik kan nog wel even bellen voordat ik de deur uit moet.

De man vraagt hoe het met me is en valt dan telefonisch met de deur in huis: zijn manager wil mijn maandlasten herzien, vanwege het bedrijfsplan. De oude hypotheekrente is achterhaald, ze bieden me een lagere aan, zodat mijn maandlasten met een zevende deel omlaag gaan. Of ik daarmee akkoord zou willen gaan? Nee, er komt dan geen verkoop. Er komt een nieuwe overeenkomst. Per 1 november als ik tijdig de papieren retourneer….

Ineens staat mijn wereld op zijn kop. Of juist niet? ik ga oud worden in dit huis. Ik ga mijn plannen verwezenlijken, ik ga werken aan iets wat ervoor zorgt dat veel mensen veel antwoorden op veel vragen krijgen. Ik ga Skye’s nestje verwelkomen en dan ook nog andere pups geboren zien worden hier. Ik ga verder met wat Gijs en ik samen zijn begonnen. 

Ik ga zonder zorgen zijn.  Een ware ZZPér… Zonder Zorgen Planner……

heart

Tweede helft oktober.

Ineens rol ik een gemoedstoestand binnen, die ik eigenlijk niet kan gebruiken. Het begint met een middag waarop er nog een beetje zon de herfst diep kleurt. Ik pluk de appels die dit jaar de bomen een knieval laten maken: in geen jaren hebben we zoveel appels gehad.

003

Tijd om kilo’s te verwerken tot moes, gelei, taart. Lizzie verheugt zich op de eerste appelcrumble. Terwijl ik de oogst bekijk onder het genot van een drankje waarin de zon tot goud verwordt, met twee spelende puppies aan mijn voeten en wel al een dik vest aan, want het is tenslotte al half oktober, overvalt me een diepe treurigheid.

12okt3

De energie die een mooie herfstmiddag als dit kan geven, verdrinkt in weemoed. “Kijk naar wat je hebt..”probeer ik mezelf streng toe te spreken. Het drankje, de zon, de appels en de pups maken niet genoeg endorfine aan.

13okt13

Ik kijk naar wat ik heb en besef met een intense vermoeidheid dat ik er weer afscheid van moet nemen. Vorig jaar rondom deze tijd was Gijs aan het afscheid nemen en ik van hem. Hij keek toen naar de tuin, naar de appelboom waaraan een klein, hard exemplaar hing en hij wist dat hij een nieuwe oogst niet meer zou zien. En de opbrengst ervan niet meer zou proeven.

13oktgelei2

Door een brief weet ik dat ik een nieuwe oogst hier ook niet meer zal zien. Waar ben ik volgend jaar? Wat doe ik? Heb ik dan mijn geliefde honden nog wel om me heen, kan ik dan nog wel plannen met hen hebben?

Ik nip van mijn drankje en kijk naar de ruïne van mijn leven met Gijs, hier. Maar ook naar het verloop van mijn professionele leven. Naar de carrières die door omstandigheden afgebroken moesten worden, nog voordat ze tot volle bloei waren gekomen. Maar altijd was er hoop dat een nieuwe weg in slaan de beste weg was. Dat was het uiteindelijk steeds weer, na werken en knokken en opbouwen. Ik heb mijn laatste, bloeiende en boeiende werkkring opgegeven om ons huwelijk te redden: er moest verandering komen in de situatie die toen niet rooskleurig was. Er moest nieuwe hoop komen en die kwam, door de verhuizing naar hier. Een beslissing die absoluut de juiste bleek, want Gijs is hier gelukkiger geweest dan de eerdere jaren. Alleen al het feit dat hij de laatste zeven jaar van zijn leven geen paniekaanvallen meer gehad heeft, wijst me erop dat onze beslissing toen goed is geweest.

Maar nu ben ik op een tweesprong terechtgekomen die minder fortuinlijk lijkt: over 9 maanden ben ik niet in staat meer om hier te blijven zolang ik geen constante inkomstenbron heb. En die heb ik niet, want ik heb geen recht meer op de uitkering die er nu nog is zolang Lizzie 17 is. De hondenopvang is nog te klein om me van een salaris te verzekeren. En hoe fantastisch het ook is dat er nu al mensen op de wachtlijst staan voor een eventueel volgend nestje van een van mijn honden, ook dat zet niet de noodzakelijke zoden aan de dijk.

