Maandelijks archief: december 2015

Vlucht naar vroeger. 2

Hoe meer ik van mijn lijstje afwerk, hoe meer nieuwe dingen erbij komen. Lizzie heeft deze dagen de Kerstmusical en gaat in de ochtend om kwart over zeven de deur uit, om er ’s nachts, of helemaal niet weer in te komen. Woensdagavond is de eerste voorstelling en ze stuurt me een berichtje dat ze niet voor half twaalf thuis is. Ik kan met S, mijn buurvrouw, mee met Barra naar ringtraining en omdat de les pas om negen uur begint zal ook ik pas na elf uur terug zijn. De les is de laatste voor een flinke tijd. Niet alleen vanwege de feestdagen, maar simpel omdat S. geen honden meer heeft die les moeten hebben en ik dus niet met haar mee kan rijden. Reden genoeg om flink te werken; en dat kan mijn kleine mannetje!

training klein

Donderdag is droog en ik wil het terras schoonspuiten, omdat al de natte hopen bladeren vies en modderig zijn geworden. Ik begin er aan zodra ik in de ochtend de honden heb uitgelaten, om kwart over tien zet ik de hogedrukspuit aan.  Als ik, met af en toe een kleine pauze tegen drie uur stop is het nog niet helemaal schoon en klaar, maar ik heb geen tijd meer om verder te gaan. De hondjes moeten er weer uit en omdat ik vanavond naar Lizzie’s musical ga kijken, is er nog het een en ander te regelen.

Het roept een diepe emotie op als ik, tijdens de voorstelling in de changementen mijn eigen Lizzie met het decor zie sjouwen. Kind van haar vader… snel, accuraat en o zo betrokken bij alles wat er op en rond het toneel moet gebeuren. Tegelijkertijd weet ik dat dit de allerlaatste schoolmusical is waaraan ze zal werken, omdat we ervan uit gaan dat ze haar examens gaat halen in het voorjaar.  En dan het altijd knagende gemis van de man die hier zo trots op was geweest, die met een glimlach naar zijn kind had gekeken in de stille hoop dat ze ooit in zijn voetsporen zou treden…..

Vrijdag wordt de bekende race tegen de klok. Lizzie is om drie uur thuis en behalve dat we de koffers moeten inpakken en ik nog en aantal zaken uit Heerenveen nodig heb, wil ik ook de laatste Golden Gazettes versturen en nog diverse wassen draaien. Ook allerlei telefoontjes moeten gepleegd worden en ik merk dat ik me er opgejaagd door voel, maar het is niet anders dan alle andere keren als we op vakantie gingen; het is blijkbaar iets wat bij mij hoort. Als Lizzie thuis is, komt er een nieuwe tas met was naar binnen en de kleine hond begint ineens te spugen; zodat zijn vetbed ook de machine nog in moet. We combineren alle verplichtingen in Heerenveen met een sushi-maaltijd en zijn om acht uur weer terug bij onze open koffers. Skye ligt onder de Kerstboom en  ik zie haar buikje opbollen. Als we terug zijn zullen we de pups kunnen voelen bewegen, een schokkende gedachte omdat alles zo snel gaat. Ik heb haar nog wel kunnen wassen en haar staart wat bij geknipt, alvast ter voorbereiding op wat komen gaat.

025

Een hele slechte, onrustige nacht wordt gevolgd door een vroege ochtend. De knoop in mijn maag, die altijd voelbaar is als ik een vliegtuig in ga, zorgt ervoor dat zelfs de eerste kop koffie erg onverstandig voelt en het enige wat ik naar binnen kan krijgen is een beetje sinaasappelsap. Ik zet de allerlaatste was aan en als Lizzie ook beneden is, verschonen we haar bed en haal ik de stofzuiger door de kamer. Dweilen lukt niet meer, omdat de honden dan met hun modderpoten opnieuw binnen komen.  Lizzie heeft geregeld dat M. ons met alle bagage naar de trein brengt, naar de bushalte lopen met zoveel spullen zou ons een half uur extra kosten en al spierpijn nog voor we van de zenuwen verkrampt in het vliegtuig zitten. Toch heb ik besloten de tabletten tegen de angst niet in te nemen. De vorige keer heeft het niet echt iets uitgehaald en ik heb nu het idee dat ik de controle tot het uiterste wil houden, de meisjes hebben alleen mij nu.

De treinreis verloopt soepel en we komen Laura op het station van Schiphol tegen. Op zich zijn we ruimschoots op tijd, maar omdat er overal enorme wachtrijen staan voor de incheckbalie’s en controles, moeten we toch behoorlijk doorlopen om op tijd bij de gate te zijn. Even ergens een kop koffie drinken is er niet bij en eer ik het in de gaten heb, proppen we onze handbagage in het kluisje boven onze stoelen en gespen we de veiligheidsgordels om. Ik zit alleen, de meisjes naast elkaar en dat is goed. Laura heeft de rust die Lizzie nodig heeft en zo kan ik me concentreren op mijn eigen, onberedeneerbare, vliegangst.

Die toeslaat als we opstijgen, brok in mijn keel, benauwd en tranen in mijn ogen. Maar ik probeer met mijn hele wezen te kijken naar de dansende letters voor me in een tijdschrift en merk dat het werkt. Het bekende “Tinggg” van de indicatielampjes, ten teken dat de veiligheidsgordel los mag, is er sneller dan ik dacht. De ademtuig die ik dan neem is er een van opluchting:het akelige gevoel hoeft deze reis nog maar vijf keer, vanwege een tussenstop op Jersey, en het viel mee.

028

Op Southampton moeten we een paar uur stukslaan, dus we gaan, net als de vorige keer toen Gijs er nog bij was, naar de enige pub die de vluchthaven rijk is, om even iets te eten en te drinken. We kiezen voor een schotel met allerlei hapjes, warme, met spek omwikkelde worstjes en een lekkere tomatensalsa. We halen herinneringen op aan de vorige keer. Na nog een ijsje en wat rondgekeken te hebben in het winkeltje, kunnen we door naar de paspoortcontrole en de douane. Alle spullen moeten opnieuw op de lopende band en dan komt het bizarre moment waarop mijn handkoffertje opzij wordt geschoven, ten teken dat er zich mogelijk een vreemd object in kan bevinden. Ik kijk de meisjes aan, we weten het. Ik haal de brief van het crematorium uit mijn handtas, waarin aangegeven wordt dat we de as van een overledene vervoeren. Er  komt een dame aan, die het koffertje open maakt en de brief leest. Tussen mijn sokken en shirts ligt de asbus. De vrouw voelt mijn ongemak en vraagt zacht: “Are you taking him home?” Met tranen in mijn stem geef ik aan dat het wel zo voelt: “He is going to the place he felt at home..” “And so are you..” voegt ze er vriendelijk aan toe. Dat maakt dat de tranen mijn keel in schieten. Ze vraagt of ik hem even wil optillen, zodat ze er onder kan kijken en met een zogenaamd sniffertje detecteert ze het hele koffer en de asbus aan alle kanten. Dan legt ze mijn kleding weer terug in het koffer. Stopt Gijs vaardig en vol respect toe met een van mijn truien. “Are you happy about this? ” vraagt ze als ze alle kleding weer terug heeft gedaan. Het sniffertje wordt in een apparaat geplaatst en dat geeft een groenige kleur aan. We mogen door. De tragikomische scene, die we hadden kunnen zien aankomen maar waarvan we hoopten dat we hem niet hoefden beleven, is voorbij.

Het is donker als we op Guernsey aankomen. Zowel Lizzie als ik hebben ons wonderwel goed gehouden tijdens de verdere reis. 

031

Het is goed om in het hotel te zijn waar onze liefde voor deze eilanden 20 jaar geleden begon. Nadat we onze intrek in de driepersoonskamer hebben genomen, wordt er in de sfervolle eetzaal een tafeltje voor drie georganiseerd en zitten we een half uur later aan een heerlijke maaltijd: de mosselen in Breskens worden overtroffen door de mosselen van Guernsey. 

Na het eten lopen Laura en ik nog even langs het strand en zien we een snoer van lichtjes. Achter de ramen van een café zijn dansende figuurtjes waarneembaar, die hun Kerstborrel genieten. Bij het zien daarvan lijkt het alsof ik mijn eigen boek ben binnengelopen, dat ik tien jaar geleden schreef. Het leven heeft vreemde draaien.

041

Halverwege december alweer….

Ook deze decembermaand is tot nu toe uitzonderlijk zacht en de thermometer wijst soms zelfs lente-achtige temperaturen aan. Op zich is dat niet vervelend, de wind en vele regen wel want daardoor zijn de tuin en het erf tot grote, natte modderpoelen getransformeerd en woon ik in mijn laarzen.

