Maart 2019, zes jaar later…

Zes jaar terug veranderde ons leven van een de ene op de andere dag in een situatie waar een boek over geschreven kon worden.. (En dat heb ik ook gedaan, Vallend Voordoek kwam drie jaar later uit) en waar deze blog mee startte. Ons leven, dat op een wrede manier voor altijd zou veranderen door: “Tot de dood ons scheidt.”

In die periode schreef ik regelmatig over het gevoel dat er een sluier over alles was gegooid, die, alhoewel transparant, ons hele doen en later kleurde. De lente kwam en we zagen het allemaal met minder sprankeling, minder helder blauw, groen, geel. Zelfs onze opgroeiende Lizzie, die haar jongemeisjesleven zoveel mogelijk met lach en traan beleefde, werd erdoor omfloerst. Want de sluier van doodsangst lag over ons. Later werd het steeds fijnmaziger, steeds ondoorzichtiger totdat het in de winter van 2014 als een zware mantel van zorg over mijn schouders was gehangen en er niet werd afgehaald nadat Gijs zijn helletocht had gemaakt en zijn rust vond. De sluier was nog steeds ondoorgrondelijk donker. Er was een kind te helpen “beter” te worden van haar trauma’s en verdriet. Er was een huis te redden. Er was te vechten voor een bestaan zonder mijn betere helft. Heel af en toe leek de zware stof een spoortje licht door te laten. Maar zodra ik meer licht wilde zien, meer zuurstof wilde krijgen, werd het onmiddellijk met een ruk om me heen getrokken.

Daardoor werd ik zelf donker. Mijn innerlijk was in het weefsel verstrikt geraakt. Ik kon alles aan zonder iets te voelen. Angsten waren er niet meer, lachen deed ik door het zware kantwerk heen. Mijn zintuigen vielen langzaam stil. Ik voelde weinig. Ik rook parfum maar het deed niets voor me, ik zag de helderheid van het leven minder, ik proefde mooie smaken maar er was geen nasmaak, tenzij het bitter was. Ik hoorde muziek maar behalve tranen raakte het me weinig. En alhoewel er zonnige zomers kwamen, vriendschappen ontstonden, nieuwe levens werden geboren, vakanties werden gevierd, waren die momenten slechts de mazen in de sluier, die me erop wezen op hoe goed het buiten was voordat de lap over ons heen was geslagen.

Verstikking kan op allerlei wijzen gebeuren. Het dreigde en kwam steeds dichterbij. Ik had door de jaren heen niet voldoende lucht gevoeld om te overleven. Steeds was het “net genoeg,” de vriendschappen, de zomers, de grote en kleine belevenissen. Tot het moment dat het werkelijk allemaal zwart werd en ik alleen nog maar kon worstelen voor wat lucht. De sluier was een zware deken geworden. Die ik niet meer van me af kon slaan.

  • Als kindje van drie woonde ik met mijn ouders in een dorpje aan de Lek. Ons huis was omrand door velden en slootjes. Op een ochtend liep de buurman langs zijn weiland en zag een klein, geel bekertje aan de oppervlakte van het water van een van die vaartjes, boven en onder gaan. Hij bukte zich om het te pakken en bemerkte toen dat het bekertje in een handje geklemd zat. Hij is eraan gaan trekken en zo heeft hij mijn leven gered. Ik was onder water en zou verdronken zijn geweest als hij niet langs zijn weiland was gelopen en een geel bekertje zag .

Van onder de deken hield ik -net als toen ik onder water was – een hand omhoog. Ik was aan het verstikken. Een opeenvolging van situaties maakten dat aan mijn hand werd getrokken en ik naar adem snakkend aan de oppervlakte kwam.

De deken werd ontmanteld. Het werd langzaam aan een lichter weefsel. Ik kon door de gaten kijken. De gaten werden mazen en de mazen werden steeds verder opengewerkt, zodat er weer een kantpatroon ontstond.

Maart 2019, zes jaar later. Bij de eerste zon zit ik buiten en voel de warmte op mijn gezicht. Ik hoor muziek, zing mee, dans mee en draag de melodie in me mee. Ik doe elke dag een vleugje parfum op omdat ik me erdoor omgeven wil voelen. Ik zie een paar knalgele narcisjes met heldergroene blaadjes boven het aardebruin van de modder steken. Er staan vriendschappen, lange zomers, nieuw leven voor de deur om me mee te nemen naar een volgende tijd. Ik kan zo nu en dan tot in het diepst van mijn ziel weer blij zijn. En alhoewel de sluier misschien nooit volledig opgelost zal worden, heb ik geaccepteerd dat ze er is. En dat ze met haar kantwerk een grijze dag mooi kan maken en een mooie dag in schoonheid kan versterken.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *