Maandelijks archief: januari 2016

Laatste en eerste dagen.

Lizzie en ik moeten na de indrukwekkende week weer flink in een gareel komen ondanks dat het nog vakantie is en we het jaar uit gaan. Direct de ochtend na onze thuiskomst brengt vriendin E. vier van haar hondjes te logeren omdat ze een weekje er tussen uit gaat. Tijdens onze vakantie is Gigha loops geworden en ook de teefjes van E. zijn loops, dus het is wat rommelig omdat onze kleine Barra dan wel nog een jongenspupje is, maar toch bij de meisjes vandaan moet blijven.

barra29dec11

J. had tijdens onze afwezigheid het kraamkamertje al ingericht, maar ik wil alle werpkist-kleden nog een keer wassen en de laatste spullen voor de bevalling in orde maken. Er komen puppenaanvragen, er komen zelfs al zomervakantie-aanvragen voor hondenopvang, er zijn allerlei mails en brieven te beantwoorden; de dagen gaan als een schaduw heen. Ik ontwikkel een flinke griep, het hoesten wat ik al ruim een maand doe is nu pijnlijk en ik ben zo intens moe dat de vakantie, wat mijn energie betreft, helemaal verdwenen lijkt.

Oudejaarsdag biedt een stevige bodem voor tranen van herinnering naar die Oudejaarsdag waarop het 14 graden vroor en Gijs en ik een stralend bruidspaar waren. Ik heb voor Lizzie en mij een zak oliebollen en wat appelbeignets gekocht. We hebben nog een fles Champenoise van het nestje van Iona staan. Lizzie wil de traditie van kleine, zelfgebakken worstenbroodjes handhaven en ik haal een lekker stukje brie, ondanks dat ik me te beroerd voel om uit mijn ogen te kijken.

In de namiddag komt M. en Lizzie’s vriendinnetje E. en we drinken wijn en thee en praten bij. Ze hebben versgebakken oliebollen mee genomen. Het is gezellig en al donker als ze weg gaan. De avond verloopt vreemd rustig, Lizzie kijkt naar een film en ik schrijf. Om twaalf uur open ik de fles bubbels, kus mijn dochter, eten we een worstenbroodje en een oliebol, bel ik met mijn schoonmoeder en smssen we met Laura. Lizzie gaat naar buiten, naar het vuurwerk kijken. Ik voel me koortsig en blijf binnen. Ergens lijkt dat niet goed, mijn kind dat in de Nieuwjaarsnacht eenzaam buiten is, maar ook dit is weer zo’n moment waarop het niet anders is. Het is ons leven geworden.

1 Januari is qua temperatuur merkwaardig zacht en de Nieuwjaarsduik die Lizzie ten bate van World Servants springt, is minder koud dan de voorgaande jaren. Ik ga niet mee, ben nu flink ziek geworden en kan weinig meer dan de dieren verzorgen, wat te eten voor Lizzie klaar maken en me voor de rest flink koest houden. Skye begint wat onrustig te worden en ik ga vanaf vandaag bij haar slapen en haar temperatuur regelmatig meten. Mijn eigen temperatuur wijst inmiddels 39.8 aan. 

Ik vind het vervelend voor Lizzie dat ik zo ziek ben, ze heeft weinig aan me en ik ben blij als ze zaterdag naar haar vriendinnen gaat. Eerst naar de stad om een cadeautje voor de jarige te kopen en dan met zijn allen eten,dat is een fijne afleiding voor haar. Skye heeft een flinke temperatuursdaling gehad, dat wil zeggen dat de bevalling niet erg lang op zich laat wachten. De andere honden zijn opvallend rustig en dat maakt dat ik met Skye in het kraamkamertje kan zijn. Ze wil eigenlijk zelf al niet meer bij de grote groep. Haar onrust neemt toe en ik merk dat ik blij ben als Lizzie na haar vriendinnenavondje weer thuis is. Vriendinnetjes A. en J. zijn standby, maar tijdens de doorwaakte nacht is het nog niet zover dat ik ze laat komen.

Zondag begint heel vroeg, doordat Skye de hele werpkist met alle kleden overhoop graaft. Ze begint te hijgen en te banjeren, spuugt haar eten uit en kan haar draai niet vinden. Dit zijn de zware uren, waarin er ogenschijnlijk niets gebeurd, maar waarin ik haar ook niet alleen kan laten. Het is even wat onrustig in huis omdat E. haar kwartetje loopse teefjes op haalt en haar beide andere honden in de auto heeft zitten en die even het veldje op moeten. Als ze het pad af rijdt, roept Lizzie vanuit de gang dat Skye weer aan het spugen is. De schone werpkist is weer vies.

In de middag vraag ik toch of A. onze kant op kan komen. Ook J. komt erbij want Skye lijkt flink door te zetten. Het is gezellig rond de werpkist en zo zelfs, dat Skye af en toe gaat liggen en dan in een diepe slap valt. Als tegen acht uur nog niets is gebeurd, is ze 24 uur bezig en gaan J. en A. toch maar weer naar huis. Lizzie maakt een bedje in de gang en zo gaan we de tweede nacht van waken en onrust in.

007

Maandagochtend valt er sneeuw. Lizzie gaat niet naar school omdat 36 uur na de eerste onrust, Skye vruchtwater verliest en de eerste, voorzichtige perswee zich heeft aangediend. Het is maar goed dat Lizzie thuis is, de weeën gaan ineens flink door en tegen tien uur raakt ze wat in paniek, omdat er een pupje in het geboortekanaal zit. Ze springt de werpkist uit en wil de gang op, maar we doen de deur van het kraamkamertje dicht. Met een grote golf vruchtwater wordt het eerste pupje geboren, bijna op de kale laminaatvloer, maar gelukkig kan ik het nog net opvangen. Een enorm stevige reu. We zijn begonnen. J. komt binnen als we volop bezig zijn. 

Nauwelijks zeven uur later ligt Skye te slapen met vier reutjes en vier teefjes tevreden tegen zich aan. 

076

 

De terugtocht aanvaarden..

Voor 9 uur zoemt de telefoon weer: het bootje vaart om negen uur, maar de latere boten worden om 11 uur aangekondigd want er is opnieuw slecht bevaarbaar weer op komst. Ik maan de meisjes tot spoed: we moeten ervan uit gaan dat we met de eerste boot het eiland af gaan. Als er niets vaart, of alleen om vier uur, hebben we een enorm probleem.