De sollicitaties die ik de afgelopen weken de deur uit heb gedaan hebben me niet gebracht wat men hoopt als de zoveelste motivatiebrief met CV weg gaat. De meeste werkgevers reageren niet eens op mijn enthousiaste verhaal. En het meisje wat ik aan de telefoon krijg als ik bel of mijn sollicitatie wel is aangekomen, zegt professioneel en accuraat: “Ja, die hebben we binnen. Maar u voldoet niet aan het profiel.” Voor de zoveelste keer ga ik er op in: “Ik voldoe wel aan het profiel wat jullie in de advertentie hebben gezet. En meer. Want ik heb ook alle papieren die nodig zijn voor een leidinggevende positie, naast een ruime ervaring, enthousiasme en kennis.” Ja, ik lijkt mezelf goed te kunnen verkopen. Maar het meisje, wellicht jonger dan Laura, zegt dat ze zal doorgeven dat ik gebeld heb en daarmee is voor haar het gesprek afgelopen.

Ik kijk naar wie ik ben en de treurigheid versterkt zich. 54 jaar, weduwe, geen werk en een kind in het examenjaar. Een huis dat niet meer te betalen is als het examen achter de rug is. Ik heb de moed en de kracht, maar vooral de passie niet meer om weer helemaal van onderaan opnieuw iets te gaan opzetten; ergens in een  goedkope huurflat zonder hondjes en met een logeerkamertje voor als de meisjes komen logeren? Een baantje wat me net genoeg oplevert? En dat nog zeker zeven jaar, als het tegen die tijd niet langer zal zijn? Ik kan niet eens huilen, zo treurig is het.

Het was de laatste mooie middag, de dagen erna is het regenachtig en grauw. De kachel gaat aan, de lampen branden de hele dag. Lizzie is hard aan het werk voor de toetsen en sluit zich af voor alles wat in de regen gedaan moet worden. Omdat de voorband van haar fiets toch echt kapot blijkt, heb ik hem naar de fietsenmaker gebracht. In een alles doordringende regen loop ik in de schemer over de wijk om hem weer op te halen en ga dan meteen de boodschappen doen. Maar het scholierenfietsje heeft niet de ruimte voor drie boodschappentassen, dus ik moet een kartonnen doos op de bagagedrager binden. Die binnen de kortste keren doorweekt is waardoor de pakken melk en brood over de natte straat rollen. Mopperend kom ik thuis, waar de honden zo om me heen springen dat ik bijna struikel met mijn natte rommel en de pups meteen naar buiten moeten om niet ook nog een grote plas te hoeven opruimen. Ik vloek hartgrondig en roep de honden op luide toon naar binnen, waar Lizzie in de grote stoel haar koptelefoon afdoet. Ze is boos, zegt dat ze het heel vervelend vindt dat ik zo doe, dat ik de hele dag al loop “te stressen” en dat ik haar het idee geef dat het aan haar ligt. Ik hoor het haar zo diplomatiek mogelijk formuleren. Ik zeg dat het niet zo is. Maar het geeft me wel aan dat het allemaal erg uit de hand aan het lopen is. Ik begin te huilen en kan niet stoppen. Het refrein in mijn hoofd zit er al jaren maar baant zich nu een weg naar buiten: wie ben ik, wat kan ik nog en waar moet ik heen? Een knoepert van een identiteitscrisis ligt voor mijn voeten als een hoop nat karton.

Lizzie heeft haar vriendinnen vrijdagavond uitgenodigd om sushi te komen maken en dat gaat uitmonden in een slaapfeestje. Laura komt ook en het is een rommelige, gezellige drukte. Op zaterdagochtend, als alle meisjes nog slapen, ga ik met een lieve kennis en de pups naar een hondenzwembad en als ik terug kom zie ik dat de logeetjes hun ontbijt hebben gehad. Er komt een logeerhond en ik heb het net zo uitgerekend dat hij komt als ik net weer thuis ben, zodat ik daarna met Laura nog even haar Heerenveen kan omdat ik naar de bank moet. Die sluit op zaterdag om twee uur. Maar het logeerhondjes is een kwartier te laat, een half uur, drie kwartier… ik ga bellen en krijg zijn baas aan de telefoon die zegt dat ze wat verlaat zijn en onderweg. Ik merk dat ik uitermate korzelig reageer omdat ik mijn plannen zie verdwijnen. Ook dat is een teken dat ik mezelf niet ben.