033

Een verschil met de knisperende kou en het zonnetje van vorig jaar, toen we Gijs zijn uitvaart beleefden. Opnieuw verbaast het me hoe diep je in de herinneringen van toen zit, of je wil of niet.  Zelfs het vreemde, lege gevoel van het moment dat we Gijs bij het crematorium moesten achterlaten, is in mijn spieren te voelen. “Tijd om de schouders te rechten…” spreek ik mezelf toe, want dit is bij uitstek de periode om alles te laten hangen, terwijl er veel moet gebeuren. Een van die dingen op mijn lijstje is het vragen om permissie om Gijs zijn as uit te strooien op Herm. Lizzie, Laura en ik weten precies waar en het lijkt er zelfs op dat we ook het tijdstip weten: het is tijdens Kerstmis ook nog eens volle maan. Met een beetje geluk, en dat zullen we vast hebben, is het helder en zal de maan de zee verlichten. Wat is sprookjesachtiger en mooier dan zo’n ogenblik voor altijd in je herinnering mee te dragen als vervulling van een laatste wens?

Het vervullen van een laatste wens is het thema van deze paar dagen, want ik krijg een telefoontje van een hulpverleenster, die een terminale patiënte en haar echtgenoot helpt. De vrouw, veel te jong nog om het leven te moeten verlaten, heeft in een zorgeloos vroeger een Golden Retriever gehad die bijna zestien was geworden. Ze heeft altijd de herinneringen aan die hond gekoesterd en steeds gehoopt dat ze “later” weer een Golden om zich heen zou kunnen hebben. Maar het lot is haar anders gezind en nu is er geen later. Of ik een Golden heb die ze nog eenmaal kan aaien? Ik kijk naar mijn vijftal. Ik heb er vijf. Maar de kleine Barra, hoe schattig hij ook is, is nog te jong voor zoiets, te springerig. Islay is met haar overrompelend lieve glimlach zeker geschikt. Gigha is daar misschien wat te onrustig voor en wellicht zelfs te onzeker. Iona kan dit, zoals zij altijd in elke omstandigheden op haar gemak is. Maar er is er maar één van mijn groepje die verdriet en pijn haarfijn aanvoelt, en dat is Skye. Hoe vaak zij niet haar warme lijf tegen iemand aandrukte, die hier zat te huilen om de meest uiteenlopende, verdrietige redenen? Ik weet nog goed, een kennismaking voor een herplaatsing… We zaten op het terras, een man, een vrouw, de zon en Gijs was er zelfs af en toe nog even bij.  De vrouw vertelde over het overlijden van hun hond en waarom ze weer een nieuwe vriend in huis wilde opnemen. Het was pijnlijk voor haar en ze moest huilen, iets waarvoor ze zich leek te schamen in deze situatie. Maar daar was Skye, die naast haar zat en bij haar snikken op haar achterpoten ging staan en zich tegen haar aandrukte. De vrouw voelde zich daardoor wonderlijk getroost en waar de honden normaliter niet mogen opspringen, lieten we het nu gaan. 

Skye was dus de hond die mee zou gaan. 

38 dagen 1

Het werd een indrukwekkende ochtend, niet in de minste plaats omdat het voor mij allemaal zo herkenbaar was. Het ziekenhuisbed, de specifieke sfeer in de slaapkamer, mensen die op hun tenen lijken te lopen, de vrouw met haar doodzieke gezichtje en de uitgebluste ogen, zelfs de onmiskenbare geur van de aanstaande dood proefde ik opnieuw, ondanks dat er bloemen stonden en een geurkaarsje met een Kerstmis-achtig parfum.

Skye deed wat ik hoopte dat ze zou doen en meer. We hebben het bed zo laag mogelijk gezet en ze is er half opgeklommen, dicht tegen de vrouw aan. Haar man ging naast haar zitten en sloeg zijn armen om haar heen, zodat ze met Skye een kringetje vormden. Dat was zo intiem, dat ik naar de andere kant van de kamer ben gegaan om koffie te drinken, die ik maar met moeite weg kreeg vanwege de brok in mijn keel. 

Bij het onherroepelijke afscheid heb ik de vrouw ook een omhelzing gegeven, heel voorzichtig, en haar beloofd dat – wanneer er een pup van Skye bij mij blijft – ik dat hondje naar haar zal vernoemen. Dit keer geen Schots eiland. Maar een naam die de zon omhelst.