Veel van onze spullen zijn al ingepakt en we maken een verdeling: Laura zorgt voor de vuilnis en haalt de bedden af, Lizzie helpt met stofzuigen en ik maak de keuken op orde. Zo zijn we mooi om elf uur klaar en als we dan om tien over elf horen dat er inderdaad  een bootje vanaf Herm om kwart over twaalf en om half vijf vertrekt, is alles in orde. Dan zijn we ruimschoots op tijd op de vluchthaven. 

Onze bagage wordt door de tractor opgehaald en wij lopen alvast naar beneden om in de pub een laatste drankje te drinken. Het is er rustig: voor twaalf uur wordt er geen alcohol geschonken en er is een enkel gezin, waarvan de kinderen bij het biljart staan. Ik kijk weemoedig naar de vertrouwde omgeving, de open haard, de scheef hangende, oude zwartwitfoto’s van de geschiedenis van Herm aan de muren. Schreef ik hier niet over in mijn boek? Kom ik hier ooit terug?

010

Het bootje vaart af bij Rosaire Steps. We gaan er vroeg heen. Er loopt een eenzame man met onze tassen te sjouwen, van een afstand zien we hoe hij met een schop en een bezem bij de trappen bezig is en hoe hij zand weg schept en op de rotsen gooit. Zand. Op. De. Rotsen. Gooit.

tas

Even ben ik bang: doet hij dat omdat hij ziet dat er iets ligt dat er niet hoort? Maar de meisjes stellen me gerust. Hij is de trappen aan het schoonmaken omdat ze anders erg glad zijn. Als je niet weet wat het is, kan je het zachte, witte stof niet met iets associëren zoals wij dat doen. En het heeft ook iets symbolisch. Wordt er niet zand over een kist gestrooid?  

We zien het bootje aankomen en het is erg druk: er komen toch veel dagjesmensen vanaf Guernsey. Wij zijn vrijwel de enigen en het inschepen gaat snel. De meisjes willen bovenop het dek zitten. We zijn de enigen. Als het scheepje zijn draai maakt en de golven tegemoet gaat, de witte trap, het poortje en de rotsen steeds sneller van ons vandaan gaan, welt er een enorme huilbui in me op. Ik laat Gijs daar achter. Hij huilde destijds ook zo toen het zijn laatste blik op Herm was. Komen we hier ooit weer? De meisjes houden me alletwee vast en huilen mee. Ik voel me verschrikkelijk. Laura zegt: “Mama, Gijs ligt onder het huis van Matthew.. dat is toch ook bijzonder.” Matthew was de mannelijke hoofdpersoon uit mijn roman. De man waar mijn “heldin” verliefd op werd. Hij woonde daar. En inderdaad, vanaf een bepaalde hoek op de zee lijkt het alsof de rotsen de cottage steunen. Het neemt mijn verdriet niet weg.

Als het witte trapje niet eens meer een streepje is, zijn we midden op het water en begrijpen we waarom men zich afvroeg of er wel gevaren kon worden. Het bootje lijkt een speelbal van de golven, duikt, rijst, stampt en ploegt en we moeten ons krampachtig vasthouden. Nu benedendeks gaan is geen optie. Gelukkig is het nauwelijks twintig minuten eer we de haven van St. Peter Port in varen. Als we boven aan de kade zijn, zet ik de meisjes en de bagage bij een bankje en loop ik naar de Boulevard waar ik de taxistandplaats weet. In minder dan een half uur zijn we op de kleine vluchthaven, waar Lizzie in het winkeltje nog een sleutelhanger van Guernsey koopt omdat haar vorige kapot is en waar we anderhalf uur moeten wachten voordat we tegen zonsondergang het vliegtuigje in gaan.

Vreemd genoeg is de onredelijke angst voor het vliegen eigenlijk weg. Ik zit weer alleen en merk dat de benauwende greep om mijn maag en keel er niet is. Ik haal mijn fototoestel tevoorschijn, hoop een allerlaatste blik op Herm te kunnen richten als we net zijn opgestegen en dat maakt dat ik al van te voren naar buiten kijk. Iets wat de afgelopen vijftien jaar onmogelijk was, sinds we ooit als gezin naar Griekenland vlogen en in een storm terecht kwamen waardoor er een noodlanding op een van de eilanden gemaakt moest worden. De heftige vliegangst die ik daarna ontwikkelde, kam rechtstreeks daar vandaan. Na kan ik mijn ademhaling controleren en kijk ik ontspannen naar beneden. Tegelijkertijd ben ik verwonderd, dat het zo plotseling als het gekomen is, ook zo verdwenen is en ben ik boos op de vreemde wendingen van zoiets. Mijn extreme vliegangst heeft ons jarenlang ervan weerhouden om op vakantie te gaan naar hier…en naar elders. Heb ik Gijs misschien wel mooie momenten ontnomen. En opent het nu hij er niet meer is, ineens weer perspectieven.

Door die gedachten vergeet ik bijna waarom ik naar buiten tuur en dan, heel even, zie ik het kleine eilandje onder me door glijden. Nee, de witte trap is niet waarneembaar. Maar de contouren van die geliefde plek worden voor de laatste maal nog even op mijn netvlies gebrand.

hermvliegtuig2

Als de nacht is gevallen sluiten Lizzie en ik de honden weer in onze armen. Skye is heel zwaar geworden in die week, Barra is gegroeid, Iona krijgt haar mooie vacht weer terug, Gigha danst zoals altijd om ons heen en Islay drukt zich tegen me aan.  We zijn na een week vol emotie en ervaringen, thuis.

skye

Plaats rust.

Ook Skye is thuis ziek geworden. Aan de ene kant een opluchting: dan is de afwijking van Islay’s darmen, die ze gisteren op een echo zagen, inderdaad het gevolg van een infectie en niet van iets anders waar ik bang voor was. Aan de andere kant een gevaarlijke situatie. Als Skye er erg ziek van gaat worden, zoals Islay in de afgelopen dagen, dan kan ze haar pups verliezen. Natuurlijk gaat me het welzijn van Skye zelf boven alles, maar verdrietig zou het wel zijn. J. kijkt het nog even een paar uur aan en gaat dan naar de dierenarts.

De meisjes slapen wat uit. We hebben bedacht dat we vandaag uitgebreid lunchen in de pub, zodat we vanavond de restjes van ons Kerstmaal met de varkensfilet kunnen opmaken. Lizzie wil naar de hoogste top van Herm en misschien, als het weer het toelaat, kunnen we alsnog een klifwandeling langs de Zuidkust doen. 

Weemoed beheerst mijn gemoedstoestand vandaag. Om de zieke hondjes thuis, omdat het de laatste dag hier is en omdat we gisteren hebben afgesloten wat we een jaar geleden hadden afgesproken. En gewoon, omdat het Kerst-mis is. Met de nadruk op gemis.

