Maandelijks archief: september 2016

28 september 2016

Maandagavond moest Lizzie werken, dus hebben we al om half vijf gegeten. Je kent me, ik hou niet zo van soep, maar Lizzie had daar trek in. Met tosti’s.  

Ik was onrustig want ik kon de uitslag van Barra’s heupfoto’s verwachten. Ik heb nog gekeken hoe laat die van Orla in de mail waren, eind Juli maar de tijd van 17.40 uur verstreek. Ik wist dat het ook een dag later binnen kon zijn. Toch heb ik om zes uur bij de Raad van Beheer ingelogd, ook al was er geen mail binnen. En kijk, daar waren de certificaten toch al… Met kloppend hart heb ik de eerste opgeslagen alvorens ik hem kon openen: de heupen. Lieverd, Barra heeft HD C! Dat is het gunstigste wat we kunnen krijgen met zijn gehavende heupje. Ik ben blij! Ik moest het iemand vertellen, dus heb maar wat berichtjes rondgestuurd naar vriendinnetjes. Waar ben je nu? Ik had je willen bellen als je op je werk was… of je willen roepen als je in de schuur bezig was. “Gijs!!” Barra heeft een C gekregen!

Barra begreep het, hij ging meteen onder de staart van zijn moeder, klappertanden en kijk, hij wilde zelfs Grote Jongens Spelletjes doen… Iona was daar niet van gediend natuurlijk. Mafkees, die zoon van haar. Voor de zekerheid toch maar even een doekje langs haar staart gehaald. 

Barra is niet gek. Zijn moeder is loops. Weet je nog, de intense zenuwen die we voelden, de allereerste keer dat ik “het”bij Skye zag? Diezelfde zenuwenprikkels gleden me nu weer langs de rug. En weer ben je er niet om je terug te bellen op je werk: “Nog even met mij, lief… Iona is loops. Over twee weken moeten we naar Engeland..” Nee, ik kan het allemaal zelf gaan bedenken en je bent te ver weg.

Ik laat je een paar foto’s zien van Iona, zoals ze nu is. Je ziet, ze straalt. Ze zijn altijd zo mooi als ze loops zijn. Heel natuurlijk, natuurlijk, ze moeten hun vriendjes met hun glanzende vacht en heldere ogen versieren…. jammer dat ik haar niet dit weekend voor Zwolle heb ingeschreven.

21-septiona1 dscn4292bew dscn4362bew

Vannacht droomde ik dat we samen ergens op een terrasje zaten. Je was niet ziek. Je was zelfs nog niet helemaal grijs. Je kneep je ogen dicht tegen de zon en je zag er zo onweerstaanbaar uit, zo jong, vol levenslust en zo dierbaar. Ik pakte je hand en zei dat ik weer verliefd op je was. Je lachte. Zoals jij lachte. Toen werden we geroepen en moesten we door een vreemde stad achter elkaar door nauwe straatjes naar iets op zoek. Ik werd wakker, half huilend half blij dat ik je gezien had.

Nadat ik in slaap sukkelde -het was pas half vijf en ik had nog tot zeven uur voordat Lizzie wakker moest worden- leek het alsof de droom verder ging, want je zag er nog steeds zo knap en jong uit en ik voelde me nog steeds zo blij als ik naar je keek. Ik denk dat ik onwillekeurig dat gevoel wilde vasthouden en dat daarom mijn bewustzijn half in een droom zakte. Maar even later kon ik je niet meer vinden en zat ik in een klein kamertje tussen allerlei koffers. Laura en mijn vriendin F. kwamen de kamer binnen en vertelden me dat ik verder moest… Ik heb je niet meer terug gevonden.

Bleef toch hangen, die droom. Hoe fijn het ook is om in de nacht verliefd op je te zijn… de dag is kil als ik wakker ben. 

verjaardag16

23 september 2016.

Slechts een datum. Jouw jaardag. Het was warm, 61 jaar geleden, toen je geboren werd, vertelde je moeder. Het is vandaag ook warm, men spreekt van “extreem” warm.

27sept8

Je dochter werkt. Ze begint al om 9 uur in de ochtend en heeft er dan een uur fietsen opzitten, niet anders dan toen ze nog naar school ging. Ze maakt lange dagen, ze moet veel doen voor haar centjes. Maar daarmee kan ze sparen voor volgend jaar wanneer ze gaat studeren. Van haar eerste salaris wil ze duiklessen gaan nemen. Ja, lieverd, je hoort het goed. Dat wat jij wilde gaan doen van je pensioen, doet je dochter van haar eerste salaris. Jouw droom volgt zij.

 Je bijdochter werkt ook. Hard. Ze is een volwassen vrouw die niet meer lijkt op het meisje dat zich achter me verschool toen ze je voor het eerst ontmoette. Jullie hebben meer gemeen dan je zo op het eerste oog zou zeggen. Het liefdevolle zorgen voor mensen met een beperking is een van die raakvlakken. En ergens is er toch ook een kleine vorm van charmante koppigheid die ik in jullie beiden zie. Of is het toch die klapvoet? 

Ik ga vandaag met jouw hond, ja, zo blijf ik hem noemen, mijn lieveling, jouw hond, naar een dierenarts in Putten. Om zijn heupen nog eens op de foto te zetten, maar nu “ff serieus”zoals jij zou zeggen. Dan ga ik naar Blaricum om daar bij onze vriendinnen te logeren zodat we morgen naar Maastricht kunnen. Want ik wil proberen jouw hondje nog Kampioen te maken, voordat hij anderhalf is. Je ziet, mijn ambitie is niet verdwenen, sinds jij er niet meer bent. Het is zelfs nog sterker geworden. Alsof ik alles nu moet doen, ik weet immers dat later te laat is.  

De glans in mijn dagelijkse bestaan is wel verdwenen. Dat klinkt dramatisch. dat is het ook. Jij zou het misschien wat te dramatisch vinden, maar ja, jij bent je geliefde ook niet verloren aan de dood. 

En, ondanks dat ik tegenwoordig veel weg ben, veel dingen doe die ik niet deed toen jij er was (zoals op een zondagmiddag spontaan met de meisjes naar de film; Bridget Jones Baby moesten we zien…)  is jouw afwezigheid een voortdurende, zeurende pijn. Het lijkt op een blootliggende zenuw van een kies, waar je met je tong tegenaan drukt zodat je het minder voelt. Je kent die pijn wel, ik heb je er zelfs een keer een kruidnagel in jenever voor gegeven, als huismiddeltje. Je bent niet naar de tandarts gegaan. De pijn ebde weg. Misschien gaat dat toch ook wel eens gebeuren, maar kruidnagels en jenever helpen me niet.

Ik ga je foto’s laten zien van wat we doen en waar we geweest zijn.Van hoe het nu is, zonder jou.  Ik ga je schrijven, misschien helpt me dat. Of moet ik naar zo’n groep van lotgenoten? Voorlopig probeer ik het nog op deze manier. Dan blijf je nog even bij me.

dscn4033