En als ik ’s avonds opnieuw een gierende huilbui heb, omdat ik me ineens niet meer kan herinneren hoe Gijs zijn stem klonk, hoe zijn handen aanvoelden als hij ze om de mijne heen vouwde en dat ik binnen enkele maanden alles wat me aan hem doet herinneren moet gaan bekijken of ik het weg moet doen of dat ik het mee kan nemen naar een klein, nieuw, karig bestaan…dan weet ik het zeker. Ik weet niet meer wie ik ben.

071

Midden oktober. Ervaring.

Een van mijn pupkopers uit het nestje van twee jaar terug vraagt of ik iemand wil helpen die een hondje van tien weken jong heeft en daar problemen mee heeft. “Inslapen dreigt..”is haar alarmerende boodschap. Vanzelfsprekend wil ik helpen. Ik ben geïntrigeerd dat inslapen dreigt bij een pup van twee weken jonger dan mijn gezonde en vrolijke stel. 5okt14

Inderdaad belt er een man, die me verteld dat hij een Golden retriever pup heeft gekocht bij een fokker die een eenmalig nestje had. Een leuk teefje met een stamboom, daar een leuke reu bij, ze hebben wel gekeken of de heupen en ellebogen goed waren en of er geen cataract was en de pups zijn zonder stamboom verkocht: “Want anders is het zo duur. Een hondje met een stamboom kunnen we niet betalen…” 

10.10.1

Thuis blijkt het hondje schilfers te hebben in de vacht. Als het de negen weken enting heeft gekregen wordt het een dag daarna ziek, diarree en sloom en ze krabt heel veel en is onrustig. Meneer gaat op internet zoeken naar antwoorden en vindt een moeilijke naam voor schilfertjes: Ichtyosis. Hij ziet plaatjes van heel ernstig zieke honden, hij ontdekt dat het ook wel de visschubziekte wordt genoemd en dat mensen het ook kunnen krijgen. Hij raakt in paniek en belt de fokker, die niet weet wat het is en ook niet weet wat er moet gebeuren. De man maakt een afspraak met de dierenarts; als zijn hondje inderdaad lijdt aan deze verschrikkelijke ziekte, dan rest hem maar een ding: het hondje laten inslapen zodat het niet gaat lijden.

Nadat ik het verhaal heb aangehoord, met een inwendig groeiende onmacht over zo’n gemakkelijke manier van pups op de wereld zetten, verkopen en niet weten waar je mee bezig bent, besluit ik om mijn vooroordelen niet te laten prevaleren. Eerst moet ik er achter zien te komen waarom meneer zijn hondje wil laten inslapen.

“Omdat het zo verschrikkelijk is dat ze ichtyosis heeft, omdat mensen het ook kunnen krijgen en we jonge kinderen hebben en omdat ze in het weekend al ziek was.” Ik inventariseer een aantal zaken: De pup heeft geen jeuk, maar was onrustig in het weekend. Ze heeft diarree gehad en ze zijn op ander voer over gegaan omdat het voer wat ze van de fokker mee kreeg niet van de allerbeste kwaliteit is. Integendeel. Dus hebben ze gekozen voor een peperduur A merk, waar  “Golden Retriever” in de naam staat.

Ik begin met uit te leggen dat de pup zeer waarschijnlijk een slechte reactie op de enting heeft gehad. Sommige hondjes kunnen daar behoorlijk ziek van zijn, zeker als hun weerstand niet al te groot is door een verkeerde voeding. Dan leg ik uit wat ichtyosis bij de Golden Retriever is. Schilfertjes, meestal samenhangend met een droge huid. Geenszins besmettelijk en ook niet overdraagbaar op mensen. Dat er een heel groot deel van de huidige Golden Retriever populatie lijder of drager van ichtyosis is dat er momenteel een heel klein percentage van de Goldens vrij is van deze aandoening. Ook leg ik uit dat de variant, zoals die bij de meeste Goldens voorkomt, absoluut niet dodelijk is en de hond in kwestie er zelf nauwelijks last van heeft. De man heeft voorbeelden nodig om de akelige plaatjes van het internet te veranderen op zijn netvlies. Ik leg de link naar “roos:” een droge hoofdhuid, schilfers op de schouders van je donkere jasje maar geen jeuk op je hoofd. een verstoring in je talgwerking.  