Na een lome, kalme start gaan we tegen het vroege middaguur naar buiten. We zien dat er een bootje in de haven aanlegt, er komen veel dagjesmensen naar Herm. Het tij is extreem laag, vandaag zien we de hele voormalige oesterkwekerij bloot liggen. Rijen en rijen kale banken waaraan oesters en mosselen zich hechtten.. al enkele tientallen jaren niet meer rendabel.

oesterbanken

De klim naar de hoogste top valt erg mee omdat er een weggetje over het gras is aangelegd. Vreemd idee, dat Gijs en ik dit 19 jaar geleden ook beklommen, alleen toen zonder hekjes en paadjes en uitgehouwen stukjes rots. Als we boven staan is het uitzicht adembenemend. Herm is aan alle kanten te zien. Ik draai richting haven en zie een foto van het strandje voor de haven.

De cover van mijn boek ligt aan mijn voeten. Dat blijft een merkwaardig thema tijdens deze week. Dat ik in mijn boek terug ben, zonder dat ik ben die ik dacht dat de hoofdpersoon was. Ik ontdekte bij het schrijven al dat het zichzelf schreef. En nu weet ik het zeker. Het schreef een epiloog die mijn huwelijks- epiloog is geworden.

22127

We schuimen wat op Shell Beach rond, het mooiste strand van Herm omvat in een handpalm duinen, waar het zand bestaat uit talloze kleine schelpjes. De kleine zalmkleurige, waar ik ooit een hangertje voor mezelf en een dasspeld voor Gijs van liet maken, zijn in grote getale aangespoeld. Laura is ze nu weer aan het verzamelen. Een plastic zakje wordt voor de komende etmalen een opslagplaats van steentjes en schelpjes en een piepklein fossieltje.

Na de wandeling gaan we naar de pub. De maaltijden zijn beperkt want we zijn al laat en vanwege de drukte van bezoekers is er veel al uitverkocht. Maar vers gebakken zuurdesembrood met Cumberlandworstjes en gebakken uitjes, fish and chips en brood met cheddar en pickles is een mooie lunch. Laura wil na de lunch naar huis om wat te gaan dutten en puzzelen, Lizzie en ik gaan toch nog even naar Rosaire Steps.

lastpost3klein

Het is een prachtige zonsondergang als we daar zijn en omdat de zee nu niet heel erg hoog en woest is, kunnen we bij de lage trappen komen. Als we de poort doorgaan zien we een van de bruingroenige rotsen met een open, poreuze structuur. Fijn wit stof heeft zich in de poriën van het stenige oppervlak genesteld. Lizzie en ik kijken elkaar aan. Dit was niet de bedoeling. Maar het is wel bijzonder.

lastpost23klein

We brengen er een adembenemend mooi half uur door met het spel van de zon, de zee en de schaduwen die langer en intenser worden. 

lastpost4.1.1

We moeten onze gedachten bijstellen. Ons hele idee van deze reis bijstellen. We moeten ons aanpassen aan de vreemde wending die de storm van afgelopen nacht heeft veroorzaakt. Gijs is niet meegenomen door de wind en ook niet met de zee weggespoeld. Gijs heeft zijn laatste rustplaats op Herm gevonden, op een grote rots naast Rosaire Steps.

Dat maakt het allemaal anders. Als iemand begraven wordt, heeft hij een tastbare plek waar men naar kan terug gaan. Gijs wilde dat niet omdat hij ons niet wilde verplichten om voor een graf te zorgen en hij niets met begraafplaatsen en kerkhoven had. Hij vond het een vervelend idee als we naar zijn graf moesten. Bovendien wist hij niet waar. In Utrecht, waar hij geboren was? Hij wist dat wij daar niets mee hadden en het was ook niet meer de plek waar hij wilde eindigen. In Amersfoort? Dat vond hij een akelig idee, een laatste rustplaats aan de “Dodeweg”zoals de straat van de begraafplaats heet. In Friesland, met het risico dat er een tijd komt waarop de meisjes een eigen leven hebben en niet meer naar Friesland zullen gaan als ik er niet meer woon…. we hebben het er nog over gehad dat hij daar niet achtergelaten wilde worden als ik noodgedwongen toch de boerderij moet verlaten. Nee, hij wilde gecremeerd en uitgestrooid worden in de zee tussen Guernsey en Herm. 

lastpost27klein

En nu ligt hij hier. Zo voelt het. Het is tastbaar echt. Op de mooiste plek van Europa in onze ogen. Elke lichtbeschenen dag is hier het wondere schouwspel van een zonsondergang te zien. Op deze trappen heeft hij zelf gelopen en komen dagelijks mensen vol verwachting en vakantieplezier aan. 

Dit maakt dat Gijs niet weg is. 

laatste blik 26                                        

Kerstmis en windkracht acht.

Eerste Kerstdag heeft een gebroken wolkendek en dat belooft een goede “Polarbear Swim” voor alle Hermites en bezoekers. Lizzie en Laura zijn vastbesloten om ook aan deze Kerst-duik mee te doen. De azuurblauwe zee is het tegendeel van de modderige poel waarin Lizzie volgende week haar traditionele Nieuwjaarsduik voor World Servants zal nemen.

251246

Op het thuisfront is het spannend. Islay is nog steeds erg ziek en J. zorgt ervoor dat ze naar de dierenarts gaat. Het maakt me onrustig en ook verdrietig: zo ver weg van mijn harige lievelingen en de berichten zijn niet goed. Toch kan ik van hier uit niets doen dus moet ik het los laten en erop vertrouwen dat het goed gaat komen met mijn hondenmeisje. De prijs die ik moet betalen als hondenmens op vakantie is op deze manier behoorlijk hoog.

Na een ontbijt van warme crumpets en koffie lopen we met handdoeken en droge kleren over de rug van het eiland naar “Belvoir Bay.” Aan alle kanten komen we mensen tegen, iedereen begroet elkaar steevast met een vrolijk “Happy Christmas!” en onder de jongste bewoners heerst een opgewonden spanning.

25127

Het baaitje ligt er prachtig bij en alhoewel het aardig waait, is de beloofde storm van vandaag nog niet ingezet. Onze kennissen met de hondjes komen ook de steile trap af. Er druppelen steeds meer mensen het strand op en dan is het de tijd voor de meisjes om hun dikke truien uit te doen en staan ze te rillen in hun zwemkleding.

25126

Er wordt een groepsfoto gemaakt van alle dappere duikers en dan is daar het startsein om het zand over te rennen en de zee in de springen. Hoge gillen klinken enthousiast, de twee honden rennen er achteraan en dan ligt iedereen in het water.

