Dag 29. 20 juli. Eindkeuring, Shinty Field, Cannich.

Tussen alle exposanten en bezoekers door probeerde ik de man met de hond te vinden en uiteindelijk waren ze niet meer bij de ring, maar stond hij in de rij te wachten bij het podium voor een foto. Nadat ik zonder enige gene op iedereen was afgestapt die ik voor mijn onderzoek nodig had, vond ik dit op de een of andere manier lastiger. Maar de hond hielp me door enthousiast naar me te kwispelen toen ik langs liep. Ik vroeg of ik hem mocht aaien en de man knikte vriendelijk. Zoals ik verwachtte brak dat onmiddellijk het ijs. De hondenmensen, hoe gesloten binnen hun wereldje ze ook leken, kwamen los zodra je over hun geliefde viervoeter begon en ik zei hem dat ik hem al in de ring had bewonderd. En dat zijn naam me was opgevallen in de catalogus. Omdat ik voor mijn werk op zoek was geweest naar de familie Lockhart uit deze streek. Hij trok even een wenkbrauw op. “Ik kom zo wel even bij je, ik moet nu Larry neerzetten.” Hij was inderdaad aan de beurt voor de foto en ik bleef even staan kijken hoe hij de hond neerzette. Een pootje iets meer naar achter, zijn hoofd iets geheven en zijn staart zo recht mogelijk. De foto werd professioneel en snel gemaakt. De hond sprong van de verhoging af en we liepen naar de reuen-ring waar hij in een rennetje werd gezet en ging liggen op een kleed. Zijn baas klapte een extra stoeltje uit en bood me een blikje Irn Bru aan. “Noem me maar Donald. Tja, de familie Lockhart. De kant waar ik uit kom is eigenlijk erg klein. Ik heb begrepen dat mijn overgrootouders na de geboorte van hun tweeling een van de twee hebben laten adopteren en dat ze vanwege de Clearances verhuisd zijn naar Lanarkshire. Mijn opa is daar geboren en is vlak voor de oorlog omgekomen. Mijn moeder is pas na zijn dood geboren en ik ben alleen door haar opgevoed. Ze is eigenlijk vrijwel altijd alleen geweest. Er was wel een tijdje een vriend in ons leven, maar het boterde uiteindelijk niet zo tussen hen.” Hij vertelde dingen die ik wel al wist, maar vulde mijn kennis ook aan door te vertellen dat hij na de drie jaar die hij in Carluke op school had gezeten, met zijn moeder naar Engeland verhuisd was. “Mijn oma Phoebe was toen overleden en mijn moeder wilde weg uit haar oude leven. Dus we zijn naar het Lake District gegaan, waar ik de rest van mijn lagere schooltijd heb afgemaakt. Daarna ben ik naar de universiteit van York gegaan en heb Engels gestudeerd. Sinds een paar jaar ben ik weer terug in Kendal.” Ik gaf aan dat het inderdaad wel wist van zijn opa en oma door mijn onderzoek en ook dat hij in Carluke bij Mick in de klas had gezeten. Zijn gezicht lichtte op toen ik dat vertelde. “Dat was een fijne man, ik heb het in die tijd op school erg naar mijn zin gehad. Wat mooi dat hij je wilde helpen, maar ook precies zoals ik hem herinner; behulpzaam, joviaal en ook al waren wij soms behoorlijke rotzakjes, hij hield ons er met respect en vooral een consequente aanpak goed onder.”

Ondertussen was de open klasse begonnen. Dat betekende dat het grootste deel van de honden gezien was en het niet lang meer zou duren eer de eindkeuringen begonnen waarbij alle honden die in hun klasse eerste waren geworden, nu tegen elkaar zouden uitkomen. Ik zag Don bezig met van alles want de beide ringen werden samen gevoegd. Ik wees naar hem: “Kijk, dat is Don Lockhart waar ik in de eerste instantie naar op zoek was. Hij is een van de twee rechtstreekse achterkleinzoons van jouw overgroot-oom.” Hij lachte even. “Wat is de familie origineel met roepnamen geweest! In ieder geval is het erg interessant allemaal. Ik heb dan toch nog een stukje familie en dat hier op de Guisachan Gathering kampioenschapsclubmatch.” Ik had nog wel wat langer met hem willen praten, maar ik merkte dat hij over mijn schouder toch graag de keuring van de open klasse wilde volgen en ik had gezien dat het bijna tijd was voor mijn interview met Jack. Zoals alle mensen die ik tijdens mijn weken hier was tegen gekomen gaf hij aan dat ik hem altijd kon opzoeken als ik meer wilde weten. Zijn adres stond in de catalogus en daar schreef hij zijn telefoonnummer bij. Ik vroeg me af of hij kennis wilde maken met Don maar dat was eigenlijk niet mijn zaak dus ik aaide Larry en bedankte hem hartelijk voor zijn informatie.