13okt1

Van mijn vier teefjes zijn er twee lijder van ichtyosis. Een van hen heeft twee nesten gehad. Bij haar eerste nest was het nog helemaal geen bijzonder gegeven. Er werd niet getest en het was vrijwel bij elke fokker een gewone zaak: de pups hadden wat schilfertjes in het nest en dat zou af en toe terug kunnen komen. Er was geen naam voor. Ze hadden er geen jeuk van en dat was het dan. Door de maanden heen werd het wel een probleem, voornamelijk doordat er aandacht aan werd besteed door hondeneigenaren die geen schilfers op hun donkere vloerbedekking wilden. Ook omdat de mentaliteit aan het veranderen was: je koopt een hond en dan moet je geen ziektes of ongemak hebben. Er werden steeds meer nesten verkocht met een contract en voorwaarden en men wilde “garantie” op een gezonde hond. Schilfers horen daar helemaal niet bij. Ik vertel de man dat ik in mijn kennel met de vele, vele opvanghonden veel honden met ichtyosis zie en er nauwelijks een hond is die er last van heeft. Maar ik wijs ook op een aantal zaken die hij zou kunnen gaan hanteren om het een beetje binnen de perken te krijgen: ander, goed voer, niet elke dag borstelen, wat visolie door het voer enzovoort.

12okt2

We spreken af dat hij binnenkort met het hondje naar mij toe komt, zodat ik het kan bekijken en hem een goede richtlijn kan geven over hoe hij zijn hondje moet gaan voeren en dan kan ik ook zien hoe ernstig de schilfertjes zijn. Ik maak geen illusies: hun pup zal zeker ichtyosis-lijder zijn. Maar ze kan er stokoud mee worden (een van mijn lijders werd bijna veertien en heeft geen dag te veel gekrabt) en met wat eenvoudige tips kan het wat gereduceerd worden. 

We hebben het behalve het voer ook over een sterilisatie: de man wil dat laten plaatsvinden voordat het teefje haar eerste loopsheid heeft gehad, dus voor haar zesde levensmaand. Ook daarin leg ik het een en ander uit: vooral dat ze dat zeker niet moeten doen, ook al worden ze daarin geadviseerd om kanker te voorkomen. Ik staaf het ook weer met voorbeelden die hij beter kan begrijpen dan termen: je geeft je dochter toch ook niet de pil als ze nog niet ongesteld is geworden? Als ik na anderhalf uur de telefoon neerleg en de afspraak voor een bezoekje in de agenda staat, besef ik dat ik datgene doe wat de fokker van deze pup had moeten doen: informatie geven, begeleiding geven en vooral de paniek wegnemen in de hoop dat de pup een gezond en gelukkig lang leven tegemoet kan gaan.

13okt7

Ik zou willen dat er door de rasvereniging veel meer aandacht werd besteed aan het overdragen van ervaring en kennis aan pupkopers, aan het bieden van laagdrempelige, duidelijke informatie over gezondheid en verzorging en dat de pup-prijzen aan banden gelegd worden, zodat men niet naar de “goedkope” fokkers gaat waar nauwelijks kennis te vinden is. Dat er informatie-avonden georganiseerd worden voor aanstaande pupkopers. Dat er begeleiding geboden wordt, eventueel door middel van een telefonisch spreekuur, zodat mensen als deze man op de juiste manier geholpen kunnen worden. Ja, dat zou ik willen….. 

Ik knuffel mijn beide ichtyosislijders eens uitgebreid en stop dan mijn neus in het donzige, gave, schilfervrije vachtje van mijn kleine reu. 

13okt19

Oktober, eerste helft. Toeval bestaat.

Twee puppen opvoeden is gemakkelijker dan drie. Maar nog altijd moeilijker dan een. Ik merk dat ik vooral vroeg in de ochtend steeds een fractie te laat ben: als ik de ene pup buiten heb om te plassen, is de ander net nog op de drempel binnen al met de hoge nood bezig. Wekker zetten een kwartier eerder heeft hetzelfde effect, ik ben steeds iets later dan de pups zelf. Maar twee droge nachten is al een goede score.

Toeval bestaat, gaf mijn diepzinnige bezoekster van zondag me mee. En deze week sta ik stil bij dat fenomeen, want zo zoetjes aan zijn er genoeg dingen waardoor ik er wel in moet geloven.

Ik meldde het al eerder deze maand: Laura, Lizzie en ik gaan de Kerst doorbrengen op Herm, tegenover het huisje waar Gijs en ik onze huwelijksreis beleefden. Guernsey en Herm waren belangrijk voor ons, Gijs was er zielsgelukkig en we hebben er samen onze eerste vakantie doorgebracht en we hebben er onze laatste vakantie samen doorgebracht.

herm air

Toen Gijs vorig jaar aan het eindpunt van zijn leven was, beet hij zich in een aantal zaken vast. Het uitzoeken en registreren van zijn stamboom, het  terughalen van zijn eerste liefde en het vinden van een naam voor het hondje dat hij nooit zou kennen.