251218

Lizzie duikt er een tweede keer in als de meeste mensen zich al aan het afdrogen zijn. Er staat bovenaan de trap een tractor klaar met grote kannen warme chocolademelk met brandy of marshmallows en aan de tevreden gezichten van de meisjes te zien zijn ze, terecht, trots op zichzelf. Ook dit evenement was mooi om mee te maken. We worden nog wel eens een echte “Hermite!”

251247

In de middag maken we een lange wandeling en willen eigenlijk langs de Zuidkust maar inmiddels is de wind weer zo flink opgestoken dat het ook nu niet verantwoord is om die kant van het eiland te verkennen. De klifpaden zijn zo smal en het is ronduit gevaarlijk, dus we houden ons aan de gebaande paden die niet minder mooi zijn.

251271

Tegen de schemer komen we weer uit bij “Rosaire Steps,” de karakteristieke aanlegplaats waar alle bootjes aankomen als het getijde te laag is om het haventje te kunnen bereiken. 

De allereerste keer dat Gijs en ik Herm aandeden, kwamen we hier ook aan en de entree met het mooie poortje en de witgekalkte, grillig gevormde, steile trap was voor ons daarna steevast het begin van een mooie tijd. We hebben er zelfs nog met ouderwetse melkbussen gesleept die indertijd van en naar Guernsey vanaf de enige boerderij op Herm vervoerd werden met het bootje. Of je nu toerist of “local” was, je werd altijd geacht mee te helpen en de trappen van Rosaire op en af met de melkbussen was een vast ritueel. 

rosaire5

Ik kijk door het poortje naar de zee en zie beelden van zo lang geleden. De keer dat Gijs met de meisjes op me wachtte, zittend op de trappen nadat ik boodschappen was gaan doen op Guernsey. Of de keer dat kleine Laura me van de boot haalde en een boekje zat te lezen in de zon, omdat ze veel te vroeg was. Maar ik heb hier ook een keer op Gijs gewacht toen hij een dagje Guernsey was gaan doen en in zijn eentje naar het scheepswrakmuseum was geweest omdat de meisjes dat niet interessant vonden.

Rosaire Steps. Lief stukje Herm.

Na onze heerlijke wandeling zet ik in het huisje de oven aan omdat we een enorm stuk varkensgebraad hebben gekocht, dat minstens drie uur moet garen. We eten scones met brandy butter en drinken koffie. Er wordt gepuzzeld, gelezen, ik haak de bandjes voor de aanstaande pups en we laten de avond over de Kerstmis vallen. Thuis is Islay naar de dierenarts geweest en heeft medicijnen. Vermoedelijk heeft ze een ernstige darminfectie en moeten we hopen en bidden dat de hoogdrachtige Skye het niet ook gaat krijgen. Een vroeggeboorte is afschuwelijk in deze fase, dus de spanning is niet verdwenen.

Lizzie heeft in een getijdenboekje de waterstanden van vandaag opgezocht. Vanwege de volle maan is het springtij en dat houdt in dat het water op zijn allerhoogst staat om half zeven vanavond. Als we een half uur daarna Gijs aan de zee willen toevertrouwen, zou het theoretisch met het tij mee wegtrekken van het strand. Dat lijkt ons alledrie het beste moment, dus om half zeven draai ik de oven uit zodat het vlees kan nagaren en haal ik met een zwaar hart de asbus uit mijn koffer. Doordat het open is geweest bij de douane kost het me even om het goed te kunnen mee nemen, maar dan doen we de deur achter ons dicht en lopen we over het inkzwarte weggetje naar het strand beneden. 

Windkracht acht en de zee is zo woest dat we onmogelijk aan de rand van het strand kunnen komen om de as te verstrooien. Zoute druppels vermengen zich met mijn eigen warme, zoute tranen. Dan zegt Lizzie tegen de storm in: “Waarom gaan we niet naar Rosaire Steps? Daar kunnen we op de trappen dichtbij de zee komen, ook al staat ze heel hoog. En het is er mooi…” Zowel Laura als ik vinden het een prachtig idee, want hier gaat het niet lukken. We draaien ons om en lopen op het weggetje naar Rosaire.  Wolken waaien weg en dan wordt het pad door een ronde, heldere maan beschenen.

volle maan kerst2515

Bij Rosaire merken we pas goed wat windkracht acht met vloed doet. De zee kolkt en slaat en stampt en beukt tegen de trappen op, maar we kunnen er bij komen en ik open de asbus om de inhoud te laten vervliegen.  In een grote stormvlaag slaat een deel van de as op de rotsen naast de poort. Lizzie en Laura laten een voor een de rest de zee in vliegen, bruisende schuimkoppen nemen het lichte stof met zich mee. Het is op de maan na aardedonker en het enige wat we horen is het gebulder van het water en de storm. Een snoer lieflijk pinkelende lichtjes aan de overkant is een contrastrijke omlijsting van de woedende elementen.

thenight

Ondanks de hoge golven komt de zee niet hoog genoeg om de eerste teug as van de rotsen te spoelen, dus ik probeer water te vangen om het zelf te doen. De golven slaan mijn laarzen in, ik kan niet genoeg voorover buigen en de wind is te fel om water te kunnen scheppen. Mijn frustratie stormt net zo hard met de zee mee, ik ben helemaal doornat en moet onbedaarlijk huilen en lachen tegelijkertijd. De as van Gijs ligt op de rotsen en is ondanks windkracht acht en de hoogste vloed niet van plan daar weg te waaien. Na diverse pogingen geven we het op. Stil en onder de indruk verlaten we Rosaire Steps en lopen in het maanlicht terug naar boven, naar ons Kerstdiner. 

We hebben Gijs zijn laatste wens vervuld. Hij is uitgestrooid in de zee tussen Guernsey en Herm. Maar is dat echt zo?

Feest op Herm.

Van het schitterende weer op Guernsey is niet veel meer over vandaag. Grimmige wolken jagen de blauwe hemel weg en het ochtendSMSje illustreert dat. Harde wind en grote getijdenverschillen omdat het morgen volle maan is. Lizzie, Laura en ik hebben besloten dat we Gijs morgen, op eerste Kerstdag, “wegbrengen”  dus vanmiddag gaan we naar het strand om te kijken welke plek het meest geschikt is. We ontbijten uitgebreid en op ons gemak en gaan dan, gewapend met onze camera, naar buiten.