De rest van de dag ben ik verwoed bezig geweest met heel andere dingen: de adressenlijst van de mensen die zich voor het tijdschrift hadden opgegeven moest in een excelbestand naar de drukker. Voor maandagochtend elf uur. Deadlines., daar heb ik nu mee te maken. Een goed werkje als je hoofd ergens anders is.

Laura, Lizzie, Gijs zijn moeder en ik zijn vanzelfsprekend niet de enigen, die deze periode hard voelen aankomen. Ook mijn lieve vriendin H. die er vorig jaar zo intens was tijdens de verschrikkelijke uren en dagen, heeft het niet gemakkelijk gehad deze weken. Ze komt met haar dochter, Lizzie’s vriendinnetje vanuit hun baby-tijd, zaterdag een dagje naar hier. Ik verheug me er zoals altijd op. Er moet nog wat afgesproken worden, want A. heeft nog een deel van mijn New Castle bagage bij haar staan, dat ze naar Amersfoort brengt, zodat H. het mee naar Friesland kan nemen. Puzzelstukjes van het afgelopen jaar, die samenkomen.

Het is droog als H. en N. aankomen en we beginnen met een warme omhelzing en dito chocolademelk. En heel veel bijpraten. Dan pakken we Barra, de kleine hond op en gaan naar een tuincentrum. Voor hem weer een mooi uitje, voor ons om een kerstboom te kopen, want Lizzie wil graag dat er eentje staat voor J. als ze op onze hondjes en huis komt passen. Ik vertrouw H. toe dat mijn hoofd helemaal niet bij de feestelijkheden van deze maand staat, alles daaromheen lijkt pijn te doen. Juist omdat het Gijs zijn maand was en natuurlijk zeker ook onze gezamenlijke maand… die eerste decembers die we samen beleefden, leken van de ene feestdag in de andere te rollen met als stralend hoogtepunt het vuurwerk van onze trouwdag. En niet voor niets zijn we in het midden van ons huwelijk een aantal jaren met zijn tweeën een weekje er tussen uit geweest: om stil te staan bij het goede dat we hadden en om elkaar alle aandacht te kunnen geven, dat het jaar door vaak door drukte en werk er bij kon inschieten. York, Edinburgh, Londen, natuurlijk Guernsey, we hebben het allemaal door elkaars ogen gezien met Kerstverlichting als glanzende versiering van het decor waarin we ons bevonden.

Nee, de feeststemming wil er bij mij niet in. Maar als we met Kerstboom en nieuwe ballen en lichtjes thuiskomen, omdat ik het emotioneel niet voor elkaar krijg om de vliering op te gaan en de versiering te pakken, die jaar in jaar uit door Gijs’ handen ging, zet Lizzie de lievelings-KerstCD van hem aan en gaat ze samen met N. het boompje opzetten. Zo ontstaat er toch iets Kersterigs.

005

Zondag komen er mensen kennismaken voor een pupje van Skye en Gambler. Het is droog weer, dus ik heb de honden buiten, behalve Skye en ook Barra komt even binnen. Ze zijn meteen verkocht, willen hem wel al meenemen. de man krijgt glimmers in zijn ogen als hij even het idee van twee pups hardop uitspreekt, maar zowel zijn vrouw als ik geven aan dat het geen goed idee is. Een pup is al een handvol.

Maandag is een afwerklijstje: het adressenbestand naar de drukker voor elf uur,  weer eens de man van de bank terug bellen, het aangepaste contract van de drukker versturen omdat ook de brochures door het bedrijf gemaakt gaan worden en dan krijg ik een enorme woede-uitbarsting. De printer, die ik enkele weken geleden heb gekocht, omdat de andere, nauwelijks een half jaar oud, dusdanige problemen gaf dat er niet mee te werken was, doet precies hetzelfde. Ook nu weer loopt hij vast op de invoer van het papier, nadat hij steeds aangeeft dat er geen papier in zit. Weer het ding op zijn kop, weer proberen het stukgetrokken velletje eruit te krijgen, ditmaal zonder iets essentieels af te breken. Razend ben ik, want juist deze week heb ik hem nodig: we moeten tegenwoordig al onze reisdocumenten uitprinten.

Ik maak foto’s van het innerlijk van het ding en het opgevreten papier. Als bewijs aan de leverancier. Mijn woede zakt pas als ik wel kan scannen en zo de benodigde zaken naar de drukker kan doormailen.