Tijdens onze huwelijksreis hebben we ervan gedroomd om ons op een eiland als Herm te vestigen en Gijs ontpopte zich toen al als verzamelaar en onderzoeker: hij las alles wat over Herm te vinden was en zo moest er ook een boek uit Amerika komen dat geschreven was door Compton Mackenzie, een schrijver die tussen 1920 en 1923 de eigenaar van Herm en Jethou was. Deze schrijver, geboren uit theatrale ouders, sprak zeer tot de verbeelding van Gijs en hij heeft het boek herlezen. Maar bij het verder speuren naar Mackenzie’s werk, stuitte hij op een aantal andere werken van hem en verdiepte hij zich meer in de levensloop van de man. Dat hij een groot liefhebber van eilanden was, vond Gijs een mooi, “toevallig” gegeven, want niet alleen was Herm zijn thuishaven geweest, hij bouwde in 1930 een huis op een klein Schots eiland waar hij een van zijn meest bekende werken, “Whisky Galore,” schreef en hij werd daar uiteindelijk ook begraven.

Gijs zou Gijs niet zijn geweest als hij niet dat werk wilde lezen en dat heeft hij nog gedaan; zijn laatste boek. Dat was wat ik tijdens mijn Schotse reis in mei als aanplakbiljet in Dumfries tegenkwam: een uitvoering van Whisky Galore… En de naam van ons hondje is Barra, naar het Schotse eiland waar Mackenzie dit verhaal schreef en waar hij zijn laatste rustplaats kreeg. Barra is van Gijs.

158

Terwijl M. enkele weken geleden aan een Gin and Tonic nipte aan onze tafel, zei ze dat ze de geest van Gijs in alles in ons huis kon voelen. “Jullie moeten zo veel met elkaar gehad hebben…” zei ze. “En ook al kende ik hem niet, toch heb ik me op een bepaalde manier verbonden met hem gevoeld omdat hij zo dol was op mijn Johnny-boy..” We memoreerden het verloop van onze contacten van vorig jaar. M. was, behalve mijn dochters en vriendin H. de enige die ik “sprak” op de sterfdag van Gijs, ze was ook de eerste buiten ons huis, die wist dat hij overleden was, door een toevalligheid. En dat er meer toeval is, vertrouwde ze me na nog een slokje G. en T. toe. Haar meisjesnaam is “Neil,” een door de jaren heen afgekorte verbastering van “Mac Neil,” de Schotse clan waartoe haar voorouders behoorden. Een clan die zijn oorsprong vond op, jawel, het piepkleine eilandje “Barra….” De groen/blauwe tartan “MacNeil” of Barra is daar het kleurrijke bewijs van…..

tartan

We brachten een toast uit op Gijs. Wat had hij van deze toevalligheid gesmuld, met zijn grote vermogen om symboliek te willen zien.

Het boek wat ik in 2005 schreef, was deels gebaseerd op mijn eigen herinneringen als balletdanseres, maar ik wilde er een aantal mensen die belangrijk voor me waren geweest en veel te vroeg gestorven waren, in laten “doorleven.” Ik wilde ook de Couleur Locale op Herm beschrijven en Gijs zei altijd vertederd en een klein beetje koketterend dat de “mannelijke hoofdpersoon” geschreven was naar hem. En dat was deels ook zo, buiten het stuk fictie om. Ik beschreef toen in de laatste hoofdstukken dat mijn “heldin” haar vroeggestorven geliefde terug geeft aan de zee en de wind op het eilandje waar ze ooit gelukkig waren.  Hoe toevallig is het dat tien jaar nadat ik dat schreef, ik dat werkelijk ga beleven? Dat er een aantal passages in mijn boek zijn, die ik vroeger zelf heb meegemaakt, maar dat er uiteindelijk veel meer passages zijn geweest die ik na het schrijven ervan heb meegemaakt? Hoe toevallig kan dat zijn?

En tot slot van deze bizarre reeks van toevalligheden, stuit ik op een foto die ik vorig jaar van Gijs en zijn innig geliefde hondje Jane maakte. Zijn allerlaatste wandeling met een hond, zijn allerlaatste ritje naar de Tjonger met zijn auto. We hadden toen Jane en Chico mee. Mijn liefste Chico, die nauwelijks zes weken later onverwacht aan hartfalen bezweek.