24122

 

Het is eb als we beneden komen, zo laag zelfs, dat we de verlaten oesterbanken kunnen waarnemen en dat de meisjes een piepklein vogeleilandje willen beklimmen, wat doorgaans alleen een topje boven de zeespiegel is. Een van de trappetjes naar het strandje is afgesloten, dus we gaan via de haven naar de onderlaag van Herm en lopen over de stenige bodem richting strand. We moeten een beetje klauteren over de rotsen, roestige kettingen zijn stille getuigen van wat eens een drukke aanlegplaats was. Hier te lopen met de meisjes, maakt me weemoedig. Ik zie de beelden van mei 2014, toen Gijs hier met zijn camera aan het struinen was, op zoek naar mooie, fotogenieke dingen, hijgend en benauwd, maar gelukkig. De meisjes lopen door en gaan hun klim naar het rots-topje maken en ik ga zitten tegen een grote kei, waar ik destijds ook zat. Toen met een zonnetje in mijn gezicht. Gijs, die met een slok water zijn chemo-tabletten naar binnen werkte en daar commentaar op leverde: “Ik heb op de meest vreemde plaatsen mijn pillen ingenomen, maar dit is toch wel de mooiste plek…” Als ik mijn ogen even dicht doe omdat de herinnering te fel wordt, zie ik hem staan: een grote man, topzwaar aan de voorkant, met dunne benen en een dunne hals, getekend door de ziekte, holle ogen… maar de zwakke glimlach om zijn lippen liet zien dat hij het fijn vond om hier moe te zijn, om hier zijn medicijnen te gebruiken, om hier naar adem te snakken…

2412birds1

 We zijn een half uur verder en ik krijg het koud, want de wind wakkert flink aan. Heel in de verte zie ik twee kleine puntjes, ik zie dat Laura vervaarlijk hoog is en met haar armen zwaait. Uitbundig, overmoedig, jeugdig. Ook zie ik dat de zee het grootste gedeelte van de stenen onderaan het bergje aan het opsnoepen is. Golven beginnen te slaan. Ik wuif naar mijn dochters. Wil dat ze terug komen: je kunt met dit weer overvallen worden door het getijde en we zitten er niet op te wachten dat ze gevangen worden op de rots. ik begin te lopen, richting het Noorden, om ze te laten zien dat ik niet meer kan blijven zitten. Een kwartiertje later zijn ze alweer een stukje lager en nog twintig minuten later staan ze met rode wangen en verwarde haren naast me. Achter hen omsluit de zee de rots. Het stukje zand dat op een paadje lijkt is inmiddels helemaal overstroomd. Een half uur later en ze hadden door de zee moeten waden. We lopen terug naar de haven en eer we goed en wel boven zijn, zijn er enkele meters van het strand verdwenen.

We lopen door naar het strandje waar ik dacht Gijs te kunnen gaan laten verwaaien. Lizzie klint wat over de stukken rots, die hier ook veel aanwezig zijn. Er is weinig zand. Laura lijkt sceptisch. In haar beleving is het niet de meest bijzondere plek. Er is wat begroeiing dat mooie plaatjes oplevert van planten die door de wind gezandstraald zijn tot oude, transparante schoonheid.

24125

Maar de plek heeft niet iets speciaals. Toch lijkt het vooralsnog de beste plaats voor ons doel. Ik probeer me het moment van onze huwelijksreis voor de geest te halen, waarop Gijs hier met zijn lange grijze jas en een kleine, grijze muts liep. Een vreemd beeld, want hij leek zelf wel uit een rots gehouwen. Een analoge foto daarvan zit in het album van ons trouwdag. Ook toen was het koud, grauw winterweer.

24129

Om zes uur is in het kleine kapelletje een samenkomst, waarbij Christmas Carols worden gezongen en een paar preken voorgelezen worden door inwoners van Herm. Het kerkje is tot aan de nok gevuld met eilandbewoners en het handjevol bezoekers. iedereen is feestelijk gekleed en er heerst een vrolijke, bijna verwachtingsvolle sfeer. De meisjes en ik kunnen gelukkig nog wel een plaatsje bemachtigen aan de zijkant van het gebouwtje, zodat we goed zicht hebben op de mooie, eenvoudige preekstoel. 

2412tuguals

De dienst is maar kort. We hebben allemaal meegezongen. Lizzie vond dat ik vals zong maar ze moet zich vergist hebben, het was een van de Carols die ik goed kende en ik kan me niet voorstellen dat het vals klonk. Maar ze vond het sowieso raar om mij te horen zingen, ik denk dat het dat was… (zeg ik hoopvol.)

We worden allemaal uitgenodigd om op het kasteel een drankje te drinken met de eigenaar van het eiland. Dat is iets heel bijzonders natuurlijk en dat is niet een evenement wat in de zomer zal plaatsvinden als er een drievoud van het aantal inwoners is en het hotel en de kampeerplaatsen vol met gasten zitten.

Echter, de ontvangst is niet op het kasteel zelf maar in het huis van de eigenaar en zijn vrouw, een gebouw dat grenst aan het kasteel. We drommen met zijn allen, toch zo’n slordige vijftig man, een smal, laag gangetje door naar een wasruimte, waar iedereen geacht wordt zijn schoenen uit te doen. Op een wasmachine leggen we onze jassen neer. Het heeft iets kneuterigs en hilarisch tegelijkertijd als iedereen in zijn mooie, feestelijke Kerstkleding op kousevoeten de keuken in gaat. Een keuken uit mijn dromen, met een grote, rode, warme, knorrende AGA, met een granieten werkblad in het midden en rijen vol koperen pannen en potten op eenvoudige planken naast de schoorsteen. 

De vrouw des huizes blijkt gewoon de rondborstige, goedlachse receptioniste te zijn die ons op de eerste dag warm welkom heette. En de eigenaar van het eiland is de man die ik met zijn sterke kuiten complimenteerde, toen hij ons tijdens een van de eerste klimpartijen naar de huisjes inhaalde en ons toevertrouwde dat het nooit zou wennen; die steile wandeling. 

We gaan een grote huiskamer binnen, waar een haardvuur en en enorme Kerstboom de sfeer domineert. Mollige bloemensofa’s en schilderijen met jachttaferelen en zeegezichten geven het geheel een heel Brits aanzien. Overal staan groepjes mensen te praten en even voelen we ons verloren met ons glaasje wijn in de hand, rondkijkend naar het indrukwekkend eenvoudige interieur. Maar dan wordt ik gewenkt door het vriendelijk echtpaar dat we op de boot met hun kinderen en honden waren tegengekomen. We raken in gesprek, natuurlijk als eerste aanknopingspunt de honden – en het gesprek wordt zo geanimeerd dat we ons door de gastheer nog eens van een drankje laten voorzien. Er komt een stel bij ons staan en zij begrijpen uit onze gesprekken dat wij de Hollandse vrouwen zijn die hier met een missie zijn. Omdat Herm voor ons belangrijk is. Dat maakt, dat  ons glas voor de derde keer wordt gevuld en we bijna de laatste gasten zijn, die via het washok weer de koude, donkere avond in stappen. Een vrijwel volle maan beschijnt het pleintje dat we moeten oversteken.