009

En dan komen  er dinsdag een aantal gekke dingen samen. Als eerste de doosjes met Golden Gazette’s. Ik bekijk het meteen en zie dat er helaas toch nog een aantal foutjes zijn ingeslopen. Geen dingen die niet verbeterd kunnen worden, maar ik had het zo graag net even wat perfecter gewild. Ik heb het dan toch allemaal net helemaal scherp gezien, de volgende keer moet er echt iemand met een frisse kijk overheen voordat het nar de drukker gaat. Niet voor niets heeft een tijdschrift een hele redactie. maar dan herinner ik me ineens de foutjes die ik zelfs in een Libelle tegenkom en ook de fouten in het boek van Esther Verhoef. Maar toch…Stel dat mensen massaal gaan afhaken, omdat ze zich bekocht voelen?  Het is niet terug te draaien. Mijn buurvrouw lacht mijn zorg weg: “Dit wordt een collectors item: de eerste druk, nog met fouten!”

060

Bij de post zit een Kerstkaart van de eerste Goldenfokker die we ooit ontmoetten. Waar onze Noddy vandaan kwam. De kaart is een afdruk van een oude foto en die foto is van Duffy, de hond waardoor ik van Goldens ging houden.

Later op de avond krijg ik via de mail de stamboom toegestuurd van een bijna 12 jarig hondje dat ik via de stichting aan het herplaatsen ben. Ze gaat dit weekend bij haar nieuwe baas de proeftijd in, vandaar dat ik haar gegevens nodig heb. Tot mijn stomme verbazing lees ik op de stamboom dat ze een rechtstreekse dochter is van Duffy. Wiens beeltenis door de foto van vanmiddag weer even op mijn netvlies lag. Nog merkwaardiger is het feit dat de moeder van het herplaatsteefje een zus van Chico was, mijn andere lievelingsreu. Wat kunnen dingen toch vreemd rond worden. Als ze niet door haar proeftijd komt, zal haar plekje bij ons zijn, zowel Lizzie, als Laura die ik het vertel geven dat onmiddellijk aan. 

En na een uur per computer kletsen met M. in Schotland is het 16 december geworden en gaan we over drie dagen op reis.

9 december 1994/2015

You do something to me.
Something that simply mystifies me.
Tell me, why should it be
You have the pow’r to hypnotize me.
Let me live ‘neath your spell.
Do do that vodoo that you do so well.
For you do something to me
That nobody else can do.

9 december 21 jaar geleden zong het in me. De hele dag. En gisteren. En morgen. Het oude nummer van Cole Porter was door Laura Fygi in mijn vezels gezet, een gevestigde orde van tekst en tonen.

Omdat ik verliefd was. Op mijn 34e, als moeder van een dochter, als theatertechnicus met een bloeiende carrière voor me was ik hals over kop, tot in mijn tenen verliefd geworden op een donkerharige, blauw-ogige, lange, knappe, slanke, geestige en o zo aantrekkelijke geluidstechnicus.

ff

Het zong in me, omdat we een nacht lang in een ijzige winterkou hadden gezoend zonder elkaar los te laten. Omdat ik door zijn blauwe blik gehypnotiseerd was en geen uur meer zonder hem kon ademhalen. Omdat hij de man was met wie ik oud wilde worden. Omdat het lang en gelukkig oneindig was…

Vandaag kan ik niet anders dan zingen met terugwerkende kracht… “You do something to me…” Een jaar na de wisse dood, nog steeds doet die man met wie ik oud wilde worden, wat met me.  Als ik mijn ogen dicht doe, en wat heb ik dat veel gedaan vandaag, proef ik de smaak van de ijskou, de goedkope, wrange, rode wijn, de sigaretten die we rookten. Ik ruik het vochtige huisje waar we onze eerste weken samen doorbrachten in het midden van een klein bos, de geur van een zeep, een shampoo, iets eigens. Ik voel veel als ik mijn ogen dicht heb en merkwaardig genoeg verlang ik er zelfs naar om weer een kat in huis te nemen. al was het alleen maar uit sentiment, ter herinnering aan de kattenliefhebber die ik 21 jaar geleden in mijn armen sloot.