Ik klik de foto weg, voel nog de pijn en verdriet van die wandeling en die dagen.

DSC_0001.1

Dan merk ik dat Jane niet wil eten. Ze komt niet als ik de bakjes van de honden vul en ze lijkt het niet mee te krijgen. Ik geef haar wat vlees van de puppies uit de hand en ze neemt het met kleine hapjes van me aan, maar het gaat niet van harte.

Ik merk ook dat er in de gang, in de keuken, bij de voordeur geplast wordt en ik weet heel zeker dat het niet van de pups is. Tot mijn verwondering zie ik ’s nachts dat het Jane is, die in de gang plast.

De volgende ochtend wil ze weer niet eten en als ik haar naar buiten laat, dribbelt ze naar het hondenzwembadje, om daar vervolgens wel vijf minuten water uit te drinken. Als ze naar binnen komt en in haar mandje wil gaan liggen, zie ik dat ze daar veel moeite mee heeft, ze heeft duidelijk pijn. Ik realiseer me dat het moment is gekomen dat Jane pijnstillers nodig heeft. tenslotte is ze al oud, ze moet minstens dertien en een half zijn en haar kleine lijfje heeft in haar broodfokverleden veel ontberingen doorstaan. Gijs zijn hondje… je kon hen samen uittekenen, Jane, bij hem op schoot. Toen hij vorig jaar haar aanwezigheid niet meer kon velen, was het duidelijk dat hij zelf aan de vooravond van zijn heengaan stond.

Jane wil de derde achtereenvolgende dag niet meer eten en ondanks dat ik haar gemalen pijnstilling in wat yoghurt heb kunnen toedienen, beweegt ze per uur moeilijker en kan ze niet goed meer gaan liggen. 

Het voelt absoluut verkeerd en ik besluit de nacht bij haar te blijven slapen om haar op de pootjes te helpen als ze op wil staan uit haar mandje. Maar er lijkt iets apathisch over haar heen te komen en zo nu en dan dommel ik wat en schiet klaarwakker als ik haar niet meer hoor ademen. Toch slaat ze steeds haar ogen naar me op en dan zie ik het, ze is letterlijk dodelijk moe. Ze ligt te rillen en ik leg Gijs zijn dikke vest over haar heen, zodat ze wellicht iets van zijn warmte en veiligheid kan voelen. Als ik haar van haar bedje optil om buiten te laten plassen, staan haar pootjes en staart stijf en heeft ze er tegelijkertijd niets van kracht meer in. Ze blijft in de positie waarin ik haar neerzet en plast minutenlang. Ze lijkt daarna naar het zwembadje te willen wankelen, maar valt. Ik geef haar water uit een drinkbak en til haar weer naar binnen. Ze laat zich met en kreun op haar zij vallen en haar pootjes staan in een vreemde positie. Ondanks het idee dat ik haar moet laten nakijken, weet ik wat me toe doen staat. Jane is aan het einde van haar zware leventje gekomen. Ik dek haar toe met Gijs zijn werkshirt.

jane laatste foto

En dan schiet de foto van vorig jaar me weer te binnen… ze gaat haar laatste reis maken en misschien, heel misschien komt haar geest bij Gijs en lopen ze daar verder.

Het zou een troost kunnen zijn. Want ook Chico is bij hen, die vorig jaar tijdens hun laatste wandeling mee liep.

DSC_0006 bew (3)

 

En het hele roedel overleden honden, inclusief de pups die Gijs zo graag wilde en Jock, de hond waar de vriendschap met M. door ontstond. De vriendschap waar Barra uit geboren werd.

Toeval bestaat en ons bestaan is rond….

039

Begin oktober. Nazomer.

Ineens is September 2015 voorbij en rollen we Oktober in. Er zijn nog twee pupjes samen met ons eigen reutje Barra. Het drietal houdt me flink bezig, omdat ik ze zo zindelijk mogelijk wil maken, maar ook omdat ik de hondjes dat wil meegeven wat ze later nodig hebben. Gelukkig is het stralend mooi nazomerweer, in de vroege morgen hangt er nog een kille mist over de velden, als Lizzie op de fiets stapt, maar halverwege de ochtend lost de mist op en komt steevast een zonnetje erdoor, dat zelfs in de middag warm is. 

mist2

Ik geniet van de pups, die genieten van het spelen op het veld en in de tuin. Ze worden met de dag stoerder en steviger. Onze Barra ontpopt zich tot een energiek, gemakkelijk en geestig hondje. Gijs zou nu al van hem houden om zijn vrolijke fratsen en zijn aanhankelijkheid.