Het interview met Jack ging gemakkelijk. Ondanks dat hij een gesloten mens leek, kon hij enthousiast vertellen en hij was in alle opzichten de gedistingeerde landheer. Hij had Guisachan nog maar kort in eigen beheer van de trust, maar hij begreep hoe belangrijk het landgoed was voor velen over de hele wereld. Financieel zou het onmogelijk zijn om het “Huis” in volledige glorie te herstellen daarom was zijn eerste doel nu om verder verval tegen te gaan en wanneer de fondsen daarvoor toereikend zouden zijn, zou als eerste met veel voorzichtigheid de begroeiing binnenin de ruïne verwijderd gaan worden. Dat waren inmiddels volwassen bomen, die met hun wortels het gebouw dusdanig ondermijnden dat er instortingsgevaar dreigde. Daarna zou het gebouw op een bepaalde manier gestut en beveiligd kunnen worden. Aan het einde van ons gesprek vroeg ik hem of hij na deze week zelf van plan was een Golden Retriever te nemen. Hij lachte beleefd. “Daar is momenteel in mijn leven nog geen plaats voor, maar ik ben het ras wel bijzonder gaan waarderen, dus wie weet..” Er waren mensen die hem hadden gezien en graag met hem op de foto wilde, er werd hem een pup in de armen gedrukt en ik beloofde hem om het interview uit te werken en het hem eerst te laten lezen voordat ik het naar de Gazette op zou sturen. Op het terrein waren de eindkeuringen in volle gang, beste pup teef tegen beste pup reu, beste jeugdhond, beste veteraan. Daarna kwamen alle klasse-winnaars van de teven bij elkaar. Ik merkte dat de spanning langs de ring opliep, er zat nu vrijwel niemand meer in de tentjes en mensen stonden in rijen dik te kijken wat er ging gebeuren. Een luid applaus ging op voor het teefje dat het beste van de dag werd. Er werd een enorme rozet uitgereikt en foto’s gemaakt. Daarna leek de spanning zo mogelijk nog meer te stijgen, want het was het moment waarop de beste reu werd uitgekozen. Opnieuw kwamen alle klassenwinnaars de ring in. Don stond ineens achter me. “Dit zijn de uitmuntende vertegenwoordigers van ons mooie ras.” zei hij en ik zag inderdaad een aantal honden staan die ik erg mooi vond. Er vielen een paar af en er bleven een paar staan. Het werd uiteindelijk de Nederlandse veteraan. Die moest tenslotte tegen het beste teefje. De beide keurmeesters bekeken de twee honden nog eens grondig, onder applaus liepen ze een ronde door de ring en toen draaide de hoofdkeurmeester zich om naar het publiek en vertelde dat ze heel blij was dat ze de in haar ogen mooiste hond van de dag had gekozen, om zijn geweldige kwaliteit en wat hij voor het ras over de hele wereld betekende vanwege zijn kampioenwaardige nageslacht. Ze koos voor de veteraan. Ik was verbaasd, want dat was de hond van de Nederlandse vrouw. Die sprong letterlijk een gat in de lucht, knuffelde haar winnaar en begon zo hard te huilen dat de keurmeester haar moest troosten en vroeg of het wel met haar ging. Er werd opnieuw luid geklapt, er kwamen ereprijzen, de enorme rozet, de fotograaf en het was een heel spektakel. “Ben je trots, een landgenote die hier wint?” vroeg Don in mijn oor. “Eerlijk gezegd snap ik het niet zo goed, maar ik ben natuurlijk een leek. Als ik denk aan een Golden Retriever dan zie ik toch een andere hond voor me. Meer zoals Larry van Donald.” Don lachte. “Dat kan natuurlijk. Deze hond is een beroemde multi kampioen, in die zin dus heel welverdiend en dit is de kroon op haar werk met hem.” “Was het de hond die je dacht dat zou gaan winnen?” vroeg ik nieuwsgierig. Don knikte. “Ja, daarom verbaasde het me niet. Maar het is haar gegund. Ze is in ieder geval door het dolle heen!” We zagen hoe de vrouw geknuffeld werd door de mensen die bij haar hoorden en ook de keurmeester gaf haar nog een innige omhelzing. Het was leuk om te zien hoe blij de vrouw was. De voorzitter bedankte iedereen voor hun aanwezigheid en sloot de week af met veel lovende woorden. De Guisachan Gathering 2018 was een succesvol evenement geweest waar veel mensen jarenlang met plezier op zouden terugkijken. Hij noemde nog een laatste keer Lord Tweedmouth die het ras zo had ontwikkeld, dat er nu zoveel mensen een heerlijke hondenvriend hadden en hij wenste iedereen een veilige terugkeer naar huis. Om ons heen begonnen mensen weg te lopen, tentjes werden afgebroken en honden in auto’s gezet. Don had me gevraagd of ik bij het etentje met de organisatie wilde zijn, maar ik sloeg het af. Ik wilde naar de cottage om het interview uit te werken. Hij zou morgen naar Birmingham gaan en we spraken af dat we elkaar nog zouden treffen als afscheid, voordat ik terug naar Amsterdam zou gaan. “Donald heeft me net aangesproken. Hij is met zijn hond nog een paar dagen hier op vakantie, dus we gaan een avond de pub van mijn ouders onveilig maken. Misschien is het leuk als je er bij bent? Dan vraag ik Pat ook, kun je daar ook meteen afscheid van nemen.” Het voelde naar. Ik wilde helemaal geen afscheid nemen. Maar het was zoals het was. Ik omhelsde hem, hij beloofde me te bellen na het gesprek morgen en ik liep met lood in mijn schoenen het terrein af.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *