Maandelijks archief: februari 2016

Eerste maand van het jaar..

De eerste maand van het nieuwe jaar is om gevlogen. Niet verwonderlijk, met een nest pups, met een toetsweek van Lizzie, de bul-uitreiking van Laura en een streep door verwachtingen en plannen vanwege plotselinge hondenzorgen. Islay, al ziek toen we nog op Herm waren, blijkt een vorm van lymfeklierkanker te hebben en daardoor stond ik voor een keuze die heel snel genomen moest worden en die maar twee kanten op kan: een hele akelige en een akelige. Vooral de consequenties van beide keuzes moesten goed bekeken worden: Islay moet nog zes jaar worden en haar binnen een korte tijd verliezen aan die sluipmoordenaar, die ik maar al te goed in de ogen heb moeten zien, was geen optie waarover ik te lang wilde nadenken. Islay onderwerpen aan een intensieve chemotherapie was de andere mogelijkheid. Alhoewel ik over deze mogelijkheid heel zorgvuldig werd geïnformeerd door haar behandelende artsen, was het toch ook een grens die ik moest overschrijden. 12 jaar geleden stonden Gijs en ik ook voor zo’n beslissing en het kwam niet in ons op om te kiezen voor een dusdanig ingrijpende behandeling bij een hond. De patiënt in kwestie werd zonder chemotherapie dubbel zo oud en stierf op de hoge leeftijd van 13 jaar en 10 maanden aan iets heel anders.

Maar ik zie geen andere mogelijkheid en de beslissing geef ik binnen 24 uur na de afschuwelijke diagnose door. Ondertussen staan mijn dagen niet alleen in het teken van Islay’s ziekte, maar ook van het bijvoeden van een pupje van Skye, dat een kwart van haar geboortegewicht verloor tijdens haar eerste levensdag en ze maar zo met mondjesmaat aankomt, dat ze een week later nog niet terug is naar haar oorspronkelijke gewicht. Ze rochelt en bij de dierenarts blijkt dat ze een longontsteking heeft, vermoedelijk omdat ze vruchtwater binnen heeft gehad tijdens de geboorte. Een kuurtje antibiotica en sondevoeding moet haar erover heen gaan helpen. De sondevoeding is op zich voor mij zelf gemakkelijker, het gaat veel sneller dan elke twee uur, ook in de nacht, de melk druppelsgewijs langs mijn vinger in haar bekje spuiten. Na vijf dagen krijgt de pup er een weerzin tegen, het slangetje wil ze niet meer inslikken en als ik bijna met de moed der wanhoop terug wil gaan naar het vingervoeden, verslikt ze zich ineens zodanig dat zowel Lizzie als ik vrezen dat ze er niet doorheen komt. De pup huilt van ongemak en lijkt helemaal slap te raken. Ik leg haar bij Skye aan en langzaam lijkt ze zich te herstellen. Maar als hetzelfde tafereel zich een dag later opnieuw afspeelt en de pup niet uit haar huilen en benauwdheid komt, weet ik ongezien wat ik moet doen. Met een goede kennis die een dorp verderop woont, ga ik onmiddellijk in de avond naar de dierenarts. Zo wil ik het weekend niet in. In de kliniek hoort de arts het gekrijt van het kleine hondje en ze is net zo accuraat als ik hoopte: de pup moet direct uit haar lijden verlost worden. Bij nader onderzoek blijkt dat ze een gat in haar verhemelte heeft dat dicht tegen de keelholte aanligt, zodanig dat ik het bij mijn inspectie na de geboorte niet gezien heb. Maar de dierenarts die haar eerder onderzocht ook niet. Het arme ding was niet meer te redden en ik voel me heel triest als ik bedenk dat ik haar lijden had kunnen voorkomen als ik meteen nadat ze zoveel was afgevallen aan de bel had getrokken.