192

Thuis schoppen we onze nette schoenen opnieuw uit, verwisselen onze Kerstpakken voor iets comfortabelers en gaan dan een soupertje klaarmaken. Zo is het dan ineens Kerstavond. 

Vlak voordat ik ga slapen krijg ik op mijn telefoon een berichtje van J. die op de hondjes past. Of ik nog wakker ben. Ze belt me op en vertelt dat Islay erg ziek is, niet meer op har poten kan staan en dat ze zich ongerust maakt. ik ook. Ik raadt haar aan om haar een pijnstiller te geven en zo snel mogelijk morgenochtend de dierenarts te bellen… op eerste kerstdag. De Kerstnacht wordt onrustig.

Dinsdag/woensdag voor Kerst.

Dinsdag begint met harde vlagen wind tegen de kleine ramen. Ik heb me op de comfortabele bedbank genesteld, de meisjes hebben de slaapkamer ingenomen. Zoals Gijs niet in dit huisje wilde omdat het voor hem negatieve herinneringen opriep en hij Herm daarmee niet wilde associëren, zo was het voor mij te dichtbij om deze week mijn intrek in die slaapkamer te nemen, waar hij met zijn eerste hyperventilatie-aanval een hartinfarct meende te hebben.  Een zwarte bladzijde in de geschiedenis van ons huwelijk. 

De grijze wolken blijven dicht over het eiland hangen en dat maakt dat we binnen blijven. Laura legt een puzzel uit, het huisje geurt behaaglijk naar uitgebakken bacon en crumpets en Lizzie zet muziek aan, waar luidkeels bij meegezongen wordt. Volgens de ochtend-sms gaan ook vandaag geen boten en dat maakt dat we niet op gezette tijden het geknor van de tractor horen, die bagage van en naar de haven rijdt. Toch klinken er vrolijke stemmen over het pleintje waaraan onze cottages grenzen en als ik uit het raam kijk, zie ik een gezin met kleine kinderen zich op maken voor een wandeling: kaplaarsjes aan en regencapes die om hun kleine beentjes wapperen. De palmboom in het midden van het plein zwaait vervaarlijk heen en weer in de storm.

Ik spoor mijn dochters aan om toch even “naar beneden” te gaan. Een natte, frisse neus te halen. Even een stukje door de wind en de regen over het eiland zwerven zodat we daarna alle reden hebben om iets lekkers te eten en warme chocolademelk te maken. Als we zien dat het souvenirwinkeltje een paar uur open is, hebben we meteen een reden om ons aan te kleden en de storm te trotseren. 

22122

Aan het strand bij de haven zit een zwerm vogels, die in de wind voor een spectaculair schouwspel zorgt. Hun opvliegen en neerstrijken lijkt op een uitgekiende choreografie waarin ieder individu een eigen rol speelt maar waarin het synchrone samenspel de boventoon voert. We kijken ze ademloos na. Ze vliegen de zinkende zon tegemoet.

2412birds3

We neuzen wat rond in het winkeltje, nemen een paar flesjes frisdrank mee, want als het weer morgen ook zo slecht is komen we aan het einde van onze voorraden en het water is hier op Herm niet goed uit de kraan te drinken.  De regen slaat ons in het gezicht als we via het weggetje langs het strand naar huis lopen. We gaan nog even naar Shell Beach, waar, de naam zegt het al, ontelbare schelpjes het strand met hun verfijnde kleuren markeren. De nog altijd intens heldere zee slaat met wit schuim woest over onze schoenen heen. Grijze lucht gaat over in groenblauw water.

22128

We brengen de avond rustig door, met lekker eten en een DVD die de meisjes mee hebben genomen. We gaan bijtijds slapen.

Woensdagochtend krijg ik geen SMSje en dat geeft aan dat de boot zijn normale schema vaart. Er gloort een beetje blauw in de lucht. Ik maak de meisjes wakker: als we het bootje van negen uur hebben, kunnen we ruim de tijd nemen om de boodschappen te doen voor onze Kerstmaaltijd. Laura zou het liefst naar de enorme supermarkt willen die net buiten de stad ligt, maar gezien de beperkte busritten durf ik dat niet zo aan. Ook al is die een stuk goedkoper dan de veel kleinere en luxere Marks and Spencers, we sparen sowieso minstens zes pond aan busgeld uit en dat moeten we dan maar voor de boodschappen gebruiken.

Boven Guernsey zijn de grijze wolken helemaal weggetrokken en het is bijna lente-achtig als we door de winkelstraat lopen. Na een kop koffie en en stuk carrotcake en voor Lizzie een groot “cookie” gaan we ons lijstje afwerken. Er is een kleine markt waar we wat rondneuzen en ik voer de meisjes mee naar het pleintje, waar Gijs en ik ooit een aantal schilderijen kochten in een charmante galerie. Nu valt het me op dat er veel leeg staat. En dat het bizar is, dat ik deze straatjes zo gedetailleerd in mijn boek heb beschreven, nog altijd dezelfde sfeer uitademend die mijn hoofdpersoon inhaleerde.

Sowieso is het erg vreemd dat ik tien jaar geleden in het boek als laatste hoofdstuk beschreef hoe de hoofdpersoon als afsluiting van een zware periode de as van haar vroegere geliefde uitstrooide…. en dat we daar nu hier voor zijn. Het allerlaatst exemplaar van mijn boek heb ik mee en laat ik achter voor in de bibliotheek van het hotel… Weer iets klaar.

Het blijft stralend weer en na onze boodschappen strijken we neer op een terrasje aan het water: een restaurantje waar Laura en ik de vorige keer een glas wijn, beschenen door een volle maan, dronken en waar we ook met Gijs zijn geweest. Een vriendelijke ober brengt een paar plaids en doet een terras-heater aan. We bestellen een heerlijke lunch met verse Guernsey-krab en drinken daar ook de knisperend witte wijn van toen bij. Lizzie duikt in een grote mok warme chocolademelk met een kraag van zoete, kleverige, luchtige marshmallows.