4.barraeend10

Halverwege de week komt Lizzie na de nacht naar beneden en zie ik aan haar dat ze niet in orde is. Ze voelt zich niet lekker maar kan niet duiden waar het probleem zit. Ze huilt, is onbestendig verdrietig. Ik laat haar terug naar bed gaan en bel school af. Ze geeft datgene aan, waar ik al dagen mee rondloop, zonder dat ik er de vinger kan opleggen. Iets verdrietigs van binnen, dat vecht met een opgejaagd gevoel omdat de tijd zo vliegt.

037

Is het omdat we aan het einde van een prachtige puppentijd zijn? Omdat het najaar onherroepelijk ons leven weer binnen komt, compleet met magische herfstdraden en kleurrijk versterven? Is het omdat ik verdriet heb om onze vorige herfst en bang ben voor de volgende? Is het omdat ik weer een nieuw inkomsten,- en uitgavenformulier voor de bank moet invullen, met alle bijbehorende bewijzen en papieren? is het omdat ik op een ochtend in het dorp loop en een vrouw voor het raam haar man zie uitzwaaien, die vermoedelijk naar zijn werk gaat? Zoals ik ook altijd deed? Is het omdat ik Gijs steeds meer en meer lijk te missen?

041

Lizzie gaat wat lezen op de bank en ik vraag aan de buurvrouw of ze mijn papieren wil uitprinten. Het printertje wat ik in het voorjaar kocht doet niet wat het moet doen: het loopt voortdurend bij de papierinvoer vast, waardoor ik meer dan een half uur bezig ben om de stukken kapotgetrokken papier los te peuteren. Het display gaf al in een vroeg stadium steeds aan dat het papier op was, ook al zat er genoeg in, dus iets is niet in orde. Maar ik kan onmogelijk de formulieren afdrukken, dus klop ik bij de buren aan.

Er staat een prestatie tegenover: koffie drinken buiten en een paar foto’s maken van een hondje. Dat voorstel neem ik gretig aan en zo komt het dat ik een half uur later een gevoel van spijbelen heb en zelfs mijn vestje uit moet doen omdat het warm is in de najaarszon. We kletsen over van alles, drinken koffie, maken foto’s, ik haal ook de drie pups er even bij zodat ze lekker op het pad kunnen spelen en ondanks dat de verdrietige bal in mijn maag niet weggespoeld is, was het spijbelmiddagje alles waard. Want hoeveel van die warme middagen komen er nog?

093

1 oktober wordt tussen hondenuitlaat en puppenverzorging volledig opgeslokt door het invullen, scannen en bij elkaar zoeken van alles wat de bank wil hebben. Als ik het hele document heb weggestuurd mag ik van mezelf iets leuks doen. Ik ga verder met het plannen van de vakantie in december.

Als antwoord op mijn mailtje naar het appartementencomplex op Guernsey, waar ik met de meisjes wilde logeren, krijg ik vrijwel meteen een berichtje terug. Ze verhuren de huisjes niet rond Kerst en willen wel een aparte prijs maken voor een hotelkamer voor drie personen. maar als ik dat door-reken, gaat dat ver buiten mijn budget: 40 pond per persoon per nacht en dan zeven nachten… dat gaat me niet lukken. 

Er popt een nieuwsbrief van het eiland Herm op, in mijn mailbox. Ze bieden een Herfstarrangement aan en melden dat er nog enkele cottages beschikbaar zijn met Kerstmis. Ik ga meteen contact opnemen en hoor dat er een huisje beschikbaar is, recht tegenover het appartementje dat Gijs en ik huurden tijdens onze huwelijksreis. Opnieuw rolt de bal van verdriet mijn maag door.  Maar het is ook wel weer mooi; misschien moet ik daar de prijs maar van vragen. Ik krijg een persoonlijk mailtje terug van de dame van het boekingskantoor. De prijs is zodanig dat het ver onder mijn budget ligt. Alleen zijn de huurdagen iets afwijkend: we kunnen er pas de tweede dag van onze vakantie in en het is dan gehuurd tot een dag na ons vertrek. Toch is het te doen, zelfs met twee bed and breakfast-overnachtingen op Guernsey. Ik stuur de meisjes een berichtje… het wordt “Christmas-pudding” bij de open haard en een ander soort vakantie; rust, zee en wandelingen op Herm. Gijs zal met Kerst zijn laatste plekje hervinden….