Met al deze hondencomplicaties komt ook mijn kenneltoekomst in een ander daglicht te staan. Zou ik uit dit prachtige nest van Skye een teefje willen aanhouden om later mogelijk verder mee te gaan, nu met het verlies van een pup en voornamelijk vanwege de behandelingen van Islay is dat bijzonder onverstandig, zowel op financieel gebied als op het gebied van energie en mogelijkheden. Barra is nog maar een jonge hond van een half jaar, hij heeft aandacht en opvoeding nodig en Islay heeft heel veel aandacht nodig. Een pup in omstandigheden als dit aanhouden en opvoeden is onwenselijk. Met pijn in mijn hart neem ik afscheid van plannen. Het kost me enkele dagen om daarvan te recupereren en dan is Islay’s eerste behandeling al een feit.

Hoef ik niet meer elke twee uur een pup te voeden, nu moeten er elke vier uur tabletten worden toegediend. Hee, waar ken ik die routine toch van? Islay moet bij de andere honden wegblijven, dus ik ga met een bakje water en haar medicijnen  steeds naar het kraamkamertje, dat de pups inmiddels hebben verlaten en waar Islay nu haar stille strijd levert. 

Ondanks dat ik ’s nachts weer gewoon door kan slapen, word ik sinds een lange tijd geteisterd door zwarte, verdrietige dromen. Gijs komt vaker langs en laat een spoor van weemoed achter maar ook andere dierbaren uit mijn verleden lijken in de nachtelijke uren om de meeste tranen te vechten. Beklemmend en pijnlijk zijn de beelden waarmee ik in de ochtend wakker word en als er een moment is waarin ik om drie uur nog niet slaap nadat ik met een schok wakker werd door een nachtmerrie, weet ik dat het weer tijd is dat ik mezelf flink toespreek.

Ik analyseer het nieuwe verdriet. De beslissingen die ik heb moeten nemen in de afgelopen weken, van pupkopers tot dierenartsbezoek, tot het dilemma met Islay, hebben me teveel laten zien dat ik er op een bepaalde manier alleen voor sta. Veel lieve, belangrijke, dierbare mensen zijn er om me heen en houden me figuurlijk vast maar de uiteindelijke keuze ligt uitsluitend op mijn bord. 

Ik mis Gijs. De intimiteit van ons huwelijk waarin keuzes samen gemaakt werden. De serene donkerte van een slapeloze nacht waarin we tegen elkaar kropen en ik in het holletje van zijn arm een veilige plaats had om na te denken. We praatten dan zacht, legden elkaar onze standpunten uit. Gijs wees me rustig op de feiten die ik niet wilde zien en ik hielp hem af te stappen van de soms wel rechtlijnigheid van zijn ideeën. Dan ging een van ons op blote voeten naar de keuken om een glaasje wijn te halen als het een moeilijk vraagstuk was. Maar altijd waren we samen en kwamen we er ook samen uit.

Misschien zou de uitkomst in het geval van Islay dezelfde zijn geweest als Gijs nog had geleefd. Maar dan was het op een andere manier tot stand gekomen en die andere manier, die mis ik in alles.

Terugdenkend aan de beslotenheid van een relatie, aan de, zonder het te benoemen, vanzelfsprekendheid waarmee er samengeleefd wordt, zoek ik naar een vorm om dat  gemis om te zetten zodat het de basis kan vormen voor nieuwe gedachten. Het grote gemis ombuigen tot bodem. Alsof ik over de spijkers in de harde vloer loop, maar daar een zacht tapijt over wil uitrollen.

Ik kijk naar wat ik wel heb. Dat is eigenlijk de meest simpele manier van zelfherstel. Ik heb mijn prachtige dochters, die ik niet zou hebben als ik niet hun prachtige vaders zou hebben ontmoet. Sterker nog, als de moeizame scheiding van Laura’s vader niet had plaatsgevonden, had ik nooit het mooie mens Gijs leren kennen en was Lizzie niet de verrijking van ons leven geworden. Zo. Dat is een goede gedachte.

Vervolgens kijk ik naar alle vrienden om me heen. Die zijn in mijn leven gekomen doordat Gijs en ik waren wie we samen waren. En omdat we met de volle overtuiging ons leven hebben geleefd zoals we dat deden, met de honden, met ons werk, zijn de mensen die me nu geestelijk op de been houden niet meer weg te denken uit mijn huidige situatie. Dat is een volgende goede gedachte. Zo kom ik er wel. 

To be continued…

profielhart