DSCN9840

De meisjes willen naar de vuurtoren lopen, de hele kade af, op zoek naar de grote schelpen die ze altijd samen met Gijs zochten. Ik besluit niet mee te gaan maar me, naast de heater, met mijn wijn te laten verwarmen door de zon en mijn herinneringen. Een beetje soezend, met het uitzicht op de drukke kade en de haven, waar bootjes liggen te dobberen en een visser zijn netten aan het uithangen is. “Vind je het niet vervelend om alleen te blijven, mama?” vragen de meisjes een beetje bezorgd. Nee, ik vind het niet vervelend. Ik raak aardig gewend aan mijn eigen gezelschap. Omdat het moet. En het niet werkt om dat vervelend te vinden. Die ene traan in mijn ooghoek komt van het scherpe licht dat het water weerspiegelt, hou ik mezelf voor. Hier op Guernsey aan de zee zitten op 23 december, met een koele Pinot Grigio, is verre van akelig. Dus ik wrijf de traan weg en neem een slok. Het enige wat aan mijn geluk ontbreekt is Gijs tegenover me en misschien de hondjes naast me, terwijl ik Lizzie en Laura bij de vuurtoren weet.

DSCN9843

In de avond worden we op Herm in de pub ingemaakt tijdens een quiz. Ondanks dat we een goede verdeling hadden gemaakt wie van ons drie welke onderwerpen zou kunnen beantwoorden, zijn we de absoluut sterke en grootste verliezers. Het “Holland team” gaat ten onder aan vragen over Disneyfilms en Britse weetjes.

Maar we hebben onze nederlaag sportief opgenomen en nog een drankje gedronken alvorens we de berg weer opklimmen naar huis. Een aflevering van Greys Anatomy moet onze geknakte ego’s herstellen. We zijn al over de helft van onze tijd….

Dag 2, naar Herm.

Ik word wakker van een geluid dat ik eerst niet kan thuisbrengen, tot ik begrijp dat het mijn telefoon is. De meisjes slapen nog, hebben het niet gehoord. Ik zoek op het display wat er gaande is en vind dan een smsberichtje van een lang, onbekend nummer: “Boats change for Monday. There is only one boat leaving for Herm at 14 00 hrs” Ik kijk naar buiten. Het water is niet meer zo hoog als vannacht, het is helder weer maar aan de hoge, witte koppen zie ik dat het flink stormt. Dat zal de reden van de uitval van bootjes zijn. We hadden gepland om de laatste boot te nemen om vier uur, zodat we de boodschappen voor de komende dagen konden doen, maar nu is daar minder tijd voor. Ik maak de meisjes wakker en als ze tot het land der wakkeren behoren maken we een nieuw plan.

005

Na het ontbijt zetten we de koffers beneden in de lounge omdat de kamer leeg moet, en dan gaan we St Peter Port in. Op ons lijstje staan een aantal dingen: we willen voor elkaar een Kerstcadeautje kopen, Lizzie is op zoek naar een horloge en we moeten etenswaren inslaan voor tenminste twee dagen. Onze wegen splitsen zich, ik ga met Lizzie op zoek naar het horloge. Helaas vindt ze niet wat ze zoekt en als we weer samen met Laura zijn, krijgt ze een opstandige huilbui. De horloges die ze mooi vindt, zijn in haar ogen te duur. Laura en ik verzekeren haar dat ze het voor Kerst van ons samen kan krijgen maar ze snikt dat ze het dan nooit zal willen dragen… Ik herken er zo haar vader in, dat het van binnen bij mij ook snikt. Laura en ik proberen haar af te leiden maar onze pogingen verzinken in een inmiddels grijze mist van zachte, natte regen.

We doen onze boodschappen, brood, boter, koffie, melk, fruit, kaas, sap en lopen dan terug naar het hotel om onze spullen te halen. De manager ziet ons en geeft aan dat hij een taxi voor ons wil bellen. Het regent nu inmiddels hard en ook al is het maar twintig minuten lopen naar de haven, hij vindt dat we dan met onze bagage, waaronder een tas van 20 kilo, veel te nat en te koud zullen worden. Taxi’s op Guernsey zijn goedkoop, dus ik stem toe.

In de stromende regen en met een harde wind stappen we op de boot, waar een handjevol mensen en onnoemelijk veel bagage, waaronder hele Kerstbomen en kratten melk, mee reist. Ook een echtpaar met twee kleine kinderen en twee honden maken de oversteek.

221214

De twintig minuten zijn lang door de enorme golven, die het bootje op lijken te tillen als een kleine speelbal. Laura wordt er misselijk van en gaat met Lizzie bij een raam zitten… kijken naar de horizon schijnt te helpen. Ik praat wat met de mensen van de honden en laat zelfs een foto zien, die ik toegestuurd kreeg van J. Aan het thuisfront gaat het goed.

We komen aan bij de haven omdat het hoog water is en zodra we aan land stappen is het thuiskomen. Onze spullen worden op een tractor geladen en zullen naar boven vervoerd worden. We melden ons aan in het administratiekantoortje en maken dan de hoge klim naar de cottages boven. De reden, waarom we tijdens de laatste vakantie van Gijs geen appartementje op Herm konden nemen: de zware wandeling kon hij niet meer aan.

Als we boven zijn gaan we het poortje door en ziet Lizzie tot haar verwondering dat we logeren in het huisje, waarvan zij als kind dacht dat we er eerder waren. Ik weet heel zeker van niet. Want… dit was het appartementje waar Gijs en ik in 1996 logeerden en waarin hij zijn eerste paniekaanval met bijbehorende hyperventilatie-aanval kreeg. Daarna wilde hij nooit meer in dit huisje. Dat had hem ongeluk gebracht, in zijn beleving. Hij refereerde er vorig jaar nog aan. Dus Lizzie kan er nooit zijn geweest.

221212

Als we gesetteld zijn, gaat Laura een boek lezen en Lizzie en ik een korte wandeling door de regen over Herm maken. Daarna douchen we warm, trekken truien en pyjamabroeken aan, schenken onszelf iets lekkers in en beginnen onze dagen op Herm met een driedelige aflevering van Grey’s Anatomy, in de geest van ons vroegere gezin.

046

 

Dag een, Guernsey.

Als we wakker worden schijnt de zon. Heb is eb en vanuit ons slaapkamerraam zien we Herm liggen. Gijs maakte ooit een foto vanuit een raam van dit hotel van hetzelfde beeld en naderhand kochten we een schilderijtje van exact dit punt af bekeken: alleen was dat in de tijd van de rijtuigen gemaakt. Beide plaatjes hebben jarenlang onze “pub-schilderijtjes-muur” in ons oude huis versierd. Alles hier ademt dat glanzende, zorgeloze vroeger van ons, als pril gezin. Even vraag ik me af of het wel zo verstandig was om naar hier te reizen.. maar dan zie ik Lizzie in het raamkozijn genieten van het uitzicht en dan weet ik dat het verstandig is.