9 december 2015. Een jaar nadat mijn lief in zijn grijs-koude rouwauto het pad van onze liefde af reed. Twee balkende ezels als zijn secondanten.  Ons lang en gelukkig was eindig en samen oud worden kan alleen nog maar in een gedachte, die niet eens meer in ijdele hoop kan vervliegen, omdat het zijn niet eens meer is.

weg1

Wat is er veel en snel voorbij gegaan tot deze 9e december, sinds ik hier op deze pagina van mijn bestaan was.

Ruim drie weken geleden liep ik met een klein hondje en dierbare vrienden langs de zeven bruggen over de Tyne in Newcastle. Nadat ik samen met A. een spannende, maar voorspoedige reis met een toevallige ontmoeting had meegemaakt. Het wegbrengen van de pup naar haar Engelse thuis rondde ons Schotse avontuur glorieus af. Weer een deel van mijn belofte aan Gijs voorbij.

12265539_963039547100595_5073836832993227035_o

Een week later lag ik voor een knie-operatie in het ziekenhuis en bijkomend van de narcose, realiseerde ik me door de flarden van mijn bewustzijn, dat mijn tas openstond. Als in een messcherpe droom zag ik wat er gebeurd was. En dat was ook gebeurd. Ik was op een minne, o zo slim georganiseerde manier van mijn portemonnee, mijn maandinkomen en mijn kleine souvenirs van een gelukkig vroeger leven beroofd.

Een paar dagen later bleek het gat in mijn hart wijder open te staan dan verwacht. De herinnering aan de ellende van 12 maanden eerder deed meer pijn. Ook de meisjes waren door de akelige herinneringen van slag en Lizzie kon niet naar school. In de middag zijn we samen de stad in gegaan, arm in arm, en hebben, ondanks het verlies van een bedrag met drie nullen, onszelf toch getrakteerd op iets wat we niet nodig hadden. Want het missen van de man in ons leven hadden we ook niet nodig en hebben we tenslotte zomaar gekregen. We eten er wel een boterham minder om.

’s Nachts kan ik niet stoppen met huilen. Ik voel de ijskou weer. Ik zie de blauwe blik weer. Ik ruik het eigen. Maar niet van 21 jaar geleden, nee, de ijskou van een dode geliefde. een blauwe, gebroken blik. De geur van weg. Yesterday is here, woorden die me al zo lang ik ze ken blijven achtervolgen

There are no words to say
How I miss you
Try to fight this feeling
But I miss you

Always close, never far away
You live in me every single day
Every night as I close my eyes you’ll reappear

Yesterday is here

 

En ineens zijn die 365 dagen zonder Gijs alweer verder en zijn het 368 dagen geworden. En sta ik met een kleine pup in de showring en krijg ik te horen dat het een hondje met toekomst is: “Wat zit hij goed in elkaar…” Een lichtblauwe rozet en een prachtig keurverslag is het resultaat van de vervulling van Gijs zijn eerste wens: “Ga naar Schotland en naar Jock en hou een reutje aan dat je Barra noemt…”

Vervolgens zie ik deze week ook de tweede wens van Gijs uitkomen: Skye blijkt na een echo drachtig van haar ontmoeting met Gambler. Mijn uitstapje naar Zeeland was, hoe emotioneel ook, niet voor niets. 

12362663_974669712604245_131635925615932739_o

“Ik hoop dat je de kracht hebt om de kennel en de stichting te blijven voortzetten..” was wat Gijs me meegaf, toen hij voor de laatste keer innig met me kon praten. De stichting blijft voortbestaan, daar heeft de overweldigende actie in januari voor gezorgd. En de kennel blijft ook; Skye is drachtig, ik heb een juiste keuze gemaakt en het aanstaande tijdschrift dat ik deze week naar de drukker breng, zal het voortbestaan tot op zekere hoogte kunnen waarborgen.

Voor het derde achtereenvolgende jaar scharrelt er een taxateur over het erf en ik ben snauwerig en niet vriendelijk als ik merk dat de man  overal foto’s van maakt, alles moet opmeten en weer met arendsogen mijn huis en have bekijkt. Ja, het moet, dat weet ik. ik moet naar de pijpen van de bank blijven dansen, ook al heb ik een nieuwe hypotheek en durven ze mijn prognose aan. 

We denderen naar de vierhonderd dagen zonder. En nog sneller razen we naar de vervulling van de derde en laatste wens. Daarna moeten we het alleen doen, is er niets meer waar we Gijs mee kunnen vasthouden.

Het voelt alsof ik mijn liefde opnieuw verlies. Maar er is nieuw leven ontstaan. 

You do something to me…