Islay gaat zaterdag met me mee naar een show in Zwolle en dat vergt aardig wat voorbereiding, omdat haar vacht van een andere structuur lijkt te zijn geworden in de afgelopen maanden. Een paar dagen eerder as J. hier een middagje en hebben we haar flink ontwold, maar haar vacht blijft dik en vol. Ze is gewassen, ze is netjes bij getrimd en als ik de laatste hand aan haar staart leg, merk ik dat ook die zo enorm vol is geworden dat er veel afmoet om hem netjes in verhouding met de rest van haar lijf te krijgen.

De show is voornamelijk gezellig. Er zijn oude en nieuwe bekenden en als ik tegen een uur of 12 in de ring sta, voelt het goed. Islay is heel gemakkelijk, ze staat prachtig en ze loopt met een los lijntje vrolijk kwispelend naast me in een goed, vlot tempo. De keurmeester betast haar en vraagt hoe oud “deze jongedame” is. “Deze jongedame is vijf en een half..” zeg ik en dan grapt hij; “Ik zal niet vragen hoe oud deze jongedame is..” terwijl hij op mij wijst. Ik lach: “In ieder geval geen vijf…” Dan bevoelt hij Islay. “Die Goldens toch, ze zijn zo dol op eten he..” Ik beaam dat. “Deze jongedame heeft misschien een beetje teveel van haar eten genoten..” constateert hij. We moeten ons individuele rondje lopen en Islay gaat weer soepel en mooi de ring door. Ik vind het heerlijk.

Ze wordt als derde geplaatst. De keurmeester geeft me een hand en zegt dan: “Ze is een mooie hond, maar ik geef haar een ZG omdat ze op het moment te zwaar is. Dat neemt het goede plaatje tijdens haar gangwerk weg, want ze heeft wel een heel goed gangwerk…” Even voel ik een kleine teleurstelling, maar ik begrijp het wel. Islay heeft de laatste weken wat minder vaak haar eigen individuele wandelingen gehad en dat is te merken in haar conditie. ik vind haar zelf niet te zwaar, voel goed haar ribben, maar ze is wat losser in haar bespiering geworden en met die mega dikke vacht toont ze daardoor massiever. ik neem me voor om haar training weer op te pakken en dan zeker dit jaar nog een show met haar te doen als ze in een steviger conditie is.

zwolle8

En dan is het dierendag en gaat pupje Lewis naar zijn nieuwe baasjes. Hoe “rond”is het, dat het vandaag acht jaar geleden is dat onze eigen Lewis geboren werd? Mijn oogappeltje, die maar twee jaar mocht worden en ook door die akelige ziekte van ons werd afgenomen. Opnieuw stof voor een huilbui, de talrijke verliezen van de afgelopen jaren krijgen allemaal een eigen traan vandaag.

lewisindewind2

Kleine Lewis gaat een mooie toekomst tegemoet en ik hoop een lange, gezonde toekomst. In ieder geval zijn de negen hondjes, die Skye twee jaar geleden op de wereld zette, allemaal gezond en goed opgegroeid en de eigenaren zijn er allemaal gelukkig mee. Dat was het nest, wat Gijs inspireerde om zelf te gaan zoeken en kijken naar mooie reuen en stambomen en waardoor hij bij  “Rainscourt Morse at Knockothie” terecht kwam. Een hond, waar hij op afstand verliefd op werd en waarvan hij graag nakomelingen zag. Die er nu zijn, als achterkleinkinderen. En waarvan er vandaag een aan zijn eigen leventje begint.

029

Ik krijg nog een bezoekje van een lieve, inspirerende vrouw die ik nauwelijks ken maar waarmee toch een bepaalde verwantschap voelbaar is. Ze wijst me op de cirkels in het leven. Die ik zeker zie en volg. 

Als we afscheid hebben genomen en ik haar ook heb nagezwaaid, ga ik verder met de cirkel van deze zondag: pupjes uitlaten en een stukje fietsen met Islay. Lizzie en ik eten een omelet en maken er een rustige avond van. We proberen niet veel te denken aan vorig jaar, toen dierbare vriend R. voor Gijs een verjaardagsfeestje had georganiseerd met zijn favoriete band. Toen Gijs zo genoot met de dood in de ogen. Die herinnering doet nog teveel pijn.