001

Tijdens het ontbijt merk ik dat D. de eigenaar van het hotel, ons af en toe tersluiks opneemt. Vorige vakantie was hij er niet en ik besluit om zijn vraagtekenhoofd een antwoord te geven als we naar onze kamer gaan om het plan-van-de-dag te maken. Ik leg hem uit dat ik samen met Gijs in de zomer van 1995 hier voor het eerst twee weken logeerden. Hij herinnerde zich de grote man nog wel. Ik vertel hem dat Gijs er niet meer is en ik met de meisjes onze eilanden nog een keer willen zien… Hij vindt de meisjes veel te jong om zonder vader te zijn en zegt dat hij in het hotel moet blijven, voor als we volgend jaar weer willen komen… 

We gaan St Peter Port in en vergapen ons zoals altijd aan de mooie etalages en de gemoedelijke sfeer en daar komt de feestelijke Kerstversiering nog eens extra bij. Er is een heel leuk, nieuw winkeltje waar we zeker drie kwartier ronddwalen tussen kaarten, opschrijfboekjes, gekke hebbedingetjes en Kerst-attributen zoals rendierkerstballen, een slingertje van foute Kersttruien en “Gemberkoekmannetjes” voor in de boom. Na dat genoeglijke uurtje slenteren we verder, gaan bij de boekenwinkels naar binnen, neuzen in de etalages van de vele juwelierswinkeltjes met hun fijne sieraden, en lopen dan richting het busstation.

053

Op de bonnefooi kunnen we geen bus nemen, want het is zondag en midwinter, dus we moeten een gericht doel hebben. Een klifwandeling aan de Zuidkust lijkt niet het beste idee, omdat het stevig waait, ondanks het prachtige weer. Dus we nemen de bus naar het Saumarez Park, waar we in de tearoom wellicht iets kunnen gebruiken en waar we eerst een lange wandeling maken. 

Het is er prachtig. Door de vreemd-zachte winter bloeien de camelia’s en andere bloemen, het gras is Engels groen en we genieten alledrie op onze eigen manier van deze serene sfeer, die in niets lijkt op de verwachtingsvolle Kerstachtige drukte in de stad.

126

De tearoom is niet die we dachten, maar we drinken er toch iets fris en Lizzie doet zich tegoed aan een warme applecrumble met ijs, niet slecht voor een eenvoudige lunch. Dan gaan we een stuk wandelen, richting de Westkust. Als we een goed half uur gelopen hebben, zie ik een bordje naar een hotel en besef dat we precies op het midden van Guernsey zijn en helemaal niet binnen loopafstand van de Westkust. Sterker nog, we zijn op deze plek het verst van alle kusten verwijderd.  Dus gaan we naar een bushalte waarvan we denken dat de bus richting de stad komt. We hebben er een een half uur eerder zien rijden en omdat op Guernsey nergens bushokjes met dienstregelingen of busnummers te bekennen zijn, moeten we het op goed geluk doen en hopen dat er tussen nu en een half uur een bus komt. We vermoeden dat het de 67 zal zijn maar, zo geef ik aan de meisjes aan, elke bus gaat uiteindelijk naar het busstation.

We gaan op een muurtje in de zon zitten, bij een witte cottage, waar voor op de straat het woord “bus” gekalkt staat. Laura pakt een boek en gaat lezen, Lizzie en ik kijken wat rond. Een half uur verstrijkt. Een tweede half uur ook. En een deel van een derde. We lopen een paar bushaltes verder maar zien dat het weinig soelaas biedt, dus gaan weer terug omdat er bij het witte huisje wifi leek te zijn en we willen proberen iets van een dienstregeling op te zoeken. Inmiddels moet Laura erg nodig naar een toilet dus na wikken en wegen lopen we terug naar het Saumarez Park, waar we zeker weten dat er elk half uur een bus gaat, al dan niet rechtstreeks naar de stad.  

152

Het begint te regenen en Laura en Lizzie schieten een bloemenzaak in, vragen of ze mogen plassen. Er wordt door drie dames gewerkt aan allerlei kleurige Kerststukken. Ik vraag naar de buslijn en dan krijg ik het antwoord wat ik niet verwachtte…er is helemaal nog geen buslijn, ze hebben alleen de route alvast in orde gemaakt voor als het toeristenseizoen begint er er wel een bus gaat rijden. Geen wonder dat we uren hebben kunnen wachten zonder uitzicht! Een klein half uurtje later springt Laura bijna voor een aanrijdende bus die ons via de Westkust naar de stad brengt… waar alle kerstverlichting ondertussen is ontstoken en St Peter Port een feeëriek aanzicht geeft.

159

 Omdat het nog redelijk vroeg is, gaan we in een traditionele pub wat drinken en we hopen op iets eetbaars, maar verder dan een zakje chips komt de kroeg niet; het is tenslotte zondag en dan worden er na het middaguur geen maaltijden meer geserveerd.

Dan stelt Laura voor om op verschillende plekken wat te gebruiken zodat we uiteindelijk een hele maaltijd hebben. Een goed idee we bevinden ons na het eerste drankje in een roezemoezig Grand Café waar een Kerstreceptie is en waar de voorgerechten heerlijk zijn. Ons hoofdgerecht nuttigen we in een verlaten restaurantje waar de verse Guernsey krab legendarisch is en waar we alledrie iets anders bestellen, zodat we een uitgebreide schotel hebben. De koffie met een nagerechtje moeten we overslaan. We lopen terug langs de kade naar het hotel en gaan nog even langs de plek waar Lizzie en Laura met Gijs op de laatste avond van zijn vakantie vorig jaar, hebben gezeten. Het is donker en te laat realiseer ik me dat Lizzie stil maar hevig huilt. Ze mist hem zo……

In de hotelkamer is ze nog van streek en wil eigenlijk tijdens hoogwater terug naar dat plekje aan de kade. We zoeken de getijden op.. het is om twee uur vannacht hoog water. Ik beloof haar mijn wekker te zetten en met haar daar naar toe te gaan: dit is iets wat Lizzie moet kunnen doen.

Als een dief in de nacht, sluipen we met de sleutel het hotel uit. Het water is inderdaad erg hoog, halverwege de trap stroomt het langs onze voeten. De bootjes, die op een zij lagen dobberen nu rustig in het maanlicht op de golven.

006

We zitten er een half uurtje praten wat en zijn ook stil en dan gaan we terug naar het hotel dat op een lampje in de gang en onze slaapkamer, vrijwel helemaal donker is. Laura is half wakker en ik merk dat Lizzie rustig nu in slaap valt. Ik lig echter uren wakker en hoor hoe de wind aanwakkert….